Maandans

Maandans

It's a marvelous night for a moondance!

Meningen over actuele gebeurtenissen. Of oude teksten "revisited". Startend vanuit een persoonlijke nood om gehoord/gelezen te worden. Een beetje pretentieus, misschien, in de hoop zo een discussie aan te zwengelen. Of toch op zijn minst tot nadenken te stemmen. Leuk tijdverdrijf mag ook, natuurlijk. O ja, de naam "Maandans" is de letterlijke vertaling van "Moondance", een management-boekingkantoor voor jonge Belgische rockbands dat ik eind jaren tachtig had, maar vooral: een heerlijk swingend nummer van een toen nog piepjonge Van Morrison, één van mijn favoriete artiesten. Kom ook eens langs op Twitter: @FrankVanLaeken of op mijn website: www.frankvanlaeken.eu

Een kwestie van beschaving

SamenlevingGeplaatst door Frank Van Laeken zo, januari 28, 2018 13:06:40

Stel: u woont in een dichtbevolkte middenklasse-wijk, volgebouwd met voorspelbare, saaie huizen, waar de inwoners weinig contact met elkaar hebben (ik weet het, u woont natuurlijk in een chique villa aan de rand van de stad, maar stél!). Op zekere avond ziet u een dikke rookpluim opstijgen op zo'n tweehonderd meter van u, laten we zeggen: dertig huizen verderop. Brand! Wat doet u? Denkt u: iemand zal de brandweer al wel gebeld hebben? De buren zullen wel te hulp snellen? (O ja, dat zijn die vreemde snuiters die met iedereen ruzie maken...) Belt u voor alle zekerheid toch maar de brandweer, met de gedachte: liever tien mensen die tegelijkertijd bellen, dan niemand? Of gaat u ter plekke een kijkje nemen, misschien kunt u wel helpen? Oei, bent u de enige die reageert en blijft de rest lekker warm binnen, spiedend door een spleet in het gordijn?

Stel nu (ja, ik stel uw verbeeldingsvermogen op de proef, maar stél!) dat de inwoners van het brandende huis op het nippertje gered worden, maar dat het huis onbewoonbaar wordt verklaard. Te groot risico dat het vuur opnieuw aangewakkerd wordt. Ruiten kapot gesprongen en het is putje winter. Dak ingestort. Dat soort dingen. U bent de enige die er staat en u heeft ook het grootste huis van de omgeving, de kinderen zijn de deur uit en u bent sociaalvoelend. Nodigt u hen uit om tijdelijk bij u te verblijven? Of stelt u dekens en kleren ter beschikking, die ze mogen meenemen naar het ziekenhuis of een hotel in het centrum? Vergeet niet, u bent de enige die zich spontaan heeft aangeboden.

Stel vervolgens (oké, het wordt vervelend, maar stél!) dat een paar maanden later in het huis ernaast brand uitbreekt - toeval bestaat! - en u alweer de eerste bent die het opmerkt. Herhaalt het scenario zich, of denkt u: iemand anders moet nu maar in de bres springen? Plausibel, maar het gebeurt niet? Snelt u alsnog uit uw luie zetel - Netflix-feuilleton op pauze - naar de hulpbehoevende, ietwat verre buren?

***

Dat is, in essentie, het vluchtelingendebat: wíllen we helpen of niet? Het is iets principieels. Zien we de noden van de verre buren of niet? Vinden we hun dramatische belevenissen ernstig genoeg om er aandacht aan te besteden of niet? En, neen, we kunnen niet iedereen tegelijk helpen. We kunnen zelfs niet iedereen individueel en apart helpen. We moeten knopen doorhakken: wie heeft dringende hulp nodig, wie kan nog even wachten? Máár: we kunnen wel helpen. Of een poging daartoe doen. Als we het tenminste willen.

***

De voorzitter van de grootste partij van Vlaanderen schrijft dat links moet kiezen tussen open grenzen en een goed werkende sociale zekerheid.

De voorzitter heeft gelijk. We moeten kiezen.

De voorzitter heeft ongelijk. Het gaat niet om een keuze tussen open grenzen en het vrijwaren van onze sociale zekerheid. De keuzemogelijkheden zijn: willen we helpen of niet? Of staren we naar onze eigen navel en voeren we een vals debat. We hoeven geen 37 miljoen Sudanezen op te vangen. Zelfs geen miljoen. Niet eens honderdduizend. En die open grenzen worden door niemand bepleit. Partijstandpunten variëren tussen volledig gesloten grenzen en gedeeltelijk open grenzen. Honderd procent open grenzen kunnen wij als samenleving niet aan, noch economisch, noch politiek, noch menselijk. En, ja, dit is een kwestie die Europees moet worden aangepakt, maar als de Europese Unie niet tot een eendrachtig standpunt komt vanwege het - laten we het zeggen zoals het is - plat xenofobisch populisme van sommige lidstaten (niet wij, voor alle duidelijkheid), dan vervalt de morele plicht om te helpen niet. Zullen we dan alle Sudanezen maar laten creperen, omdat we een aantal onder hen niet kunnen of willen opvangen? Kijk naar het brandende huis van de verre buren. Is dat beschaafd? Beantwoordt dat aan de te pas en te onpas in het migratiedebat gesleurde Verlichting, waar we zo mee pronken als het ons uitkomt? Of zijn we dan, domweg, egoïsten?

***

De burgemeester van de grootste stad van Vlaanderen zegt dat de feitelijke apartheid in zijn stad met 175 nationaliteiten hand over hand toeneemt.

De burgemeester heeft gelijk. Er staan figuurlijke muren tussen de gemeenschappen.

De burgemeester zegt dat het stadsbestuur moet proberen "een platform van burgers te creëren waar mensen elkaar nog kunnen herkennen als speler van dezelfde ploeg." De waarden van de Verlichting - daar is ze weer! - moet daarbij als kompas dienen. Wat mij dan bijzonder bevreemdt is dat de burgemeester de straathoekwerkers naar de uitgang heeft begeleid en dat zijn partijgenote in de Vlaamse regering het Agentschap voor Inburgering en Integratie afbouwt, net die mensen en die instelling die een cruciale rol kunnen spelen.

Die 174 andere nationaliteiten komen allemaal met een rugzak aan ervaringen, vaak negatieve, naar hier. Ze hebben een bepaald mensbeeld meegekregen, niet zelden is de vrouw daarbij ondergeschikt. Er lopen religieuze fanatici rond, die de scheiding van Kerk en Staat baarlijke nonsens vinden. Ondertussen zitten we aan de derde, de vierde en de vijfde generatie, die ook hier geboren zijn, maar er niet bij horen, er niet mogen bij horen of er niet willen bij horen. Als ik om de veertien dagen op de tribune van mijn favoriete voetbalclub plaatsneem, zie ik daar alleen witte gezichten, en dan nog voornamelijk mannen. Op weg naar het stadion zie ik heel veel bruine gezichten, maar die gaan niet naar hetzelfde stadion: zij kijken liever via de schotelantenne naar Galatasaray of Raja Casablanca. Voelen ze zich niet welkom (kan zijn)? Of interesseert hun nabije sportclub hen niet (kan ook)? Er zijn uitzonderingen, foto's en getuigenissen bewijzen het, maar buurtfeesten zijn al te vaak monocultureel. Worden de anderen niet uitgenodigd (kan zijn) of interesseert het hen niet (kan ook)?

Integreren is een werkwoord: het moet van twee kanten komen. Van de nieuwkomer en van diegene die er al woont. Vorige stadsbesturen hebben dit probleem een halve eeuw onder de mat geveegd, vanaf de komst van de 'gastarbeiders', die vacatures kwamen invullen of jobs kwamen doen waarvoor autochtonen de neus ophaalden. Daarin heeft de burgemeester eveneens gelijk. Het probleem ís er en het is niet zíjn schuld. Maar hij moet er wel zelf iets aan willen doen. En uit de dagelijkse praktijk blijkt doorgaans het tegendeel. Verbinden is ook een werkwoord.

***

Stel (ja, daar ben ik weer, nog eentje, dus: stél!) dat er al voor de vijfde keer op korte tijd brand uitbreekt in diezelfde straat op loopafstand van uw eigen woonst. Weer dezelfde vaststelling: u bent de eerste, of de enige, die het ziet of wil zien. Haakt u af of zet u opnieuw die geweldige Netflix-serie stil? Hoe beschaafd zijn wij eigenlijk? En hoeveel empathie kunnen we opbrengen? Is empathie zoiets als een vat dat ooit leeg zal zijn? Het is een kwestie van beschaving. "De droevige waarheid is dat het meeste kwaad wordt berokkend door mensen die niet kunnen kiezen tussen goed en kwaad." Een uitspraak van Hannah Arendt, van wie de woorden deze week uit de context werden getrokken, in naam van een Verlichting.



  • Reacties(0)

Fill in only if you are not real





De volgende XHTML tags zijn toegestaan: <b>, <br/>, <em>, <i>, <strong>, <u>. CSS styles en Javascript zijn niet toegestaan.