Maandans

Maandans

It's a marvelous night for a moondance!

Meningen over actuele gebeurtenissen. Of oude teksten "revisited". Startend vanuit een persoonlijke nood om gehoord/gelezen te worden. Een beetje pretentieus, misschien, in de hoop zo een discussie aan te zwengelen. Of toch op zijn minst tot nadenken te stemmen. Leuk tijdverdrijf mag ook, natuurlijk. O ja, de naam "Maandans" is de letterlijke vertaling van "Moondance", een management-boekingkantoor voor jonge Belgische rockbands dat ik eind jaren tachtig had, maar vooral: een heerlijk swingend nummer van een toen nog piepjonge Van Morrison, één van mijn favoriete artiesten. Kom ook eens langs op Twitter: @FrankVanLaeken of op mijn website: www.frankvanlaeken.eu

Volksvijand nummer 1: het volk

PolitiekGeplaatst door Frank Van Laeken za, april 22, 2017 13:37:44

Vergeet de tegenstelling links-rechts. Of beter: vergeet ze niet, parkeer ze even langs de kant van de weg, u mag zelf bepalen of het de linker- dan wel de rechterzijde van de politieke straat wordt. Vergeet, in België, ook even de tegenstelling Vlaanderen-Wallonië, ook al valt er op basis van talloze feiten te concluderen dat dit een tweesporenland is. De schisma's van vandaag hebben weinig te maken met ideologie en dat is waar ideologen, sociologen, culturologen, politicologen en allerlei andere -logen zich voortdurend op miskijken. Ze proberen verkiezingsuitslagen en polls te verklaren aan de hand van inhoud en concrete gebeurtenissen, en daar gaat het nauwelijks nog over.

***

Enter: het schisma steden versus platteland. De kloof tussen burgers die leven in (middelgrote tot grote) steden en burgers die wonen op wat gemakshalve als 'de buiten' wordt aangeduid, wordt steeds groter. Zie: brexit, presidentsverkiezingen in Amerika, referendum in Turkije. In de steden werd doorgaans gestemd op basis van redelijkheid, op het platteland telde het buikgevoel. (Ik vat het even kort door de bocht en arrogant samen.) Dus stemden mensen die niet in de steden woonden extreem conservatief: tegen het lidmaatschap van de Europese Unie, tegen het 'establishment' (wat dat verder ook moge betekenen, met een presidentskandidaat die stinkend rijk was en zich fiscaal inciviek gedroeg), tegen democratische verworvenheden. Maar wel vóór isolationisme, protectionisme en een dictatoriaal leiderschap, hoe contradictorisch dat ook mag lijken en klinken in een wereld die steeds kleiner lijkt te komen.

Kiezers op het platteland kiezen liever voor wat ze in het verleden kenden en waar ze een vaak vals nostalgisch gevoel aan overhielden, dan dat ze een blik in de toekomst werpen. Liever een sterk leiderschap dan twijfel. Liever luide roepers dan stille werkers. Liever doeners dan denkers. Politieke ideeën worden bedisseld in machtscentra, niet bij hen in de buurt, op de buiten. Misschien moeten we hen voortaan wel buitenlanders noemen. Dat schept een band met andere uitgeslotenen.

***

Interludium. In Vlaanderen speelt die tegenstelling steden-platteland minder, vanwege twee redenen: stedelingen werden in een niet zo ver verleden naar het platteland gejaagd (daarbij geholpen door een gebrek aan ruimtelijke ordening) en brachten hun stedelijke mentaliteit mee, én de aloude verzuiling. Zeg maar: de CVP-staat, die mensen van de wieg tot het graf aan zich probeerde te binden en daar meer dan veertig jaar vlekkeloos in slaagde. Dus wordt er bij ons op het platteland voorlopig nog minder extreem gestemd dan elders in de wereld.

Ik ben geboren in Merksem, toen nog een gemeente die apart van Antwerpen functioneerde, maar woon al zesentwintig jaar in het Pajottenland. Op de buiten. In de vorige gemeente waar we resideerden kwam er op zeker moment een houten barak op een kleine parking naast ons huis te staan. Een frituur, zo bleek. Zonder vergunning. Zonder de buurt te consulteren. Zonder toestemming te vragen. Na de eerste avond dat het ding open was, vonden we een halve curryworst in de brievenbus. Er piste al eens een zatlap tegen de zijgevel. Auto's stationeerden voor onze garage en als je in het frietkot aanschuivende chauffeurs daarop attent maakte, bekeken ze je vies en maakten ze pas na drie — steeds minder beleefd wordende — aanmaningen aanstalten om hun auto vijf meter te verplaatsen. Maar de burgemeester, al jaren aan het hoofd van een volstrekte meerderheid (en twintig jaar later nog altijd), greep niet in en probeerde te verzoenen, onder het motto: iedere kiezer is er één. "Och, ge kunt toch niets hebben tegen een kleine, lokale zelfstandige die een frituur wil beginnen?" Nee, maar je kunt wel iets hebben tegen mensen die zonder toestemming overlast beginnen te veroorzaken. Dan maar een brief gestuurd naar de nationale voorzitter van die partij, die — o voorspelbaarheid — aanraadde om de zaak uit te praten met... de burgemeester. Kastje. Muur. Dat is Vlaanderen ten voeten uit: dienstbetoon voorop, iedereen proberen tevreden te houden, maar als het moet toch de kant kiezen van een plaatselijke neringdoener en de inwijkeling op zijn plaats te zetten. Ik voelde me toen als een migrant: assimileren zult gij, inclusief het aanvaarden van pesterijtjes en corruptie op lokale schaal. Onze waarden en normen en zo. Wat ik wil zeggen: de mentaliteit tussen stedelingen en buitenmensen verschilt enorm. En zal dat ook blijven doen, hoeveel stedelingen ook migreren naar de buiten. Of omgekeerd, al gebeurt dat zelden.

***

Enter: het schisma jong versus oud. Opnieuw: dat nostalgisch stemgedrag. Met oogkleppen terugkijken op hoe het vroeger was. Ouderen zijn al snel geneigd om 'Vroeger was het beter' te zeggen, waarbij ze al wat fout liep met de mantel der vergane liefde bedekken. Jongeren krijsen 'Nu is het aan ons!' en dat schrikt die ouderen dan weer af. De tijd dat jongeren aan tafel hun mond moesten houden en vooral geen dwarse standpunten mochten innemen, ligt al een poos achter ons, maar heel wat ouderen kijken daar met enige nostalgische verlangens op terug. Die goede ouwe tijd, de tijd van toen, toen ze het nog voor het zeggen hadden. Groot-Brittannië uit de Europese Unie stemmen is als een oude ezel die met zijn allerlaatste krachten de jonge ezel een stamp geeft, om hem op afstand te houden en een levenslesje te leren. Hé, ik ben er nog. En ge zult naar mij luisteren!

***

Enter: het schisma elite versus plebs. U moet vandaag het interview met Open VLD-voorzitter Gwendolyn Rutten in Het Laatste Nieuws maar eens lezen. Daarin zegt ze onder meer dat ons, westers, denken superieur is aan dat van de rest van de wereld. Los van het zelfgenoegzame dat hieruit blijkt, geeft dit perfect weer hoe al wie niet denkt zoals de zogeheten westerse elite hier gecatalogeerd wordt: als een stel minkukels. Boeren, zeg maar. Als weinig geïnformeerde, nauwelijks geïnteresseerde burger zou je voor minder je kar keren en je afzetten tegen het politieke establishment. Wat denkt die Rutten wel? Wat dacht die Clinton wel? En die Cameron? Natuurlijk is Gwendolyn Rutten pakken intelligenter dan de doorsnee Vlaming, maar door precies dit te benadrukken doet ze iets wat bijzonder onintelligent is: ze kakt op de mensen. In eerste instantie op al wie pro andere ideologieën en religies is, maar het gaat veel verder dan dat. Wellicht dacht ze: ik moet ook iets zeggen in het opbod tegen de vreemdelingen, stel je maar eens voor dat zo'n pittige tante de Open VLD in een zondagsblad een moslimpartij zou noemen.

Ik zag deze week een cartoon waarop je twee verplaatsbare toiletten bovenop elkaar gemonteerd ziet. Op de bovenste stond er 'Politicians' op de deur, op de onderste 'Voters'. De (grote) boodschap is duidelijk: politici kakken op kiezers. Ze doen beloften die ze in de verste verte niet kunnen waarmaken. Ze kondigen grootse plannen aan waarvan ze weten dat die geen schijn van kans maken. Ze roepen A en denken tegelijk B. Burgers zijn niet altijd even slim, soms zelfs ronduit dom, als ze tegen hun eigen belangen in stemmen bijvoorbeeld, maar Abraham Lincoln indachtig kun je niet de hele tijd doen alsof ze achterlijk zijn. Dat wreekt zich uiteindelijk, in het stemhokje. Ik herhaal: brexit, presidentsverkiezingen in Amerika, het stemgedrag van de Turkse Belgen (of Belgische Turken, zo u wil).

Niets of niemand is superieur, dat zou de basis van het liberalisme moeten zijn, dacht ik zo.

***

Enter: het schisma 'the winner takes it all' versus representatieve democratie. Brexit en Trump waren alleen maar mogelijk in samenlevingen die hebben gekozen voor het 'the winner takes it all'-principe. Zo'n samenleving dreigt Turkije op korte termijn te worden, nu Erdogan een nipte 'Ja' heeft gekregen op zijn referendumvragen. Dat voordeel hebben wij tenminste: hier is dat ondenkbaar. Hier moeten partijen op zoek gaan naar raakvlakken. Tezelfdertijd is dat ook de extreme zwakte van ons democratische systeem. Door de verregaande versnippering — zie ook: Nederland na de verkiezingen — wordt het steeds moeilijker om raakvlakken te vinden. Tussen twee partijen gaat dat nog. Met drie is dat lastiger, met vier quasi onmogelijk. Terwijl 'the winner takes it all' het risico inhoudt dat één leider of één partij onherstelbare schade aanbrengt aan het sociale en economische weefsel, houdt ons systeem het risico in dat er niet meer geregeerd kán worden. Ook dit heeft niets met de links-rechts-tegenstelling te maken. Kijk maar naar het gekibbel in de (centrum)rechtse regeringen die wij vandaag hebben.

De representatieve democratie hikt tegen haar beperkingen aan. Maar als we morgenavond de uitslag van de Franse verkiezingen te horen krijgen en over veertien dagen de winnaar van de tweede ronde bekend is, zullen we ons gelukkig prijzen dat we zo'n ingewikkeld systeem hebben. Churchill had gelijk: democratie is een slecht systeem, maar er is niets beters. Politiek zit met een constructiefout. 't Is als een Ikea-kast die je moet ineenschroeven terwijl er een paar vijzen ontbreken. Helaas kun je met de politiek niet terug naar de winkel om haar om te ruilen. Dus blijf je maar luidop vloeken. (En op je handen timmeren.)

***

Een paar dingen kun je wel al heel snel bijsturen. Eén: schaf de opkomstplicht af. Ik schreef het hier eerder al (ooit vormde het de kern van mijn eerste blogpost op deze plek): zorg ervoor dat mensen gemotiveerd gaan stemmen. Niet dat dit per se de uitslag zal bewerkstelligen die u of ik het liefst zouden zien: daar gaat het niet om. Het gaat erom dat kiezers met goesting naar het stemhokje moeten trekken, gemotiveerd, liefst ook een beetje geïnformeerd. Niet vanuit een misplaatste burgerplicht of omdat het nu eenmaal moet, maar omdat ze dat zelf willen. Als er dan een regering totstandkomt die een beleid voert dat haaks staat op mijn ideeën, zou ik daar veel beter mee kunnen leven. Dan weet ik pas écht dat ik tot de minderheid behoor.

Twéé: voer stemrecht in vanaf zestien jaar. Er bestaat geen pensioenleeftijd voor kiezers, waarom is er dan wel een minimumleeftijd? Waarom zouden jongeren niet mee over hún toekomst mogen beslissen? Iemand die op 25 mei 2014 17 jaar en 364 dagen oud was, mocht toen niet gaan stemmen. Maar diezelfde jongeling zal bij de volgende verkiezingen, normaal in mei 2019, bijna drieëntwintig zijn en geconfronteerd geweest zijn met beslissingen die zijn toekomst mede zullen bepalen. Als we senioren, terecht, laten meekiezen, dan moeten we junioren ook bij het democratische proces betrekken, hen het recht geven om over hun toekomst te stemmen.

***

Bescheidenheid en vastberadenheid zijn schone deugden, ook in de politiek. Politici moeten ideeën hebben, een ideologie verdedigen, consequent handelen, maar ze vergeten al te vaak dat de burger niet zit te wachten op verbaal spektakel, gehakketak of betweterigheid. Politici zijn geen superieure wezens, noch uitverkorenen. Het zijn net mensen, met hun kwaliteiten en hun gebreken. Alleen dringt dat besef te zelden door. Gaan ze zich niet alleen superieur voelen, maar zich ook zo gedragen. En zo worden ze brutaal geconfronteerd met hun eigen onvermogen en vervelend stemgedrag. Zo wordt Het Volk volksvijand nummer één.



  • Reacties(1)

Fill in only if you are not real





De volgende XHTML tags zijn toegestaan: <b>, <br/>, <em>, <i>, <strong>, <u>. CSS styles en Javascript zijn niet toegestaan.
Geplaatst door Maandanser wo, mei 17, 2017 14:27:02

Als sossen 'stemrecht vanaf zestien jaar' willen invoeren, heeft dat uiteraard alles te maken met het mee laten beslissen over hun toekomst en niets met de linkse indoctrinatie op de middelbare schoolbanken, die de bevoorrechte partijen terug in het zadel kunnen helpen...

Het adagium 'Wie jong is en niet links heeft geen hart, wie oud is en niet rechts heeft geen verstand' klopt inderdaad. Vanuit die optiek is uw (ongeschreven) derde 'dingetje' hoogstwaarschijnlijk het afschaffen van het stemrecht van de oude ezels, u weet wel, die met dat verdomde nostalgische stemgedrag.