Maandans

Maandans

It's a marvelous night for a moondance!

Meningen over actuele gebeurtenissen. Of oude teksten "revisited". Startend vanuit een persoonlijke nood om gehoord/gelezen te worden. Een beetje pretentieus, misschien, in de hoop zo een discussie aan te zwengelen. Of toch op zijn minst tot nadenken te stemmen. Leuk tijdverdrijf mag ook, natuurlijk. O ja, de naam "Maandans" is de letterlijke vertaling van "Moondance", een management-boekingkantoor voor jonge Belgische rockbands dat ik eind jaren tachtig had, maar vooral: een heerlijk swingend nummer van een toen nog piepjonge Van Morrison, één van mijn favoriete artiesten. Kom ook eens langs op Twitter: @FrankVanLaeken of op mijn website: www.frankvanlaeken.eu

Julie

SamenlevingGeplaatst door Frank Van Laeken za, mei 11, 2019 13:00:07

Rood aangelopen, schuim op de lippen, wijd opengesperde mond, priemende ogen, een vuist die door de lucht klieft: zo moet volkswoede er ongeveer uitzien mocht je die vertalen in het gedrag van één mens (m/v/x). O, wat waren we kwaad toen maandag het onvermijdelijke nieuws doorsijpelde dat de vermiste Julie Van Espen niet langer vermist was.

De onmacht, het verdriet, het medeleven, hoe ver of kortbij we ook staan en stonden bij die ene jonge vrouw en al wie haar dierbaar is, zijn begrijpelijk en goed. Het toont dat we empathisch zijn. (Of kunnen zijn, want we zijn het niet altijd. Maar dat is weer een ander verhaal, het gaat niet over 'vreemde' mensen in nood, deze keer.)

Het onbegrip en de vele vraagtekens die we collectief stellen bij de beslissing om een recidive verkrachter op vrije voeten te laten, zijn eveneens begrijpelijk. Voor één keer was ook ik geneigd om een rechter wereldvreemd te noemen. Passionele moordenaars slaan doorgaans slechts één keer in hun leven toe. Wie in paniek is, kan eenmalig voor een grote ravage zorgen. Maar een seksueel roofdier is een gevaar voor altijd. Of kán dat zijn, laten we de hoop op genezing niet helemaal negeren. Steve B. had nooit op die plaats mogen zijn: híj was de verkeerde persoon op de verkeerde plek op het verkeerde moment, niet Julie. Nooit het slachtoffer, altijd de dader. Een rechter had dit moeten kunnen inschatten, denk ik dan. En al zeker als je de achtergrond van B. bekijkt: zelf misbruikt door zijn stiefopa. Slachtoffer die dader wordt, er zit een flinke graad van voorspelbaarheid in. Dat moet zo'n rechter ook al weleens ergens gelezen hebben in een betrouwbaar rapport.

Het spelletje zwartepieten achteraf was zielig. Adding insult to injury. Het is niet míjn schuld. Het is niet ónze schuld. Vingerwijzen is zo makkelijk. Eén beweging volstaat. Mensen die je normaal als zeer verstandig zou beschouwen, riepen zonder nadenken dat de minister moest opstappen. Alsof die zelf Steve B. op de wereld had losgelaten. Stel je het omgekeerde voor: dat de minister zich destijds zou bemoeid hebben met die vrijlating, het juridisch kot zou te klein geweest zijn. Diezelfde mensen die nu vinden dat de minister zijn 'verantwoordelijkheid moet nemen', zouden op dat ogenblik met de scheiding der machten geschermd hebben. En terecht. Ook Koen Geens zal Justitie, die eigengereide Titanic die hardnekkig tegen ijsbergen blijft aanbotsen, niet snel en drastisch genoeg hervormd hebben, dát mag je hem aanwrijven, maar niet deze ene, achteraf bekeken dramatische beslissing van een rechter. Soyons sérieux!

***

Zo begrijpelijk onmacht, medeleven en onbegrip waren, zo onbegrijpelijk vind ik de manier waarop de volkswoede zich via de open riolen van deze maatschappij, de sociale media en de fora op de nieuwssites, verspreidde. Zelfs na zo'n diepmenselijke tragedie en na foute inschattingen allerhande passen sereniteit en stilte. De doodstraf is hier al een tijdje afgeschaft, zoals het een beschaafde, volwassen samenleving betaamt. Lynchpartijen zijn out. En oud.

***

Julie Van Espen was een vrouw die nog alles voor zich had liggen, zo dacht ze, zo dachten haar dierbaren, zo had het moeten zijn. Haar naam en foto werden massaal gedeeld. Dat is de bekommerde medeburger in ons. Dat is goed. Zij mag bij naam genoemd worden. Bij Steve B. was dat beter niet gebeurd. Ik blijf voorstander van anonimisering van daders, zeker als het om dit soort feiten gaat. Wie zich onmenselijk gedraagt mag een stukje ontmenselijkt worden. B. is het niet waard om een familienaam te krijgen, dat zou het signaal geweest zijn mochten we hem met z'n allen 'Steve B.' zijn blijven noemen. Een dader van de ergst denkbare feiten zou die familienaam alleen maar kunnen terugverdienen, door zich te rehabiliteren. Dat moet het doel van gevangenisstraf of internering zijn. Voor B. is het nu te laat: hij moet tot zijn laatste ademstoot Steve B. blijven. Verkrachter. Moordenaar. Gevangene. Uitgestotene.

***

Morgen is er die stille mars in Antwerpen. Vele tienduizenden hebben zich daarvoor al aangemeld. Ik hoop dat ze er zullen zijn. Van mij mogen ook politici mee opstappen, maar doe het dan een beetje discreet. Dit mag geen campagnemoment worden. Loop niet op de eerste rij, maar schuif ergens middenin aan, als bezorgde ouder of bekommerde burger. Speld geen partijslogan op. Probeer geen zieltjes te winnen.

Ik hoop dat de stilte oorverdovend zal zijn. Maar ik hoop vooral dat het geluid achteraf dat ook zal zijn.

Hoe justitie dit in de toekomst moet vermijden, moeten veel slimmere mensen dan ik maar bedisselen, maar ze moeten het wel dóen. Nú. Waar we als modale burgers wel voor kunnen zorgen, is het creëren van een klimaat waarin figuren als Steve B. uitzonderingen blijven. Las ik dat goed, honderd verkrachtingen per dág? Ouders, voed uw zonen op (Ik mag dat zo pertinent neerpennen, want 97 procent van de aanrandingen gebeurt door een man. Of door mannén, want in groep zijn we stoer). Leraars, help hen daarin. 'Hoe moet ik mij gedragen?' als eindterm, zou dat geen idee zijn? Opvoeding, preventie, bijsturing waar het kan, repressie waar het moet. En vooral: laten we naar een samenleving gaan waarin het aantal aangiften van aanrandingen en verkrachtingen de honderd procent benadert, waarin slachtoffers geen angst of schaamte voelen om te rapporteren wat hen overkomen is, waarin daders weten dat de pakkans bijzonder groot is, waarin we met een veilig gevoel wandelen, fietsen of lopen. Het is een utopie, dat besef ik, maar we kunnen er op z'n minst naar streven. Voor Julie.





  • Reacties(2)//maandans.frankvanlaeken.eu/#post891

Alleen werkkracht houdt Club Brugge nog in de titelrace

SportGeplaatst door Frank Van Laeken wo, mei 08, 2019 10:31:54

(Deze bijdrage verscheen maandag 6 mei in de reeks ‘De Bankzitter’ in De Standaard.)

Club won wel maar imponeerde niet in Gent: 0-1. Het contrast met Genk is groot. De Limburgers hadden vrijdagavond al een uitroepteken geplaatst achter de term 'titelkandidaat'. Anderlecht won voor het eerst in Play-off 1, met 10 tegen 11 van een zwak Standard, en met de hulp van de hand van Yari.

Niet elke tactische ingreep is geslaagd. Na de verloren bekerfinale had Gent-trainer Jess Thorup Sigurd Rosted rechts achteraan geposteerd. De Noor werd veertig minuten lang voorbijgelopen door de aalvlugge Diatta en kon de Senegalees alleen met overtredingen afstoppen. Thorup haalde hem nog voor de pauze naar de kant, uit vrees voor een tweede gele kaart en een mannetje minder, maar gaf daarmee ook zijn foute keuze toe.

Ivan Leko had dan weer Siebe Schrijvers opgeofferd voor een verdedigende middenvelder, Sofyan Amrabat, die al heel snel tegen geel aanliep en een hele eerste helft flirtte met de uitsluiting. Vroeg rood had gekund. Ook dat was niet de meest geniale ingeving.

Portie pech

'Fight for us like we fight for you', hadden de thuissupporters op een spandoek geschreven. De ontevredenheid spatte ervan af. Ternauwernood in Play-off 1 geraakt, daarin tot gisteren 1 op 18 behaald, de bekerfinale verloren van een tweedeklasser: er wordt tegenwoordig weinig gelachen in de Ghelamco Arena. Er zijn twijfels rond Jess Thorup, een man die charmeert door zijn kalmte en ongedwongenheid, maar die de voorbije weken geen blijk gaf van tactisch vernuft. De Deen moet het doen met het spelersmateriaal dat voorhanden is: resultaat van een eenzijdig transferbeleid. Goed voor de clubkas, want er kwam veel transfergeld binnen. Minder goed voor de uitbouw van een competitieve spelerskern, want het kwaliteitsverlies werd niet opgevangen.

Vechten deden de Buffalo's wel, in de goede zin van dat woord. Aan inzet ontbrak het niet, aan inspiratie des te meer. Ook Club Brugge moest het hebben van werkkracht. Het doelpunt van Mats Rits kort voorbij het halfuur was een zeldzaam hoogtepunt in een matige eerste helft.

En dan had AA Gent nog een portie pech. Een doelpunt van Odjidja werd afgekeurd vanwege hinderlijk buitenspel van Dejaegere, die het zicht van een grabbelende Horvath zou hebben belemmerd. Verstraete knalde op de lat, op de tegenaanval scoorde Vanaken, maar ook dat doelpunt werd geannuleerd omdat Wesley een dikke teen offside stond voor de neus van Kaminski. Clear errors? Wie durft het nog te zeggen? Dat videorefs zo vaak en zo hard opvallen kan ook niet de bedoeling zijn.

Titelkandidaat!

KRC Genk had vrijdagavond al vlotjes de maat genomen van de revelatie van Play-off 1, Antwerp. Vier-nul zijn duidelijke cijfers, al had het helemaal anders kunnen lopen mocht Dieumerci Mbokani vroeg in de match een wenkende kopkans niet de nek hebben omgewrongen. In de eerste helft was Mbokani een voortdurende gesel voor de Genkse defensie, maar hij liep ook domweg tegen een gele kaart aan, waardoor hij het prestigieuze treffen tegen Anderlecht mist.

Genk scoorde twee keer op strafschop (Malinovski, Heynen), één keer na een flater van Simao (Samatta profiteerde) en één keer via Ito, assist van Trossard. Vooral na de rust speelde de thuisploeg als een titelkandidaat, mét uitroepteken. Tegelijk maakten we kennis met de keerzijde van de krijgersmedaille bij Antwerp. Op het eind van de eerste helft probeerden ze door intimidatie de match kapot te knijpen. Ergerlijk. En na de 3-0 net voor het uur werden er nog vier gele kaarten geïncasseerd voor overtredingen uit pure frustratie. Niet zo slim, met nog drie belangrijke wedstrijden voor de boeg. Deze wedstrijd was toch al verloren. Dat Dino Arslanagic de 90 minuten mocht volmaken, heeft hij louter te danken aan de laksheid van scheidsrechter Boucaut, die hem wel terecht met geel bestrafte voor een stevige overtreding aan de middenlijn, maar verzuimde hem een kartonnetje onder de neus te schuiven voor twee strafschopovertredingen: de eerste was zelfs een volleerde volleybalsmash.

Het contrast tussen Club Brugge en KRC Genk is heel groot momenteel. Genk voetbalt fris en geïnspireerd, Club heeft wel heel veel 'sweat' nodig om nog te mogen hopen op 'glory'. Als Genk zondag in Brugge wint is, het voor de vierde keer in de korte clubgeschiedenis landskampioen. Voor Club is het de wedstrijd van de laatste kans.

Dure vogels met kapsones

Anderlecht moest het tegen Standard meer dan 80 minuten met een mannetje minder stellen. Sebastiaan Bornauw werd in de elfde minuut uitgesloten na een foute inspeelbal van Adrien Trebel. De symboliek van dat moment was groot voor wat er dit seizoen allemaal fout loopt bij paars-wit: de bestbetaalde voetballer van het land — met dank aan zijn stevig onderhandelende zaakwaarnemer Mogi Bayat — bracht een jonge ploeggenoot met een nonchalante pas in de problemen.

Ook videoscheidsrechter Tim Pots demonstreerde zijn belabberde vorm in Play-off 1. Hij zag handsspel van Yari Verschaeren over het hoofd, waardoor de jongeling een doelpunt kon vieren. Niet de eerste keer de voorbije weken dat Pots een situatie verkeerd inschatte. Een weekend niet in een claustrofobisch busje vertoeven, zou de brave man wellicht goed doen.

Zelfs de verguisde Santini scoorde zowaar nog eens, zijn vijftiende van het seizoen, wel pas zijn eerste in de play-offs. 2-1: het was geleden van 17 maart dat Anderlecht nog eens had gewonnen. De thuiszege werd gevierd alsof de landstitel nabij is, luid toegejuichte ereronde erbovenop. De spelers hadden tijd, ze mochten toch geen interviews geven aan rechtenhouder Play Sports vanwege een kritische studio-opmerking een paar weken geleden. Dan viel er al eens iets positiefs te zeggen, mocht het niet.

Het tegendoelpunt van Carcela was een schaarse opflakkering van een lusteloos Standard. Weer eens gaven de halftijdse voetballers niet thuis. De lichaamstaal van Michel Preud'homme sprak boekdelen. Hij ergerde zich openlijk aan Mehdi Carcela — nog zo'n naar Belgische normen dure vogel met kapsones — toen die een vrije trap slapjes in de handen van Didillon deponeerde. Hoe meer de wedstrijd vorderde, hoe opvallender de gelatenheid van de Luikse hoofdcoach-ondervoorzitter-technisch directeur. Hij probeerde al alles dit seizoen. Maakte zich boos, legde een vaderlijke hand op een schouder, stuurde bij, gesticuleerde, vloekte luidop, stuurde nog eens bij, smeet flesjes water op de grond, zette zogeheten sterkhouders op de bank, maar niets hielp: voor een controlefreak als Preud'homme moeten dit barre tijden zijn.

Make-over

Zoals deze krant vrijdag al schreef is Anderlecht koploper in het betalen van makelaarsfees. 12,8 miljoen euro spendeerde de club alleen al in het Marc Coucke-tijdperk, vorige lente begonnen, aan interventies bij transfers. Het resultaat is niet te merken op het veld. In totaal hebben onze clubs de voorbije vier jaar 152,4 miljoen betaald aan spelersmakelaars, dat is gemiddeld 38 miljoen per seizoen. Onze professionele voetbalwereld is een bijzonder cynische omgeving: terwijl de rechterhand in dank sociale en fiscale cadeaus van Vadertje Staat aanvaardt, geeft de linkerhand de centen uit aan makelaars die met middelmatige spelers komen aandraven.

Om ons tot Anderlecht te beperken: is Wout Faes, vorige zomer voor 300.000 euro verkocht aan KV Oostende, minder goed dan Antonio Milic, James Lawrence, Ognjen Vranjes of 'de man van 8 miljoen', Boubacar Sanneh? Is Aaron Leya Iseka, vertrokken naar Toulouse, de mindere van Knowledge Musona? Had men niet meer geduld moeten hebben met de wispelturige en weinig gedisciplineerde Dodi Lukebakio, als je ziet dat de 21-jarige aanvaller het dit seizoen goed doet bij Fortuna Düsseldorf in de Bundesliga, toch een iets hoger aangeslagen competitie dan de Jupiler Pro League? Past Zakaria Bakkali dan beter in deze kern? Waarom kreeg de Zweed Isaac Kiese Thelin, vorig seizoen als huurling goed voor 19 goals bij Waasland-Beveren, geen volwaardige kans en werd de hoekige Ivan Santini gehaald? Is Thomas Didillon zoveel beter dan Davy Roef? Loopt er in de jeugd niemand rond die evenwaardig is aan Peter Zulj of Yevhen Makarenko?

Technisch directeur Frank Arnesen sprak in een krant dit weekend over misschien wel 25 nieuwe namen komende zomer. Dat zou betekenen dat de toekomstige nieuwe trainer weer van nul mag beginnen. Hoeveel make-overs kan een club verdragen?



  • Reacties(0)//maandans.frankvanlaeken.eu/#post890

Greta

JournalistiekGeplaatst door Frank Van Laeken za, mei 04, 2019 12:48:30

Weer eens iets over wat er fout loopt in de journalistiek?

Ja, wéér eens iets over wat er fout loopt in de journalistiek!

Omdat het moet. Steeds opnieuw. En helaas.

Tweede helft van de week: een site brengt het nieuws dat de moeder van Greta Thunberg zou gezegd hebben dat haar Greta CO2 kan zien. Een andere site neemt dat klakkeloos over. Niet van de minste, want het gaat om de twee meest gelezen nieuwssites van Vlaanderen. Een informatieprogramma op de radio laat, heel ernstig, een toxicoloog aan het woord op de vraag 'Kan je CO2 zien?' (Het antwoord, dat verder onbelangrijk is, luidt: neen. Maar dat wist de moeder van Greta heus wel. En Greta zelf ook.)

Greta Thunberg, dat schattige meisje met de vlechtjes dat de halve wereld rondtrekt met haar plakkaat 'Skolstrejk för klimatet', heeft het syndroom van Asperger. Dat weten we onderhand. De meeste media vinden dat haast belangrijker dan haar initiële boodschap. De meeste media zijn klimaatmoe. De meeste media vinden afwisseling belangrijker dan diepgang en herhaling. De meeste media denken dat het publiek er ook zo over denkt. Ik denk dat de meeste media daarin gelijk hebben, maar dat zou hen er niet van mogen weerhouden om relevante informatie te blijven brengen, ook al is dat al eens eerder gezegd of geschreven.

Normaal is autisme iets waar je niet mee lacht. En je lacht autisten zeker niet uit. In het geval van Thunberg, nog altijd maar zestien, geldt die stilzwijgende afspraak blijkbaar niet. Ze wordt volop uitgelachen, weggehoond, als freak weggezet door de zogeheten klimaatrealisten. Dat is makkelijker dan met argumenten schermen, ook al omdat die er niet zijn. Klimaatopwarming is een wetenschappelijk feit en is niet ontsproten uit het jonge brein van een Zweedse scholier. Maar wat doen feiten er nog toe? Wat doet de wetenschap er nog toe? Als de populisten op tafel springen, zijn wetenschappelijke bevindingen als de muggen die zoemend rond hun hoofd zweven. Hinderlijk. Wegslaan maar!

Neen, Greta Thunberg kan geen CO2 zien. Dat heeft haar moeder ook nooit beweerd. Zij had het over herkennen, waarnemen, 'zien' in een metaforische context, maar niet letterlijk. Het kwaad was geschied. Fake news werd als waarheid rondgestrooid. 'Nobelprijs voor de Vrede. Minstens', tweette een voormalige staatssecretaris die geen andere meningen dan de zijne tolereert. Verlichting, ongetwijfeld. Of identiteit, wie zal het zeggen?

Een gewezen rector had het over 'de Mariaverschijningen van onze tijd'. De man lijdt al een poos aan intellectuele constipatie: het zit er mogelijk wel in, maar het komt er al een tijdje niet meer uit. Dus braakt ie maar wat leeghoofdige aforismen. Intellectuele neergang is erg, héél erg, vooral als de patiënt het zelf niet doorheeft. Hij die door zijn volgelingen als een meester van de ironie wordt bestempeld, is in feite niet meer dan een ordinaire en onverbeterlijke cynicus. Een has-been die nooit meer zal zijn.

Na de foute interpretaties volgden de halfslachtige rechtzettingen. Te weinig, te laat. Het ergst van al was dat het fake news ontmaskerd werd door een anonieme Twitteraccount, @ArbiterOfTweets, die al eerder foute uitspraken van de ex-rector, door een barones verspreide hoaxes of leugenachtige uitlatingen van de ex-staatssecretaris rechtzette.

Ik ben blij dat zo iemand de moeite doet om berichtgeving te corrigeren.

Ik zou nog veel blijer zijn mocht die foute berichtgeving er nooit geweest zijn.

Check-double check-triple check-factcheck. Kortom, journalistiek.



  • Reacties(0)//maandans.frankvanlaeken.eu/#post889

'Alles draait om geduld. Véél geduld'

SportGeplaatst door Frank Van Laeken do, mei 02, 2019 09:14:02

(Deze bijdrage verscheen dinsdag 30 april in De Standaard.)

Blijft Ajax de voetbalwereld verbazen? De Amsterdammers overbluften Real en Juventus, en spelen vanavond uit bij Tottenham Hotspur hun heenwedstrijd in de halve finales van de Champions League. Basisingrediënten van dat succes: performante jeugdopleiding, gerichte aankopen, aangevuld met routiniers.

Vierentwintig jaar geleden won Ajax voor het laatst de Champions League, de vierde keer in de clubgeschiedenis dat de 'beker met de grote oren' naar Amsterdam verhuisde. Tiener Patrick Kluivert, net geen 19, maakte het enige doelpunt tegen Milan, in een elftal vol prille twintigers. Een jaar later werd opnieuw de finale bereikt: tegen Juventus werd verloren na strafschoppen. Daarna zwermden de talenten in de nasleep van het Bosman-arrest uit naar de topclubs van Europa.

Ajax moest weer vanaf nul beginnen te bouwen. Dat ging met horten en stoten. Niet elk jaar stootten er beloften door naar het eerste elftal. Het transferbeleid was niet altijd even geslaagd. De filosofie van de club werd af en toe verloochend, tot Johan Cruijff er zich mee ging bemoeien. Vandaag ligt de nadruk opnieuw op een performante jeugdopleiding, die voor een regelmatige doorstroming van jong talent zorgt, gerichte aankopen van jonge spelers, aangevuld met routiniers mét honger.

TIPS voor De Toekomst

Techniek, Inzicht, Persoonlijkheid en Snelheid, daarrond draait het allemaal in Sportpark De Toekomst, waar de jeugdopleiding van Ajax haar thuisbasis heeft. Het acroniem TIPS wordt door alle geledingen van de club gedragen. Het 4-3-3-systeem is heilig: aanvallend, mét vleugelspelers, gebaseerd op zuivere baltoetsen, teamwerk waarin individuen kunnen uitblinken.

Elk jaar wordt de beste speler van De Toekomst verkozen. Daartussen staan namen als Rafaël Van der Vaart, Wesley Sneijder, Daley Blind en Christian Eriksen (nu bij Tottenham), maar ook de huidige sterkhouders Donny van de Beek (beste jeugdspeler 2015) en Matthijs de Ligt (2016). De jonkies worden opgeleid door sterkhouders uit het verleden. Edwin van der Sar en Marc Overmars, die op het veld stonden in 1995, zijn respectievelijk algemeen directeur en directeur Voetbalzaken. Onder de trainers vinden we namen als Michael Reiziger, Winston Bogarde en John Heitinga.

Urbain Haesaert werkte begin deze eeuw als directeur opleidingen bij fusieclub Germinal Beerschot een constructie uit om samen te werken met Ajax. Hij zag er Jan Vertonghen, Toby Alderweireld (beiden straks actief tégen Ajax), Thomas Vermaelen, Tom De Mul, Radja Nainggolan en Mousa Dembélé ontluiken. Sinds vorige zomer is hij hoofdscout België voor de Amsterdamse club. Hij gaat in ons land op zoek naar jong talent vanaf de U13. 'Ajax staat model voor haar jeugdopleiding. Een talentenfabriek, met een eigen cultuur en een heldere visie. Iedereen wil dat kopiëren, maar weinig clubs hebben zoveel geduld.'

'Dit is het resultaat van een opleidingstraditie die gestart is bij Johan Cruijff en in de loop van de jaren doorontwikkeld is door onder anderen Louis van Gaal en nu ook Erik ten Hag', stelt Henk Mariman, de kersverse academy manager van OH Leuven, die tussen 2000 en 2010 jeugdtrainer en hoofd Opleidingen was bij Germinal Beerschot. 'De opleiding is geen geïsoleerd onderdeel — wat je vaak ziet met jeugdacademies —, maar is helemaal verankerd in de clubvisie. Ook het achterland is heel erg bepalend. Ajax ligt in een van de meest dichtbevolkte gebieden van Nederland, ze kunnen er spelers rekruteren met verschillende achtergronden. Dat zorgt voor een creatieve mengelmoes van talenten. En dan is er nog de Amsterdamse mentaliteit die helemaal geconnecteerd is met de club en de manier van spelen. Een heel directe en dominante omgeving. Je moet als jeugdvoetballer echt sterk op je benen staan om in die cultuur overeind te blijven.'

Niet-afgewerkte producten

'Als Ajax op zoek gaat naar een speler voor positie 2, maar niemand vindt die een meerwaarde biedt, zal het altijd voor een eigen jeugdproduct kiezen', weet Urbain Haesaert. 'Bij Ajax laat men talenten groeien. Jonge spelers krijgen kansen en mogen fouten maken. Daar leren ze uit. Je hebt dan wel psychologisch sterke trainers nodig, die hen kunnen bijsturen. Kijk rond in Europa: er lopen wel vijftig spelers rond die in Amsterdam zijn opgeleid. Alles draait om geduld. Véél geduld. Men vergeet vaak dat het om niet-afgewerkte producten gaat. In België worden ouders door makelaars goud in de oren geblazen, terwijl zo'n jongen nog een grote weg moet afleggen. Als Yari Verschaeren één slechte pas geeft, is het de schuld van de jeugd.'

Henk Mariman beaamt. 'Geloof in een jeugdopleiding moet ook verderlopen als het even wat minder gaat. De connectie naar het eerste elftal moet duurzaam zijn. Ajax heeft altijd verder geïnvesteerd in de opleidingen, ook op momenten dat er tonnen kritiek waren. Wil je in de Lage landen succesvol zijn met je club, dan is een gedegen jeugdopleiding een van de fundamenten. Dat ziet men hier nog steeds te weinig. De korte termijn heerst.'

'De Ajax-cultuur wordt van boven naar beneden uitgedragen', stelt Haesaert vast. 'Bestuurders gaan in het weekend spontaan kijken naar jeugdwedstrijden, ze kennen al die spelertjes bij naam. Ik heb het meegemaakt dat de financieel directeur op zaterdag vol lof was over een jongen uit de U14. Dat is uniek in het voetbal.'

Mirakel mogelijk?

Is een herhaling van de stunt van 1995 haalbaar met een kern waarin de spelers gemiddeld 23,4 jaar jong zijn? Ter vergelijking: Tottenham zit aan 26,3 jaar. Haesaert: 'Alles is mogelijk nu. Tegen Bayern, Real en Juventus liet trainer Ten Hag de tegenstander hoog opsluiten. Dat zijn die topclubs niet gewend.'

'Het lef en de dominantie vind je in alle geledingen van de club terug in hun manier van spelen', benadrukt Mariman. 'Ze willen de bal en ze willen de bal ook zo snel mogelijk terug. Ze willen bepalen wat er in een wedstrijd gebeurt. Ze durven risico's te nemen en willen creativiteit én initiatief in elke linie. Elke speler wordt gestimuleerd om actie te ondernemen en moet in staat zijn z'n directe tegenstander uit te schakelen, ongeacht zijn positie. Er zijn maar weinig clubs in Europa waar de stijl zo duidelijk is en de connectie met de cultuur zo diepgeworteld zit.'

Komend weekend wordt Urbain Haesaert 78. Aan stoppen denkt hij niet. 'Dit is mijn job, mijn hobby, ik voel me daar zó goed bij, ook al omdat ik in Amsterdam veel respect en waardering voel voor wat ik doe. En ik doe het ook omdat je de jongens waarmee je gewerkt hebt, ziet uitgroeien tot toppers. Als ik Jan en Toby bezig zie, krijg ik kippenvel.'

Urbain Haesaert

• 77 jaar

• Voormalig trainer (o.m. Lokeren, Waregem, Germinal)

• Trainer van het jaar 1986

• Directeur Opleidingen Germinal Beerschot (1998-2004)

• Hoofdscout België Ajax A/U21 t/m U13 (2004-2010)

• Hoofdscout Anderlecht U21 t/m U8 (2010-2018)

• Hoofdscout België Ajax (2018-)

Henk Mariman

• 48 jaar

• Jeugdtrainer Lokeren

• Jeugdtrainer Germinal Beerschot (2000-2004)

• Hoofd opleidingen Germinal Beerschot (2004-2007)

• Hoofd jeugdopleiding Club Brugge (2007-2011)

• Sportmanager Club (2011-2012)

• Auteur voetbalhandboeken

• Academy manager OH Leuven (sinds 17 april)

AFC Ajax

• Amsterdamsche Football Club Ajax

• Genoemd naar twee gelijknamige figuren uit de Griekse mythologie

• Opgericht in 1900

• 33x landskampioen

• 18x bekerwinnaar

• 4x Europacup I/Champions League

• 1x Europacup II

• 1x UEFA Cup

• 2x Wereldbeker voor clubs

• Stadion: Johan Cruijff ArenA (54.990 plaatsen)

• Budget: 90 miljoen euro (Tottenham: 340 miljoen)

ajax.nl



  • Reacties(0)//maandans.frankvanlaeken.eu/#post888

Genk domineert, Club ploetert

SportGeplaatst door Frank Van Laeken wo, mei 01, 2019 19:32:38

(Onderstaande tekst verscheen maandag 29 april als 'De bankzitter' in De Standaard.)

De titelpretendenten wonnen beide met 1-0, maar het gevoel zal bij een zakelijk dominerend KRC Genk veel beter zijn dan bij een ploeterend Club Brugge. De videoref eiste in hun wedstrijden een hoofdrol op. Antwerp is de lachende derde. En Anderlecht, ach, dat klungelt verder.

Leko = dief. We do what we want. Ultras RSCA. Fraai was het niet, de graffiti die Anderlechtfans in de nacht van zaterdag op zondag hadden gespoten op de betonnen palen die het Jan Breydelstadion onderstutten. Verfrissend was wel dat het bestuur van de paars-witte club zich niet in bochten wrong, maar zich onmiddellijk distantieerde van de onfrisse daden.

Na de vuurpijlschande op Sclessin was die reactie jammer genoeg minder kordaat. Om een wedstrijd achter gesloten deuren te vermijden, voert de advocaat van de club zelfs aan dat 'je niet kan bewijzen dat de relschoppers ónze supporters waren'. Vreemde redenering, aangezien er voor Standard-Anderlecht een combiregeling gold, waardoor de identiteit van alle aanwezigen in de bezoekende vakken bekend was bij de supportersclubs. Controle over wie er wel of niet aanwezig was in Luik, was dus perfect mogelijk.

Club - VAR 0-3

'We do what we want' is niet de leuze van de Anderlechtspelers dit seizoen. Tegen Club had interimtrainer Belhocine gekozen voor een zeer voorzichtige veldbezetting met slechts één aanvaller, Yannick Bolasie. De Congolees begon prima aan zijn uitleenbeurt, maar deelt in Play-off 1 in de algemene malaise die zich meester heeft gemaakt van de hele club. De keuze voor defensieve zekerheid wees erop dat Anderlecht niet meer gelooft in Europees voetbal. Als het in de praktijk Antonio Milic is die de bal voorin moet krijgen, dan weet je dat die zelden bij een mannetje in zalmroze zal belanden.

Je kon er vooraf al donder op zeggen dat de videoreferee een cruciale rol zou spelen. In een felbevochten wedstrijd met veel duels op een beperkte ruimte moet dat haast wel. Handspel van Clinton Mata werd niet bestraft. Onvrijwillig, zo zou het ongewild toucheren van de bal nog niet zo lang geleden genoemd zijn. Maar met die nieuwe regels weet je maar nooit. Zeker niet als de powerpoint-presentatie van de Talent & Referee Manager niet volledig is.

Net wanneer een matige eerste helft op nul-nul leek te stranden, sloeg Club toe. Vormer stuurde Wesley weg en die rondde kalm af. In het busje bekeek videoref Lawrence Visser de beelden, trok een lijn en oordeelde dat Wesley buitenspel stond. Op ons scherm was niets te merken. Halve teen? De punt van de knie? Een oorlel? Millimeterwerk dat deed denken aan de afgekeurde goal van Diaby vorig jaar in het Astridpark.

Erger nog, Club Brugge had al een gecrispeerde relatie met het alziende oog van de VAR, na de penalty tegen Mechele in Genk (onvrijwillige hands, maar die uitzondering was de officials toen nog niet medegedeeld), de ongestrafte charge van Van Damme tegen Openda op Antwerp (zelfs scheidsrechtersbaas Verbist gaf die vergetelheid toe) en nu dus die vermeende buitenspelsituatie. In Brugge denken ze dan al snel Club-VAR 0-3, en vergeten ze dat geval met Mata. Maar ze hebben wel een punt. Zo hoort een titelstrijd niet beslecht te worden.

Slechte rapporten

Wat Ivan Leko vandaag in zijn analyse zeker niet mag vergeten te melden, is dat het bijzonder stroef loopt bij Club. Uitstekende start in Play-off 1, drie overtuigende zeges, tien goals. En dan drie keer heel gewoontjes. Onderliggend in Genk, hooguit evenwaardig op de Bosuil en ploeterend tegen Anderlecht. Vier op negen, 44,4 procent: dat zijn geen tussentijdse rapportcijfers van een kampioen.

Het enige doelpunt viel gisteren uit de lucht. Letterlijk. Rits knalde met links, Didillon redde knap maar half, want de bal viel loodrecht naar beneden op de knikker van Wesley. De ontlading was groot, de thuiszege mager maar verdiend.

En wat dan te zeggen over het rapport van Anderlecht: 1 op 18? Voor de paars-witte fans is het hopen dat er geen tweede zit komt voor ruim de helft van dit elftal. Van het ABC van het Voetbal beheersen de meesten enkel de A: de Auto parkeren. Weg grandeur.

Clear error

AA Gent hinkte tegen KRC Genk op twee gedachten. Een thuiswedstrijd geef je niet zomaar uit handen, maar anderzijds is er woensdag de finale van de Beker van België, de enige mogelijkheid die de Gentenaars nog hebben om een matig seizoen alsnog te beëindigen met een Europees ticket op zak. De eerste helft speelden ze fluks mee, met de uit schorsing teruggekeerde Vadis Odjidja als smaakmaker. Hij werd de afgelopen speeldagen node gemist.

Kort voor de rust scoorde Genk op de tegenaanval. Junya Ito veroverde de bal op eigen veld en legde dan drie tegenstanders in de luren. Knap gedaan. De vreugdekreten werden gesmoord door het signaal dat de videoscheidsrechter iets verdachts had opgemerkt. Volkomen terecht, want Ito had Dejaegere een beuk gegeven. Scheidsrechter Lardot, die er op enkele meter vandaan stond, liet begaan. De definitie van 'clear and obvious error' werd weer eens op de proef gesteld. Want wat telt er: de scheidsrechter die er een duidelijk zicht op had en de fase aanvankelijk beoordeelde als correct, of de videoref die juist inschatte wat er werkelijk was gebeurd? De grijze zone blijft. Zaterdag zegevierde gelukkig gerechtigheid, zondag betwijfelden we dat.

Modelaanvoerder

De grote kwaliteit van dit Genk is dat het rustig blijft onder de toch wel grote druk en dat het nu ook in staat is wedstrijden zakelijk te beslissen. Zonder Pozuelo — wie mist de Spaanse spelmaker nog? — spelen de Limburgers directer en een tikkeltje sneller dan in het 'Pozo'-tijdperk. Balbezit hoeft niet meer zo nodig. Leandro Trossard is daarbij een modelaanvoerder. Hardwerkend en op belangrijke momenten present. Zaterdag bekroonde die zijn sterke wedstrijd met een mooi doelpunt: drie subtiele baltoetsen en de bal die met een fraaie curve via de paal tegen het net ging. Trossard wordt eind dit jaar 25. Als hij zijn carrière in het buitenland wil verderzetten, mag hij niet lang meer wachten. Maar los van het financiële aspect heeft deze Trossard alles in zich om nog jaren het boegbeeld van Genk te zijn. Dat is ook iets waard. Helaas voor de Genkse fans lijkt de flankspeler zijn keuze al gemaakt te hebben.

Dat er nog enkele opgelegde kansen werden verkwanseld, kon de rust in het team niet verstoren. Zuinige zeges horen nu eenmaal bij een kampioenenjaar. Meegenomen was ook dat de thuisploeg geen vuist kon maken. Of wílde, want naarmate de wedstrijd vorderde leek de bekerfinale zich duidelijk in de hoofden te nestelen. Tenzij dit elftal echt niet beter kan?

Gent blijft, net als Anderlecht, in Play-off 1 steken op een op achttien. Die pijnlijke realiteit zal overmorgen niets meer voorstellen als de beker in de hoogte wordt gestoken. Gebeurt dat niet, dan is het seizoen 2018/2019 zonder meer een flop voor de Buffalo's.

Worstelaars

'Worstel nooit met een varken. Je zult vuil worden en bovendien zal het varken het prettig vinden', zei de Ierse toneelschrijver George Bernard Shaw ooit. Bij Standard hebben ze wellicht nog nooit van Shaw gehoord. Michel Preud'homme had de pseudovedetten Paul-José Mpoku en Mehdi Carcela voor hun matige prestaties beloond met het statuut van bankzitter. En hij had gekozen voor 'warriors'. Worstelaars, zeg maar. Die vervolgens ten onder gingen tegen de krijgers van László Bölöni, net iets meer gewend aan dit soort lijf-aan-lijfgevechten.

Zou Bölöni de uit zijn context gerukte slagzin van de Nederlandse voetbaltrainer Rinus Michels — 'Voetbal is oorlog' — in gedachten houden? Het lijkt erop. Die zeven gele en één rode kaart zullen Antwerp nauwelijks deren. Dat de wedstrijd moest onderbroken worden omdat onverlaten het nodig vonden om bekertjes en flesjes naar het hoofd van Preud'homme te smijten, zullen ze op de Bosuil ook wel 'collateral damage' noemen. O ironie, Sinan Bolat, zelf voortdurend provocerend, probeerde de gemoederen te bedaren. Dat Didier Lamkel Zé weer eens een domme rode kaart pakte na een onnodige reactie, is een bekommernis: het ongeleide Kameroense projectiel sloeg op training ook al eens ploegmaat Jelle Van Damme. Maar wat uiteindelijk telt zijn de droge cijfers die na ruim negentig minuten op het scorebord stonden: 2-1. En de stand na deze speeldag: plaats drie, mét afstand.



  • Reacties(0)//maandans.frankvanlaeken.eu/#post887

Propere handen

SportGeplaatst door Frank Van Laeken za, april 27, 2019 12:51:19

Slimme mensen zijn in staat om domme dingen te zeggen. Of te schrijven. Daaraan moest ik denken toen ik gisteren de column van mijn hooggeachte collega Peter Vandenbempt las in Het Nieuwsblad. 'Moet een hele club die zware prijs van degradatie betalen?' luidde de titel ervan. En de teneur was: is het wel rechtvaardig dat KV Mechelen en Waasland-Beveren een seizoen later moeten degraderen of niet mogen promoveren voor wat enkele bestuurders in een vorige jaargang zouden mispeuterd hebben.

Ik begrijp dat niet, en al zeker niet van een slimme, hooggeachte collega. (Waarvoor ik overigens het diepste respect heb: als er ergens in het voetbalwereldje iets scheefloopt, en dat gebeurt nogal eens, duikt de radiomens in tv-studio's op om te duiden wat er is gebeurd. De tv-collega's verstoppen zich dan onder hun bureau. Sportjournalisten durven al eens te vergeten dat ze in de eerste plaats 'journalist' zijn. Dat kan je de slimme, hooggeachte radioman niet verwijten, geschoold als hij is door Jan Wauters.)

Als bewezen wordt geacht dat invloedrijke bestuurders — mensen die het écht voor het zeggen hebben — gepoogd hebben het correcte verloop van de competitie te vervalsen, moet de hele club daarvoor boeten. Zo eenvoudig is dat concept. En dan gaat het er niet om dat dat vorig jaar of het jaar daarvoor of nog wat vroeger is gebeurd, dat niet alle bestuurders op de hoogte waren of actief betrokken, en dat de supporterende Jan met de pet de ultieme dupe is. Als hier ooit ­— stel je dat eens voor! — een fraudeur al zijn zwarte, grijze en niet-zo-witte geld moet teruggeven aan de staat, zal dat allicht ook betekenen dat er een bedrijf over de kop zal gaan. Jammer voor de werknemers, maar zo gaat dat. Collateral damage valt nooit uit te sluiten.

***

Terloops: Waasland-Beveren wordt vooral verweten dat het verzaakt heeft aan de meldingsplicht. Degradatie zou voor die club een veel zwaardere straf inhouden dan de sanctie die KV Mechelen zou krijgen, terwijl alles wel start met de poging tot omkoping. Weegt valsspelen even zwaar als verzwijgen dat je iemand hebt zien valsspelen?

***

De slimme, hooggeachte collega verwijst in zijn column ook naar het de voorbije dagen veelbesproken artikel B1711 uit het bondsreglement, waarin staat dat daden van competitievervalsing alleen maar tot degradatie of puntenaftrek kunnen leiden als die worden aanhangig gemaakt 'vóór 15 juni van het betrokken seizoen of, indien het kampioenschap op die datum nog niet beëindigd is, binnen de zeven dagen na het einde van deze competitie'. Als dat reglement consequent zou worden toegepast, kan er in dit land nooit nog een club bestraft worden voor poging tot matchfixing, tenzij de betrokken personen op heterdaad worden betrapt of binnen de kortste keren hun mond voorbijpraten. In een ander artikel van het bondsreglement is dan weer sprake van een verjaringstermijn van acht jaar. Voer voor juristen. Gaat het over het seizoen waarin de feiten plaatsvonden of waarin ze aan het licht kwamen?

***

Of KV Mechelen en Waasland-Beveren schuldig zijn? Ik weet het niet. Ik lees en hoor wel eens wat, en daaruit kan je dan — voorzichtig — concluderen dat er wel degelijk iets aan de hand was met die laatste wedstrijd van het seizoen 2017/2018. Mijn punt is: als dat zo was of bewezen wordt geacht door de Geschillencommissie Hoger Beroep Betaald Voetbal — jawel, hoor, bij de voetbalbond heet 'eerste aanleg' 'hoger beroep', begrijpe wie kan —, dan moeten er passende sancties volgen. Degradatie voor KV Mechelen, dat is logisch. Maar omdat we intussen een jaar verder zijn en de Mechelaars hoe dan ook al een reeks lager speelden — de vermeende poging tot competitievervalsing is dan ook nog eens mislukt —, bovendien ook nog kampioen werden, is het begrip 'degradatie' een moeilijke. Moeten ze dan naar Eerste Amateurklasse, wat vanuit het standpunt van vorig seizoen neerkomt op twee reeksen zakken? Of mogen ze dan niet naar 1A, waar ze sportief recht op hebben. Het bondsparket gaat voor het laatste en daar valt iets voor te zeggen.

Maar in geen geval kan je als slimme, hooggeachte mediamens verwijzen naar hoe erg dat is voor supporters en spelers. Natuurlijk is dat erg. Ik loop weleens in een werkomgeving rond waar een aantal KV Mechelen-fans vertoeven. Ik vind dat sneu voor hen, zit mij niet te verkneukelen om wat hen overkomt (toevallig heb ik dan ook nog eens sympathie voor een club die zou profiteren van een veroordeling van KV), maar dat mag niet wegen in de rechtspraak.

Mijn slimme, hooggeachte collega verwees ook nog eens naar de affaire Standard-Waterschei van 1982, die twee jaar na datum en stoemelings aan het licht kwam door een onderzoek naar zwart geld in het Belgisch voetbal. 'Ik ben (...) zeer benieuwd naar de verklaring van de voetbalbond waarom Standard 35 jaar geleden op basis van het bondsreglement niet moest degraderen en de twee betrokken clubs nu op basis van hetzelfde, nochtans ongewijzigde reglement wel.'

Het is nochtans heel eenvoudig: toen ging het om een initiatief van een panikerende trainer (Raymond Goethals) die zijn aanvoerder (Erik Gerets) ervan overtuigde dat de Standard-spelers hun winstpremies moesten afstaan aan die van Waterschei, zodat die waar nodig een voetje zouden terugtrekken in die laatste wedstrijd van de competitie. Het ging dus niet om clubbestuurders, ook al noteerde de financieel directeur die 420.000 frank (10.500 euro) keurig in de boekhouding als een onderling feestje van de spelers van beide clubs en zal de voorzitter (de almachtige Roger Petit) ook wel iets geweten hebben. Maar het ging niet om een initiatief van het bestuur. Vraag trouwens maar aan de betrokken spelers, Gerets op kop, wat ze van hun straf vonden. Op Goethals en Arie Haan na, die de dans handig ontsprongen, moesten ze een tijdje geschorst toekijken, carrière brutaal onderbroken. (Ik had ook iets korter kunnen repliceren met: een reglement durft al wel eens te veranderen in vijfendertig jaar.)

Neen, zo'n column tikken levert niet dadelijk journalistiek propere handen op. 'Vindt u het antwoord op mijn initiële vraag (of een hele club die zware prijs van degradatie moet betalen) nog altijd een no-brainer?' vraagt de slimme, hooggeachte voetbalcommentator zich op het eind af. Het antwoord is: ja. En laat nu het recht maar zegevieren.



  • Reacties(0)//maandans.frankvanlaeken.eu/#post886

De terugkeer van het saaie gelijkspel

SportGeplaatst door Frank Van Laeken do, april 25, 2019 10:15:05

(Deze bijdrage verscheen eergisteren als 'De Bankzitter' in De Standaard.)
Antwerp en Club Brugge maakten er op de Bosuil allesbehalve een spektakel van. 0-0 was een logisch resultaat. Vrijdagavond al had Genk de moeilijke klip naar Sclessin omzeild. Genk telt zo weer 6 punten voorsprong op Club. Op Paaszondag bleef de verrijzenis van Anderlecht of AA Gent uit.

De Bosuil kolkt als nooit tevoren. Dat mag u letterlijk nemen. Tegen Club Brugge was het stadion van Antwerp – vier losstaande tribunes die architecturaal niets met elkaar te maken hebben - nagenoeg volgepakt. Gemiddeld volgen er bijna 13.000 mensen de thuiswedstrijden in Deurne-Noord. Dat zijn er maar net iets minder dan in de jaren waarin de club vicekampioen werd (1974 en 1975) of in het seizoen 1987/1988, waarin Antwerp heel lang leek af te stevenen op een vijfde landstitel. Toen had de Bosuil wel nog een capaciteit van zestigduizend.

Tribune 2, die unieke combinatie van een archeologische site en een onbewoonbare ruïne, met die oncomfortabele lange houten banken, zit voller dan ooit. Antwerp profiteerde volop van de terugkeer naar de Jupiler Pro League, nu bijna twee jaar geleden, in combinatie met het voorlopig (?) uitblijven van een comeback van de stadsrivaal, Beerschot Wilrijk. Tel daarbovenop de meer dan degelijke prestaties en je weet: de Great Old is na 139 jaar hot en springlevend.

Ploeg van ‘t stad

Al die willen te kaap’ren varen, moeten mannen met baarden zijn. Jelle Van Damme heeft een imposante baard. De 35-jarige centrale verdediger heeft aan snelheid ingeboet, maar maakt dat goed met métier en présence. En met de occasionele fysieke intimidatie. Altijd voorop in de strijd. Dat ondervond Openda - in de basis ten koste van Siebe Schrijvers – al heel snel aan den lijve. Hij kreeg een onnodige beuk van Van Damme. Met een strenge videoscheidsrechter had dat een strafschop kunnen opleveren. Openda versus Van Damme, dat was een hele eerste helft een strijd tussen een jongetje en een man. De jonge Luikenaar werd dan ook bij de rust vervangen.

Antwerp koos voor de bekende aanpak: veel duelkracht, meestal op het randje, soms erover. Mbokani nam een bal in dropkick, Horvath plukte hem uit de bovenhoek. Fotografenbal, in vakjargon. Aan de overzijde schoot Openda voorlangs. Yatabaré werd in het straatje gestuurd, maar hij besloot knullig. Vanaken knalde naast. Meer bood die eerste helft niet.

De eerste twintig minuten na de pauze brachten meer voetbal en betere kansen. Bolat hield de vrijgespeelde Vormer van een goal, Horvath deed hetzelfde op een harde kopbal van dichtbij van Mbokani. Invaller Amrabat schoot hard naast. Maar toen viel het weer stil. Helemaal op het eind probeerde Leko het opnieuw met twee spitsen, zoals bij de aftrap. Jelle Vossen botste echter al snel op tegen die andere Jelle, Van Damme. Waar is het swingende Club Brugge van de eerste drie speeldagen?

‘Rechtstaan en zingen’ beval een spandoek op de tribune. Minutenlang bleven de Antwerpsupporters, blij met het punt, ‘Wij zijn de ploeg van ’t stad’ scanderen. Historisch gezien kan je over die status redetwisten, maar tot spijt van wie ’t benijdt is het anno 2019 een correcte observatie. De derde plaats blijft haalbaar.

Club heeft nog vijf wedstrijden om een kloof van zes punten te overbruggen.

Tiki-taka

Vrijdagavond al had KRC Genk puntjes op de i's van het onuitgesproken woord 'titelambitie' gezet. Welgeteld drie, dus. Standard leverde verdienstelijk weerwerk, maar wekte nooit de indruk de Limburgers te kunnen verslaan. Het had ook nog eens de pech dat het tijdens zijn sterkste periodes in de wedstrijd tegendoelpunten om de oren kreeg. In de 41ste minuut rondde Bryan Heynen een aanval over zeven stationnetjes van dichtbij af. Wat zelden wordt vermeld, is dat spits Samatta weer heel slim het gat had gelaten. Goed uitgevoerd zijn die snelle combinaties van Genk dodelijk.

Acht minuten na de rust zette Malinovski met een haast achteloze pass tussen vier Standardspelers Aly Samatta op weg naar zijn tweeëntwintigste doelpunt van het seizoen en de 0-2. Uit een Genks supportersvak werd provocerend één vuurpijl geworpen. Dom en misplaatst. Aan de overzijde stond Danny Vukovic een paar keer pal op Luikse pogingen. De Australische international straalt veel meer autoriteit uit dan vorig seizoen.

Ito miste enkele wenkende kansen (in geval van een doelpunt zou de videoscheidsrechter ongetwijfeld de buitenspelposities van de Japanner hebben opgemerkt), Trossard knalde nog op de lat, nooit leek de Genkse zege in gevaar. Het was wachten op het orgelpunt. In de 79ste minuut rondde Trossard een lang uitgesponnen aanval van de bezoekers af. Die was begonnen met een onderschepping met het hoofd door Lucumi. Op de klok stond toen 77:55. Vijftig seconden en 23 baltoetsen door tien spelers later lag de bal in het net. Alleen Samatta had het leer niet beroerd in dat imposante tiki-takamoment.

Dat Razvan Marin, de beste speler van de Rouches, nog milderde tot 1-3 had alleen een statistische waarde. Standard kon geen spannend slot forceren. Daarvoor waren de mooiweervoetballers te veel met zichzelf en te weinig met het elftal bezig. Carcela, Djenepo en Mpoku staken schril af bij het trio Malinovski-Ito-Trossard. Getalenteerde voetballers die ook kunnen bikkelen. Alleen de Roemeen Marin staat er elke match: hij vertoont zijn kunstjes volgend seizoen in de Johan Cruijff ArenA. Het gemis zal groot zijn.

Koele kikker

De beste bezoeker in Luik was Bryan Heynen. Mét Pozuelo zou de 22-jarige middenvelder misschien wel op de bank zitten, als back-up. Zónder de Spanjaard is Heynen een volwaardig lid van het would-be kampioenenelftal. Oorspronkelijk louter controlerend ingezet wordt het Genkse jeugdproduct nu als infiltrerende middenvelder uitgespeeld.

Naast de lijn gaf Philippe Clement voortdurend instructies. Na elk doelpunt riep hij Dewaest bij zich om tactisch bij te sturen. Een coach die zijn hoofd niet op hol laat brengen en voor wie elk detail telt. Belangrijk in de titelstrijd, zo'n koele kikker. 'Het is toch niet aan mij om hier als een gorilla op de borst beginnen te kloppen, terwijl ik roep dat we de beste ploeg van het land zijn en niemand ons iets kan maken?', haalde hij achteraf uit naar Clubtrainer Leko, die zijn opponent verbale lafheid had verweten.

Ivan Leko had natuurlijk een beetje gelijk: het zou gek zijn mocht Genk halfweg Play-off 1 niet openlijk het allerhoogste ambiëren.

Duel der kneusjes

Het voortijdige vertrek van Fred Rutten — ontslag heet tegenwoordig 'in onderling overleg' — was goed nieuws voor de jonkies van Anderlecht. Interimtrainer Belhocine liet Amuzu, Bornauw en Saelemaekers meteen weer in de basis beginnen, waar Verschaeren al een tijdje incontournable is. 'Jeunesse Anderlechtoise, l'avenir est à vous', stond er op een spandoek achter de spionkop te lezen. Toch iets om tevreden over te zijn als thuisfan. Bij AA Gent mocht Giorgi Tsjakvetadze nog eens starten: de jonge Georgiër bedankte met een bleke prestatie en werd nog voor het uur naar de kant gehaald.

Voormalige paars-witte coryfeeën Alex Czerniatynski en Michel De Wolf mochten de aftrap geven. Symbolisch was dat, twee ex-spelers die meer knokker dan rasvoetballer waren, maar die toch mooie jaren beleefden in het Astridpark. Was het een signaaltje naar de huidige spelerskern: ook als je niet helemaal het Anderlecht-DNA bezit, kan je hier uitblinken? Als het zo was, hadden de spelers het in elk geval niet echt begrepen. Veel goede wil, dat wel, maar weinig voetbaltechnische vrolijkheid. Op de eerste doelpoging tussen de palen was het 56 minuten wachten. Een eindeseizoenswedstrijd halfweg de play-offs, veel dichter bij Play-off 2 kom je niet in deze fase van de competitie. Op de eretribune zaten de notabelen meer op hun smartphone te tokkelen dan dat ze opkeken naar het duel der kneusjes.

De tweede helft had net iets meer om het lijf — of was net iets minder slecht —, maar een verrijzenis bleef uit. David knalde net naast, Verschaeren schoot van dichtbij op de lat, Bezus trof de paal, Kaminski zweefde op het eind een draaibal van Verschaeren uit de hoek. Meer viel er niet te noteren. Behalve dan dat er voor het eerst werd gelijkgespeeld in Play-off 1. En dat er voor het eerst ook niet gescoord werd. Zo hebben Anderlecht en AA Gent toch iets speciaals gedaan op deze gezapige Paaszondag. En ze hebben nu tenminste toch een puntje behaald.



  • Reacties(0)//maandans.frankvanlaeken.eu/#post885

Journalisten moeten hun vak weer opeisen

JournalistiekGeplaatst door Frank Van Laeken wo, april 24, 2019 10:12:02

(Ik schreef voor het vakblad De Journalist in het themanummer over '30 jaar internet' een column over de gang van zaken in de journalistiek. Trouwe lezers van deze blog zullen elementen uit eerdere blogposts herkennen.)

Er liepen nog nooit zo veel mensen rond die zich journalist noemen als vandaag; nog nooit gedroegen er zich zo weinig als echte journalisten. Het is een boutade, en bovendien kort door de bocht, maar er is wel degelijk iets loos in ons vak. De kwaliteit slabakt, basisprincipes worden verloochend, de vierde macht heeft die macht uit handen gegeven. Hoofdredacteuren, eindredacteuren en journalisten zouden wat strenger moeten zijn voor zichzelf en tegelijk meer respect voor hun beroep eisen.

Of je nu voor of tegen nieuwssites, burgerjournalistiek of nieuwsverspreiding via sociale media bent: ze zijn er, en ze zijn niet van plan snel te verdwijnen. Dus heeft het ook geen zin om te doen alsof ze er niet zijn, te hopen dat de bui zal overwaaien of — veel erger nog — te mijmeren over hoe het vroeger was. Vroeger was het heus niet beter. Vijftig jaar geleden werden editorialen neergepend door partijvoorzitters of hun vazallen. Op de openbare omroep had je een partijkaart nodig om op de nieuwsdienst te mogen starten. De verzuiling woog door op het functioneren van de media. Ja, journalisten hielden het basisprincipe — check, doublecheck, triplecheck — beter in het oog dan nu, ze hadden ook meer tijd om hun stukken in te leveren en een primeur op de voorpagina van een krant was nog denkbaar: vandaag wordt die snel op het internet gepleurd.

Traditionele en nieuwe media staan onder druk. Bij het minste wordt er 'fake news' geroepen. Sommige sites specialiseren zich zelfs in het verspreiden van halve waarheden of hele leugens, en dat straalt ook af op de koosjere medewerkers in de sector. Als een journalist van het gereputeerde Der Spiegel betrapt wordt op het uit zijn duim zuigen van artikels, dan lijdt niet alleen Der Spiegel daaronder, maar de hele kwaliteitspers. Ergens roept er wel iemand: zie je wel! En: het zal elders niet beter zijn!

Als een onderbetaalde copy/paste-redacteur onder druk van een in zijn nek hijgende eindredacteur een artikel bijeen jat en het halsoverkop de wijde wereld instuurt om toch maar de eerste te zijn met een niet gecontroleerd bericht, dan komt dat de reputatie van de hele journalistieke wereld allesbehalve ten goede. Waarna collega's van de copy/paste-jongen (m/v) vervolgens diens informatie recycleren voor een 'eigen' slordige bijdrage. Ad infinitum.

Dat is de hapsnapwereld waarin we beland zijn: de eerste zijn is belangrijker geworden dan correcte en de meest volledige informatie brengen, en als je niet de eerste bent, moet je de mediagebruiker wijsmaken dat dat wél zo is. Stilstaan bij wat we doen en hoe we dat doen zit er nauwelijks nog in. Nadenken evenmin. Dat gaat ten koste van de geloofwaardigheid van het beroep.

Dokters Frankenstein

Een voorbeeld uit het dagelijkse persleven. Student richt een Vlaams-nationalistisch, extreemrechts actiegroepje op. Dat geniet alleen in beperkte kring enige bekendheid. De jongen spreekt zich via de sociale media uit over de geslachtsverandering van een journaliste bij de commerciële omroep; dat we dit allemaal niet zomaar normaal moeten vinden. Wordt plots opgevoerd in een duidingsmagazine als iemand met een uitgesproken mening over de transgenderproblematiek. Wakkere journalist op een andere redactie denkt: hé, wie is dat en wie is dat clubje dat hij vertegenwoordigt? Hij gaat op onderzoek. Andere journalist gaat de jongeman interviewen. Geeft hem verschillende pagina's in een prestigieus weekendmagazine. Een forum, zeg maar. Een half jaar later heeft de wakkere journalist zijn reportage klaar. Spraakmakend, onthullend, verbijsterend. Journalistiek op topniveau. Relevant. Maar de student weet zijn aanhang nog uit te breiden. En krijgt nog meer persaandacht. En wordt dan aangekondigd als lijsttrekker van een extreemrechtse partij. Krijgt vervolgens weer uitgebreide persaandacht en gebruikt die om in te hakken op de media die hem die aandacht geven.

Als we over Dries Van Langenhove praten — want over hem gaat het in de vorige paragraaf — moeten we vaststellen dat sommige media zich gedroegen als Dokters Frankenstein en een eigen monstertje hebben gecreëerd. Goed dat het fascistoïde clubje ontmaskerd is — niet dat het helpt, de populariteit stijgt alleen maar, maar dat kan je de wakkere journalist niet euvel duiden: hij heeft zijn job gedaan (hij wel!). Maar waarom moest dat jonge heerschap worden opgevoerd omdat hij een mening had over transgenders? Wat is zijn expertise? Wat is zijn maatschappelijke visie hierop? Hij heeft er geen, hij uit gewoon een populistische mening, zoals honderden, misschien wel duizenden Vlamingen hebben gedaan nadat die journalist aankondigde dat hij een zij zou worden.

Zijn wij, de pers, de media, nu enkel nog dragers van de meest onzinnige boodschappen? Zijn we masochisten geworden? Zijn we onze eigen overbodigheid aan het ensceneren?

Klimaat vs. Marrakesh

Neem nu de twee betogingen in december: de Klimaatmars (65.000 deelnemers) en de Mars tegen Marrakesh (5.500). Ik heb zelf even de moeite gedaan om de media-aandacht van die twee manifestaties te vergelijken. Over de Klimaatmars werden op zondag 2 december 25 stukken gepubliceerd en op maandag 3 december 18, samen goed voor 15.838 woorden. Niet overal stond de Klimaatmars prominent op de voorpagina. Over de Mars tegen Marrakesh werden op zondag 16 december 44 stukken gepubliceerd en op maandag 17 december 20, samen goed voor 26.919 woorden. Overal stond de mars prominent op de voorpagina.

Een paar conclusies hieruit.

1. De pers focust te veel op het negatieve. Mars 'tegen'. Gewelddadigheid. Hooligans.

2. De pers focust te veel op controverse. Die saaie pieten en mieten van #ClaimTheClimate, met hun eeuwige bakfietsen en hun aandacht voor de toekomst! Neen, dan liever die frisse jongens van Schild & Vrienden, die altijd weer iets zeggen dat lekkere koppen en luidruchtige toogdiscussies oplevert.

3. De pers focust te veel op makkelijk populisme en pompt dat vervolgens nog eens op. Die Mars tegen Marrakesh had perfect op pagina 7 gekund, 30 lijnen met daarnaast een foto van het geweld achteraf. Meer zijn 5.500 mensen niet waard. Dat is ongeveer 0,05 procent van de Belgische bevolking, terwijl de organisatoren beweren dat ze het hele volk vertegenwoordigen. Quod non.

4. De pers is dringend toe aan gewetensonderzoek. Ik wil hier niet pleiten voor constructieve journalistiek, vanwege de oubolligheid van die term, die bovendien lijkt te veronderstellen dat je alléén nog maar het positieve moet zien. Nogal naïef. Maar we stevenen af op destructieve journalistiek, berichtgeving die uitsluitend de waan van de dag volgt, herrie veroorzaakt of versterkt, bruggen helpt op te blazen, populisten populairder maakt, de samenleving in al zijn gewrichten doet kraken. Dat kan ook niet de bedoeling zijn. Waar is onze kritische zin naartoe?

Journalisten moeten weer meer onderzoeken en blootleggen, media moeten geen megafoons aanreiken aan de luidste roepers en de strafste tafelspringers, maar aan de interessantste stemmen in de samenleving, hoe zoetgevooisd en bedeesd die soms ook klinken.

Meningenfabriek

Noem me ouderwets, maar ik vind dat journalisten, eindredacteuren, hoofdredacteuren en uitgevers wat meer ballen moeten tonen. Wij zijn de professionals, wij moeten beoordelen of iets of iemand nieuwswaardig is, iets toevoegt aan een maatschappelijk debat, relevant is. Wij moeten naar eer en geweten, zo onpartijdig en onafhankelijk mogelijk, met de nodige afstand knopen doorhakken: waar besteden we onze nog altijd beperkte ruimte aan? Dat is onze verdomde job, daarvoor worden we betaald.

Aan een loodgieter wordt toch ook niet gevraagd om de klussende buurman inspraak te geven als hij een lek komt dichten. De bakker laat toch niet toe dat de handige buur mee taartjes komt bakken, omdat die dat zo goed doet als er een familiefeestje is. Staat de notaris toe dat lieden die weleens een juridische tekst in de verte hebben bekeken, zelf een akte komen opstellen?

Blijkbaar zijn politici en journalisten tegenwoordig de enigen die hun taak uit handen hebben gegeven: ze laten zich voeden door populisme. De schreeuwende vox populi zijn meer de norm geworden dan de bedaarde stem van experten. Omdat we zo graag hebben dat het botst, dat er controverse van komt, dat we de dagen nadien nog iets hebben om over te schrijven en te praten. Het is zó makkelijk, in de meningenfabriek wordt elk uur van de dag wel iets geroepen. Uitzonderlijk is dat geniaal en bruikbaar voor de samenleving, soms nuttig, meestal overbodig en irrelevant.

Politici en journalisten moeten weer ergens voor staan: een visie, een voldragen mening, beroepsethiek, een zekere vorm van verhevenheid in het domein waarin ze gespecialiseerd zijn. Wij zijn volksvertegenwoordigers: de ene legitiem, want verkozen, de andere eveneens legitiem, want professioneel geschoold of door ervaring stielman geworden, en daardoor in staat geacht om het belangrijke te onderscheiden van het belangwekkende (en het futiele). Zijn we perfect? Verre van. Lopen er charlatans rond in de stiel? Wees gerust, knoeiers lopen overal rond, ook onder de loodgieters, bakkers en notarissen. Daarom moet je de stiel nog niet laten bederven of jezelf niet meer ernstig nemen.

We moeten, kortom, ons vak weer opeisen, en dat geldt zowel voor de 'ouderwetse' krant als voor de hipste nieuwe site.



  • Reacties(0)//maandans.frankvanlaeken.eu/#post884
« VorigeVolgende »