Maandans

Maandans

It's a marvelous night for a moondance!

Meningen over actuele gebeurtenissen. Of oude teksten "revisited". Startend vanuit een persoonlijke nood om gehoord/gelezen te worden. Een beetje pretentieus, misschien, in de hoop zo een discussie aan te zwengelen. Of toch op zijn minst tot nadenken te stemmen. Leuk tijdverdrijf mag ook, natuurlijk. O ja, de naam "Maandans" is de letterlijke vertaling van "Moondance", een management-boekingkantoor voor jonge Belgische rockbands dat ik eind jaren tachtig had, maar vooral: een heerlijk swingend nummer van een toen nog piepjonge Van Morrison, één van mijn favoriete artiesten. Kom ook eens langs op Twitter: @FrankVanLaeken of op mijn website: www.frankvanlaeken.eu

Blaffeturen

SamenlevingGeplaatst door Frank Van Laeken za, november 17, 2018 13:05:17

Een persoonlijk weetje. Er zaten deze ochtend slechts twee in plaats van de gebruikelijke drie weekendkranten in de bus. Geen De Morgen-plus-bijlagen. Bovendien een De Standaard-zonder-bijlagen. Ramp! Dat maakt een leesmens ongelukkig, op een bevroren zaterdagochtend. Ik moest de auto in (eerst sporen van de vriesnacht wegkrabben), naar de enige krantenwinkel van het dorp. Die bevindt zich op wandelafstand, maar het was a) te koud om een eindje te stappen, b) ik zit met een stevige verkoudheid en zoals geweten is dat bij mannen het bijna-dood-stadium, en c) ik wilde die krant zo snel mogelijk in handen hebben.

Onderweg passeerde ik een blaffende hond, van het merk ‘wit’, want ik kan geen labrador van een teckel onderscheiden. Hij hing vastgeketend aan een tractor. Wilde mij wegjagen, wat honden bij ons in de buurt wel vaker doen: mij angst proberen aan te jagen, ik, indringer te voet, zij, lafhartig achter een dikke haag of hoge muur. De blaffende bravoure — compleet zinloos, want zo’n scharminkel kan niet op tegen een mannetje in een blikken doos die drijft op paardenkracht — deed mij denken aan de publieke opinie en hoe die vaak tekeergaat op sociale en andere media. Collectief blaffen is een internationale sport geworden. Hoe luider we blaffen, hoe eerder iets weggaat, zo denken de blaffers. Soms werkt het zelfs.

Maandag blafte, pardon: oordeelde, het Antwerpse Hof van Beroep dat de onderzoeksrechter in Operatie Propere Handen gewraakt moest worden, op verzoek van de bekende procedurepleiter Hans Rieder. Joris Raskin werkte bij aanvang van zijn onderzoek naar allerlei gesjoemel in het voze voetbalwereldje nog deeltijds voor de voetbalbond, als lid van de licentiecommissie, die elk jaar moet beoordelen welke clubs professioneel voetbal mogen bedrijven en welke niet. Doorgaans zijn die leden daar veel te lankmoedig in, want niet zelden gaat zo’n club nog geen jaar nadat het een licence to kill football heeft gekregen, financieel onderuit.

Ik begrijp de demarche van meester Rieder wel. Een advocaat heeft niet als hoofdtaak om een sympathieke peer te zijn. Hij moet zijn cliënt zo goed en zo kwaad als dat kan vertegenwoordigen. Een goede kennis van het wetboek helpt daarbij. Dat Rieder Raskin wilde wreken, is volkomen logisch. Dat het Hof van Beroep hem daarin volgde, ook nog. Dat dat Hof zich bediende van het argument “Bij de publieke opinie is een schijn van partijdigheid ontstaan”, vind ik daarentegen dikke stierendrek.

De publieke opinie zou niets in de pap te brokken mogen hebben in juridische zaken. Als rechters de stem van het volk zouden volgen, kunnen we binnenkort de brandstapel herintroduceren. Of gaan we de nonsensikale redenering ‘Perceptie = realiteit’ (de moderne versie van ‘Geen rook zonder vuur’) volgen? We betalen rechters en magistraten juist om onafhankelijk en onpartijdig te oordelen, niet om de publieke opinie (wat dat verder ook moge betekenen) ter wille te zijn. Dat soort bevlogen dingen schreef ik maandag in de vooravond — achtendertig graden koorts, snotterend en niezend, proestend en kuchend — op Twitter. Koortsdronken slimmigheidjes.

’s Anderendaags — zevenendertig en een halve graad koorts, inmiddels — las ik een reactie van een hele slimme mens, zó slim dat ie ooit nog de eenmansjury vormde in de oerversie van De Slimste Mens ter Wereld, en, neen, het is geen kerkjurist. “Waar elders zou die schijn van partijdigheid kunnen ontstaan dan bij ‘een’ publieke opinie?”, vroeg hij zich af. En hij voegde eraan toe: Justice must be seen to be done. Ik denk dan — halfslimme mens en eenmansjury zijnde — dat die uitspraak er vooral op slaat dat wat de rechterlijke macht doet, ook gecontroleerd kan worden door de andere machten en door, o help, de publieke opinie. Maar het betekent voor mij niet dat rechters zich bij elke uitspraak moeten verantwoorden aan ons allemaal. Zij moeten wijze en afstandelijke vonnissen vellen, op basis van bewijsmateriaal en onderbouwde vermoedens. Rechtspraak moet ten dienste staan van de samenleving (als abstract begrip), niet van de mening van de luidste roepers in die samenleving. Dáár worden rechters en magistraten voor betaald, niet om te zeggen wat het volk wil dat ze zeggen, zelfs als het volk vindt dat wat ze uiteindelijk zeggen wereldvreemd is, een verwijt dat tegenwoordig bon ton is in middens die vinden dat rechters naadloos de overheersende politieke, economische en sociale teneur moeten volgen. Er wordt wat afgeblaft richting rechterlijke macht, meestal door witte honden van wie je heel duidelijk kunt zien welk ras ze hebben.

Wereldvreemd, dat zijn de mensen die bij zonsondergang de rolluiken neerlaten en niets meer met de wereld te maken willen hebben. Die dingen heten in de volksmond niet voor niets blaffeturen.



  • Reacties(0)//maandans.frankvanlaeken.eu/#post838