Maandans

Maandans

It's a marvelous night for a moondance!

Meningen over actuele gebeurtenissen. Of oude teksten "revisited". Startend vanuit een persoonlijke nood om gehoord/gelezen te worden. Een beetje pretentieus, misschien, in de hoop zo een discussie aan te zwengelen. Of toch op zijn minst tot nadenken te stemmen. Leuk tijdverdrijf mag ook, natuurlijk. O ja, de naam "Maandans" is de letterlijke vertaling van "Moondance", een management-boekingkantoor voor jonge Belgische rockbands dat ik eind jaren tachtig had, maar vooral: een heerlijk swingend nummer van een toen nog piepjonge Van Morrison, één van mijn favoriete artiesten. Kom ook eens langs op Twitter: @FrankVanLaeken of op mijn website: www.frankvanlaeken.eu

Aftellen naar 14/10

PolitiekGeplaatst door Frank Van Laeken za, september 15, 2018 13:23:26

Over negenentwintig dagen moeten we naar het stemhokje. Verplicht. Opdraven en uw plicht vervullen! Het zijn gemeenteraadsverkiezingen, normaal lig ik daar persoonlijk niet zo wakker van. U moet weten, ik ben Antwerpenaar, maar ik woon op de parking. Heel eerlijk: de campagne in mijn geboortestad interesseert me veel meer dan die op de plek waar ik al veertien jaar woon. Op een schaal van 0 tot 10: óneindig veel meer. Al zal het ook hier ongetwijfeld boeiend zijn. De vraag is: doorbreekt de N-VA de hegemonie van de CD&V? Deze gemeente kent namelijk al sinds de fusie van gemeenten in 1976 een absolute meerderheid van lokale christendemocraten. In 2006 behaalde de CD&V nog 78,54 procent van de stemmen. Dat is wat ze in Amerika a landslide zouden noemen: de verzamelde concurrentie stond niet op de foto (dat waren toen alle andere partijen sámen, die zich voor de gelegenheid — er was over nagedacht, maar niet al te lang — KARTEL hadden genoemd). Zes jaar geleden kwamen er vijf aparte partijen op en zakte de CD&V naar 56,78%, de laagste score in tweeënveertig jaar. Paniek in de oranje tent. En nu houdt de populaire burgemeester, al achttien jaar op die stoel als opvolger van zijn nóg populairdere voorganger die vijfendertig jaar de sjerp droeg tot hij letterlijk doodviel, het voor bekeken. Verdriet om zijn (een paar jaar geleden) overleden vrouw en een kwakkelende gezondheid, zo zegt hij zelf. Gesjoemel in de marge en niet meer zo gewenst binnen zijn eigen partij, zo zeggen anderen. Dat is iets wat de autochtone bevolking ongetwijfeld bezighoudt, het levert ook wat extra inkomsten op voor regionale verslaggevers, maar als allochtoon die weigert te integreren gaat het bij mij het ene oor in en het andere weer uit. Ik zou niet eens weten wie de kandidaten zijn en welke partij het interessantste programma voor mij te bieden heeft. Wat De Wever, Beels, Van Besien, Peeters, Mertens en De Backer bekokstoven interesseert me dan veel meer. Zou het toch iets zijn met 't stad en de parking?

***

De bitsigheid van de toon waarmee tegenwoordig campagne wordt gevoerd is ongezien. Ik mocht voor het eerst mijn verplichte stemrecht uitoefenen op 8 november 1981, op m'n tweeëntwintigste. Voor het eerst mochten 18-jarigen toen hun stem uitbrengen, iets wat ik zelf vier jaar voordien dus nog niet mocht. De CVP van kortstondig premier Mark Eyskens verloor veertien zetels, maar hield er wel drieënveertig over, ruim meer dan PVV, SP en VU. Meer dan voldoende om weer de eerste minister te mogen leveren. Agalev palmde voor het eerst twee zetels in het federale parlement in (niet mijn verdienste), Vlaams Blok stuurde als nieuwkomer één volksvertegenwoordiger naar Brussel (niet mijn schuld), de unitaire communistische partij behield nog twee van z'n vier zetels (niets mee te maken).

Politici gebruikten soms harde taal in die dagen: Leo Tindemans trad af omdat zijn coalitiepartners de grondwet als "een vodje papier" behandelden, oppositieleider Louis Tobback noemde premier Martens Caligula, da joenk Verhofstadt liet zich evenmin onbetuigd met zijn radde tong, enzovoort, enzoverder. Er werd al eens ruzie gemaakt binnen de coalitie en dan viel de regering, maar nooit eerder werd er zo openlijk en zo permanent geruzied tussen leden van een regering of van regeringspartijen als nu. Nooit eerder werden in politieke discussies termen als 'bloedhond' gehanteerd door een lid van de regering, of had een (voormalige) schepen het over 'journalistenratten'. Nooit eerder zei een burgemeester over de lijsttrekker van zijn voornaamste coalitiepartner dat die z'n vis ging kopen bij een notoir lid van een drugbende. Ze rollen voortdurend vechtend over de vloer. Als ploegmaats dat in het voetbal zouden doen, kregen ze een rode kaart. In de politiek levert het spektakel op en heel veel plaatsvervangende schaamte. De lieden die ons regeren laten elke dag opnieuw merken dat ze gewrongen zitten in een verstandshuwelijk, de lieden die daar oppositie zouden moeten tegen voeren kunnen er niet tegenop, en wel om drie redenen: hun debatstijl is te krachteloos of te weinig origineel, ze maken inhoudelijk te weinig het verschil én geen enkele oppositietaal is sterker dan de zelfvernietigingskracht van ruziënde coalitiepartners. Of is het allemaal schijn?
***

Negenentwintig dagen en ik weet niet voor wie ik moet stemmen. Tweehonderd drieënvijftig dagen voor de zoveelste Moeder Aller Verkiezingen — federaal, Vlaams én Europees — en ik zou begot niet weten wat ik moet doen, straks. Ik hoor en lees flarden van partijprogramma's die me aanstaan, anderen stoten me dan weer af. Ik hoor en lees gekakel, maar word niet warm van de sociale media-politiek die wordt opgevoerd. Een barslecht geregisseerd toneelstuk. Veel te vaak theater zoals te verwachten en te voorzien was, de macht der theaterlijke dwaasheden loert om de hoek, om het met de titels van een in opspraak gekomen kattensmijter te hebben. Politiek is nooit echt een propere stiel geweest, maar ik herinner me niet dat er ooit tevoren met zoveel bakken modder tegelijk is gesmeten, en dan nog wel naar collega's die de dag na de verkiezingen preferentiële partners blijken te zijn, bij gebrek aan beter. Sommige partijen staan mijlenver van de doorsnee kiezer af, anderen hebben de kloof tussen burger en politiek helemaal gedicht, zodanig zelfs dat hatelijk populisme deel is gaan uitmaken van discours en beleid. Dan liever die kloof, eerlijk gezegd: je verwacht van een politicus dat die over de toekomst nadenkt, het beste met ons voor heeft, zich kan onttrekken van de waan van de dag. Niet dat hij of zij zich vereenzelvigt met toogpraat en makkelijke, sloganeske taal.

Het mag stilaan weer over inhoud gaan. Er is heus niets mis met een politicus die een Grote Boodschap heeft. Liever dat dan het constante kakken op elkaar.



  • Reacties(1)//maandans.frankvanlaeken.eu/#post813