Maandans

Maandans

It's a marvelous night for a moondance!

Meningen over actuele gebeurtenissen. Of oude teksten "revisited". Startend vanuit een persoonlijke nood om gehoord/gelezen te worden. Een beetje pretentieus, misschien, in de hoop zo een discussie aan te zwengelen. Of toch op zijn minst tot nadenken te stemmen. Leuk tijdverdrijf mag ook, natuurlijk. O ja, de naam "Maandans" is de letterlijke vertaling van "Moondance", een management-boekingkantoor voor jonge Belgische rockbands dat ik eind jaren tachtig had, maar vooral: een heerlijk swingend nummer van een toen nog piepjonge Van Morrison, één van mijn favoriete artiesten. Kom ook eens langs op Twitter: @FrankVanLaeken of op mijn website: www.frankvanlaeken.eu

Wijven

PolitiekGeplaatst door Frank Van Laeken vr, oktober 10, 2014 17:21:16

"Wijven moeten zoveel complimenten niet maken". Ik probeer me het zenuwachtig gekuch voor te stellen op de plechtige banken van de Kamer van Volksvertegenwoordigers. Het gegniffel, het openlijke gelach, de boze vuisten van woede, de verontwaardigde kreten van de weinige vrouwelijke verkozenen. De uitspraak dateert niet van vlak na de oprichting van dit land, evenmin uit de periode dat onze vorst Leopold II heette, noch van het interbellum, zelfs niet van de jaren vijftig of zestig van de vorige eeuw. Ze werden in 1972 uitgesproken door Louis Major, toenmalig minister van Arbeid en Tewerkstelling in de roomsrode regering Eyskens-Cools, voordien jarenlang algemeen secretaris van het ABVV, een sos. Major fulmineerde toen tegen ene Nelly Maes, fris verkozene namens de Volksunie, die het had aangedurfd om te eisen dat haar collega's haar met haar meisjesnaam zouden aanspreken, zoals het in een moderne, geëmancipeerde maatschappij hoort.

Neen, modern en geëmancipeerd was de op dat moment zeventigjarige übersocialist Major niet. 'Scheldmajoor' noemden ze hem, zowel in zijn eigen partij als tot ver daarbuiten. Major leidde toen ook op buldertoon het dagblad De Volksgazet, de voorloper van De Morgen. Ja, dat kon toen allemaal nog, want modern en geëmancipeerd waren onze media en onze politici nog lang niet, tot grote ergernis van 'Rode Nelly' en andere Mieten Smet.

Zijn we dan vandaag wel zo modern en geëmancipeerd? Af te leiden aan de samenstelling van de regering-Michel I zou ik dat niet direct durven stellen. We sluiten een periode af waarin de eerste minister openlijk homoseksueel was, we bij aanvang van diens regeerperiode vijf vrouwelijke ministers telden, van wie zelfs twee vice-premiers, en één vrouwelijke staatssecretaris. 38,5% van de ministers in Di Rupo I was vrouw, als je de hele ploeg bekijkt daalt dat percentage naar 31,6%. Zes op negentien. Laten we naar boven afronden: één op drie. Dat leek ons drie jaar geleden oké, maar ook niet veel meer dan dat. Normaal, quoi.

Charles Michel zal een ploeg leiden bestaande uit achttien man: de premier, dertien ministers (+ 1), vier staatssecretarissen (- 2). Bij de ministers welgeteld drie vrouwen (21,4%), bij de staatssecretarissen één (20%). Totaal: vier op achttien, oftewel 22,2%. Laten we opnieuw naar boven afronden: één op vier. Eentje minder dan in de vorige regeringsploeg.

Minder vrouwen, die dan ook nog eens minder zware bevoegdheden te beheren krijgen (we hadden: Binnenlandse Zaken, Volksgezondheid en Sociale Zaken, Justitie, Middenstand/KMO's/Zelfstandigen en Landbouw, en Werk, en vooral niet te vergeten twee vice-premiers; we krijgen: Volksgezondheid en Sociale Zaken, Energie en Duurzame Ontwikkeling, en Mobiliteit). "Een regering van de twintigste eeuw", schreef iemand. Gevoelsmatig vind ik dat nog niet sterk genoeg klinken. Het lijkt wel alsof de geest van Louis Major in de lange onderhandelingen is geslopen en we terug gekatapulteerd werden naar 1972. "Wijven moeten niet zoveel complimenten maken", behalve wanneer ze de populairste politicus van het land zijn geworden of geen enkel haantje geïnteresseerd is in hun zachte postjes (Energie, Mobiliteit).

Ik mag vooral niet vergeten te vermelden dat de MR ook de voorzitster van de Senaat levert, een instelling die zichzelf de komende legislatuur mag opdoeken. Ook dat klinkt haast symbolisch. "Zet daar maar een vrouwtje neer, in dat rode pluche mogen ze wel complimenten maken, dat hoort toch niemand!" Ik denk niet dat de naam Christine Defraigne veel zal rondzingen in de media en in de politieke coulissen.

Spontaan associeer ik de huidige regeringspartijen met besloten cenakels, waar mannen bij het roken van een dure sigaar en het drinken van een dure borrel gore bakken vertellen. Gelach verzekerd. De aanwezige excuustruzen lachen mee, ze hebben geen andere keuze in een wereld die wordt geregeerd door bange blanke mannen. Het zijn masculiene barakken waar vrouwen ternauwernood getolereerd worden. Tussendoor regelen de staatsmannen staatszaken, zoals het hoort.

Ik dacht tot nog toe dat ik bevooroordeeld was, dat (centrum)rechts wel degelijk voor een aanvaardbaar evenwicht zou gaan. Is CD&V niet die standenpartij waar de groepering 'Vrouw en Maatschappij' iets in de pap te brokken heeft? Is N-VA niet die partij die nieuwe Belgen, niet zelden van vrouwelijke kunne, een prominente plaats op verkiezingslijsten gunt? Wordt Open VLD niet geleid door een voorzitster?

De hashtag #zesvrouwenofgeenvertrouwen circuleert nu op Twitter. Ik weiger die te gebruiken, omdat we dan weer in de sfeer van de quota belanden en dan kan je net zo goed #dehelftvrouwenofgeenvertrouwen tweeten. Maar het is wel goed dat deze gang van zaken gehekeld wordt, want in het veertiende jaar van de éénentwintigste eeuw blijkt politiek in België nog altijd een mannenzaak.

Als de politieke stok in ons land binnen de familie wordt doorgegeven is het bijna altijd van vader op zoon, heel af en toe van vader op dochter (Marleen Vanderpoorten, schiet me te binnen), nooit van moeder op dochter. Het is een gesloten circuit, waar buitenstaanders worden geweerd, zo'n beetje zoals in de Antwerpse haven jarenlang de opvolging van werknemers verzekerd werd. We zijn, met andere woorden, terug bij de man die in 1972 een wet opstelde om alleen erkende havenarbeiders toe te laten havenarbeid te verrichten. "'t Is altijd wat met die wijven, meneer Major!" "Kameraden, ze moeten hun bakkes leren houden!"

Destijds waren die van de Volksunie het compleet oneens met de boertige, gezette socialist. Vreemd dat de nazaten van de Vlaams-nationalistische partij van weleer en hun medestanders in de nieuwe federale coalitie op dezelfde lijn blijken te zitten als een socialist van de oude stempel.



  • Reacties(1)//maandans.frankvanlaeken.eu/#post515