Maandans

Maandans

It's a marvelous night for a moondance!

Meningen over actuele gebeurtenissen. Of oude teksten "revisited". Startend vanuit een persoonlijke nood om gehoord/gelezen te worden. Een beetje pretentieus, misschien, in de hoop zo een discussie aan te zwengelen. Of toch op zijn minst tot nadenken te stemmen. Leuk tijdverdrijf mag ook, natuurlijk. O ja, de naam "Maandans" is de letterlijke vertaling van "Moondance", een management-boekingkantoor voor jonge Belgische rockbands dat ik eind jaren tachtig had, maar vooral: een heerlijk swingend nummer van een toen nog piepjonge Van Morrison, één van mijn favoriete artiesten. Kom ook eens langs op Twitter: @FrankVanLaeken of op mijn website: www.frankvanlaeken.eu

Onderschatte Platen (8): The Blue Mask / Lou Reed

MuziekGeplaatst door Frank Van Laeken za, augustus 23, 2014 12:33:20

Welkom in deze zomerrubriek, waarin ik elke week in mijn collectie elpees duik ("I love the smell of vinyl in the morning!") en er een exemplaar opduik dat in mijn ogen ten onrechte onderschat of negatief gerecenseerd werd. In deel 8: The Blue Mask van Lou Reed uit 1982.

Laten we het niet over de Velvet Underground hebben, een fabeltastische groep die onder de vleugels van Andy Warhol een paar onvergetelijke platen heeft gemaakt, die destijds straal werden genegeerd, maar achteraf wel honderden rockgroepen hebben beïnvloed. Laat me ook de voor de hand liggende klassiekers als Transformer, Berlin, New York, Songs For Drella en Magic and Loss even vergeten, geklasseerd als ze staan onder de M van 'Meesterwerk'. Laat me de controversiële artiest en nukkige mens die bewust provoceerde met Metal Machine Music (believers vinden het geweldig, non-believers haten die plaat, ik heb ze in elk geval niet) en, helemaal op het einde, Hudson River Wind Meditations en Lulu ook rustig in zijn graf liggen.

Ik wil het vandaag hebben over The Blue Mask, een elpee uit 1982, met de intrigerende hoes waarop de zanger staat afgebeeld met een blauw ingekleurd gezicht (het blauwe masker in kwestie), daterend uit een periode in zijn muzikale bestaan die algemeen wordt beschouwd als wisselvallig en verknipt. Deze elpee, zijn elfde soloplaat, de eerste voor RCA, kwam er op een ogenblik dat Reed eindelijk wat stabiliteit had gevonden in zijn privé-leven: na twee jaar huwelijk met Sylvia Morales was hij nog altijd smoorverliefd.

Ga niet op zoek naar franjes, want die vind je hier nauwelijks. Twee gitaren, een bas en een drumset, meer moet dat niet zijn, want hé, dit is rock 'n roll. Een diamant waarvan de ruwe kantjes niet werden afgeslepen, waar de feedback naar voor werd gemixt en de melodie ondergeschikt was aan de sfeer die het geheel uitademde.

Openingstrack My House is een hommage aan de Amerikaanse poëet Delmore Schwartz (1913-1966), waarvoor een heel jonge Reed kort na diens dood al European Son had geschreven. "Delmore, I missed all your funny ways / I missed your jokes and the brilliant things you said / My Dedalus to your Bloom, was such a perfect wit / And to find you in my house makes things perfect". Het is een lange, slepende song met ontregelde gitaren en Reed die zoals gebruikelijk met die diepe stem van 'm naast de toon zingt. My House is naar Reedmaatstaven een al bij al optimistische song: "I really got a lucky life / My writing, my motorcycle and my wife / And to top it all off a spirit of pure poetry / Is living in this stone and wood house with me". Al moeten we altijd een slag om de arm houden bij de doorgaans sarcastische en zelfs cynische New Yorker, die in interviews rockjournalisten de kast opjoeg omdat hij niet in zijn ziel wilde laten kijken.

In Women bejubelt hij het bestaan van de andere sekse. Als tiener was hij een seksist die vrouwen begluurde in vieze blaadjes, zo bekent de dan 40-jarige macho, maar vrouwen maken je beter, ze inspireren je, ze zingen een stroofje Bach waarna je de liefde bedrijft. "I love women, I think they're great / They're a solace to the world in a terrible state". Ik gok: hij meent het woord voor woord, geen greintje ironie hier.

Underneath the Bottle heeft de gitaarriff van Sweet Jane geleend en vertelt het verhaal van een aan lager wal geraakte, door de alcohol bedwelmde man, op zoek naar sympathie en een paar nachten goede slaap. "It's the same old story / Of a man and his search for glory / And he found it, there underneath the bottle". Een depressieve song met een beklijvende boodschap, maar met een al te simpele muzikale verpakking. Dan toch maar liever de originele Sweet Jane.

De mistroostigheid gaat nog even door in The Gun. Een track die de zwartgalligste passages op Berlin benadert, bovendien een uitermate kritische kijk op het vrije wapenbezit in de Verenigde Staten. We zijn in 1982, lang voor Columbine en andere excessen. Met een revolver, in dit geval een 'nine millimeter Browning', ben je het mannetje, klaagt Reed aan. "He'll point at your mouth / Say that he'll blow your brains out". Hartverscheurend.

Kant 1 wordt afgerond met het titelnummer. Opnieuw een in zwarte ironie gedrenkte aanklacht, dit keer tegen onderdanigheid en blinde gehoorzaamheid, die zachtjes begint (rustig aanzettende gitaar, lichtjes pompende bas) om dan uit te monden in een brok agressieve rock, vol gestoorde gitaren en een kwaad lettergrepen spuwende zanger. Zelfs Oedipoes komt even langs. "I've made love to my mother, killed my father and brother / What am I to do / When a sin goes too far, it's like a runaway car / It cannot be controlled".

Op de andere zijde opent Average Guy in al zijn valse vrolijkheid. "I am just your average guy, trying to do what's right". Onder die bovenlaag zit alweer een introspectieve rondrit langs tegenslagen, mislukkingen en vervelende alledaagsheid. "Average looks, average taste / Average height, an average waist / Average in everything I do / My temperature is 98.2". Het rijmt zowaar, het beukt op je in, het is een gewone song van geen doodgewone jongen, wat hij je ook probeert wijs te maken.

In The Heroine (niet te verwarren met het Velvetnummer Heroin) gaat het op het eerste gehoor over een vrouwelijke held op een schip, maar al snel stuit je op de werkelijke inhoud: heroïne, een drug waarmee Reed lang vertrouwd was. "While the heroine dressed in a virgin white dress / Tried to steer the mighty ship / But the raging storm wouldn't hear of it / They were in for a long trip". Ik hoef er allicht geen tekeningetje bij te maken? (Mooie song, trouwens, had op New York kunnen staan!)

Dan volgt het pijnlijke Waves of Fear, waarin zelfmedelijden en boosheid hand in hand door Reeds slaapkamer marcheren. "Waves of fear, pulsing with death / I curse my tremors, I jump at my own step / I cringe at my terror, I hate my own smell / I know where I must be, I must be in hell". Niet half zo angstaanjagend als Fear (Is A Man's Best Friend) van zijn vroegere makker John Cale, al komt het bij momenten wel aardig in de buurt. Al begint het zelfbeklag na een tijdje wel te irriteren.

Lou Reed mag dan wel een narcistische persoonlijkheid gehad hebben, overlopend van eigenliefde, steeds op zoek naar persoonlijk genot of een tijdelijke vlucht uit de realiteit, hij is naarmate zijn carrière vorderde ook steeds kritischer geworden voor de Amerikaanse samenleving en dan vooral de politiek. Dat komt goed tot uiting in het dromerig opgebouwde The Day John Kennedy Died. "I dreamed I was the president of these United States / I dreamed I replaced ignorance, stupidity and hate / I dreamed the perfect union and a perfect law, undenied / And most of all I dreamed I forgot the day John Kennedy died". Dromen zijn bedrog, ook (of misschien: vooral) in het land van the American dream. De zanger houdt zijn fellow Americans een ongenadige spiegel voor middels een persoonlijk relaas van hoe hij de dood van John F. Kennedy beleefde, een president die pas na de moord in Dallas mythische proporties aannam.

Een liefdesliedje, hadden we dat al gehad? In het slotnummer, Heavenly Arms, bezingt Reed zijn muze van dat ogenblik, Sylvia. "Heavenly arms come to my rescue / Only a woman can love a man / In a world full of hate, love should never wait / Heavenly arms reach out for me". Tijdens het repetitief herhalen van haar naam klinkt zelfs een verre echo van Roy Orbison door (een héél verre, toegegeven!). Ik weet niet of Lou Reed ooit "Ik hou van je" tegen iemand gezegd heeft, maar hier komt hij toch bijzonder dicht in de buurt.

The Blue Mask is niet zijn beste werk: daar dient deze zomerrubriek ook niet voor. Het gaat hier niet over onbetwiste meesterwerken of hitparadesuccessen, maar over elpees die de wind van voren kregen - meestal tegelijkertijd van recensenten en publiek - of ten onrechte weinig aandacht kregen, en die toch grotendeels de tand des tijds hebben doorstaan. The Blue Mask is wat mij betreft zo'n plaat. Niet onmisbaar, maar ze misstaat absoluut niet in mijn platenkast. En als ik ze om de zoveel jaar nog eens opleg, voel ik me nooit bekocht. Dat is al veel waard!



  • Reacties(0)//maandans.frankvanlaeken.eu/#post480