Maandans

Maandans

It's a marvelous night for a moondance!

Meningen over actuele gebeurtenissen. Of oude teksten "revisited". Startend vanuit een persoonlijke nood om gehoord/gelezen te worden. Een beetje pretentieus, misschien, in de hoop zo een discussie aan te zwengelen. Of toch op zijn minst tot nadenken te stemmen. Leuk tijdverdrijf mag ook, natuurlijk. O ja, de naam "Maandans" is de letterlijke vertaling van "Moondance", een management-boekingkantoor voor jonge Belgische rockbands dat ik eind jaren tachtig had, maar vooral: een heerlijk swingend nummer van een toen nog piepjonge Van Morrison, één van mijn favoriete artiesten. Kom ook eens langs op Twitter: @FrankVanLaeken of op mijn website: www.frankvanlaeken.eu

"We do what we're told to do"

SamenlevingGeplaatst door Frank Van Laeken do, augustus 21, 2014 12:33:43

Het was een zomerse zondag, die derde juli van het jaar 1983. In Werchter beklommen achtereenvolgens The Scabs, John Cale + Band, Warren Zevon, Eurythmics, U2, Simple Minds, Peter Gabriel en Van Morrison dat ene podium. Geen tenten, geen poespas, geen tachtig groepen. Acht optredens met tussendoor drie kwartier pauze. Zaterdag in Torhout, zondag in Werchter. Simpel.

Halfweg het optreden van Peter Gabriel, voorlaatste naam op het programma, schokte het publiek na Shock the Monkey nog even na. De zanger met het geschminkte gezicht nam even de tijd om een verhaaltje te vertellen als inleiding van een nieuwe song, Milgram's 37. Over een psycholoog aan de universiteit van Yale, Stanley Milgram, die begin jaren zestig een experiment had opgezet waarvoor hij via een krantenadvertentie vrijwilligers ronselde die vier dollar konden verdienen als proefpersoon. Doel van de test: aantonen dat mensen blindelings orders volgen, ook als ze daarmee andere mensen kwaad doen. Naast de vrijwilliger stond een begeleider in de ene ruimte. In een aanpalende ruimte, gescheiden door een glazen wand, zat een andere zogeheten vrijwilliger (in werkelijkheid: iemand die mee in het complot zat). De échte vrijwilliger werd 'leraar' genoemd en kreeg de opdracht om elektrische schokken toe te dienen aan de andere 'vrijwilliger', de 'leerling', die moest acteren dat er bij elke nieuwe stroomstoot werkelijk 15 volt extra door zijn lijf werd gejaagd, tot het maximum van 450 volt.

Als de 'leraar' twijfelde, greep de begeleider in. Hij zei 'Ga door' of 'Het experiment vereist dat u doorgaat' of 'Het is absoluut noodzakelijk dat u doorgaat' of 'U heeft geen andere keuze, u moet doorgaan', in die volgorde. Vooraf hadden collega's van Milgram op Yale gepronostikeerd dat niet meer dan 1 op 40 'leraren' zouden gehoorzamen tot en met het drie keer na elkaar toedienen van het hoogste, mogelijk dodelijke voltage. Zo onverantwoordelijk en onmenselijk zijn mensen niet, dachten ze. In realiteit gingen 26 op de 40 deelnemers tot het uiterste. Omdat de zelfverzekerde, nadrukkelijk pratende man naast hen dat vroeg. Gehoorzaamheid, dat hadden ze thuis, op school en op het werk geleerd, dus deden ze het maar. (In een variatie op dit experiment zei Milgram dat de 'leerling' een hartprobleem had. Dat bleek geen probleem te zijn voor de meeste vrijwilligers. Shock the monkey! Nog een variante bestond erin om naast de 'leraar' twee andere 'leraars' te zetten, acteurs die nog wat meer druk moesten zetten op hun 'collega', waarna 37 op de 40 deelnemers het experiment bleven voortzetten. Hier komt de titel Milgram's 37 vandaan.)

Gabriel gebruikte het voorval om absolute onderdanigheid aan te klagen en pleitte voor burgerlijke ongehoorzaamheid wanneer autoriteiten te ver zouden gaan met hun bevelen. En hij vroeg de zestigduizend aanwezigen daarop om mee te zingen met een eenvoudige tekst die als een mantra over de weide werd losgelaten: "We do what we're told / We do what we're told / We do what we're told / Told to do". Wat mij, middenin die massa, hogelijk verbaasde, was dat de meesten nog begonnen mee te zingen ook. Ik stond daar, stil, verbaasd rondkijkend, omringd door die 65 procent van de vrijwilligers die niet lang hoefden te aarzelen om elektroschokken toe te dienen. Ik heb het nooit erg voor massa's gehad - mij zal je zelden op betogingen zien -, maar daar en dan wist ik: de mens is tot alles in staat en hij beseft het niet eens. Een angstaanjagende gedachte en een beklijvend moment op een verder zeer aangename festivaldag.

"We do what we're told to do" geldt in tijden van sociale media meer dan ooit. Je zou durven veronderstellen dat individuën in 2014 goed van kwaad kunnen onderscheiden, in staat zijn tot individueel denken en handelen, zich niet laten opjutten door rücksichtloze bevelhebbers of opdringerige leden van dezelfde groep, maar het tegendeel is waar. We blijven kuddedieren. Dat kan positief uitdraaien: een artikel in De Morgen wees gisteren op het stijgend aantal singles in onze samenleving, waarvan de meesten niet liever zouden hebben dan een partner of een vriend(in) te hebben of tot een club van gelijkgezinden te behoren. Verenig u vooral! Doe zotte dingen onder elkaar! (Aarzel dan toch niet, doe wat ik u zeg!)

Dat kan ook leiden tot vreemd kuddegedrag. De hashtag #ISISMediaBlackOut massaal verspreiden via alle denkbare sociale media, bijvoorbeeld, terwijl je die barbaren van de Islamitische Staat er alleen maar een dienst mee bewijst: ze krijgen meer aandacht, hun boodschap wordt nog meer verspreid, de beelden van de onthoofding zullen nog meer afschuw veroorzaken. Merkwaardig om zien hoe onmensen, die qua gedachtengoed ergens in de hele vroege middeleeuwen zijn blijven hangen, gebruik maken van de modernste communicatiemiddelen om hun boodschap van haat uit te dragen.

Meedoen aan hashtagspelletjes op Twitter is een ander voorbeeld. Of drie keer per dag je maaltijd op Instagram zetten, hashtag 'foodstagram'. Of foto's van huisdieren op Facebook plaatsen, net als alle 'vrienden' van je, en elkaars koekeloerepoezewoefkes liken, omdat dat zo hoort in de sociale context waarin je je vrijwillig hebt begeven, zonder dat je daar zelfs vier dollar voor hebt ontvangen. Ik weet het, ik doe er zelf ook wel eens aan mee. Het is sterker dan mezelf. Het is sterker dan uzelf. Het is sterker dan onszelf. We willen niet alleen zijn. We willen tot de groep behoren. We willen behagen. Als dat onschuldig is, ach ja, wie maalt erom? Maar het is niet altijd even onschuldig. Haat zaaien is nooit veraf. Pesten evenmin. En het blijft natuurlijk in alle omstandigheden braafjes meedoen met de massa, terwijl we, o ironie, zo sterk op onze onafhankelijkheid willen staan.

Ook die man met het Britse accent die de Amerikaanse journalist James Foley onthoofdde zal geen vier dollar ontvangen hebben. Hij zal het gedaan hebben voor één of ander Hoger Goed, een ontmoeting met een stel maagden in een denkbeeldige hemel of zoiets. Maar da's pas voor later, véél later, als de strijd gestreden is, de oorlog gewonnen, het kalifaat gevestigd. Nu nog niet: nu moest hij gewoon gehoorzamen.

Ook hij deed wat hem was opgedragen. Als hij dat niet had gedaan, zou zijn bevelvoerder iets geroepen hebben in de trant van 'Ga door' of 'Onze strijd vereist dat u doorgaat' of 'Het is absoluut noodzakelijk dat u doorgaat' of 'U heeft geen andere keuze, u moet doorgaan', als die al niet bij het tweede bevel zelf een mes had gehanteerd om eerst de ongehoorzame en daarna de arme journalist een kopje kleiner te maken.

"We do what we're told to do". Waarom toch?





  • Reacties(0)//maandans.frankvanlaeken.eu/#post478