Maandans

Maandans

It's a marvelous night for a moondance!

Meningen over actuele gebeurtenissen. Of oude teksten "revisited". Startend vanuit een persoonlijke nood om gehoord/gelezen te worden. Een beetje pretentieus, misschien, in de hoop zo een discussie aan te zwengelen. Of toch op zijn minst tot nadenken te stemmen. Leuk tijdverdrijf mag ook, natuurlijk. O ja, de naam "Maandans" is de letterlijke vertaling van "Moondance", een management-boekingkantoor voor jonge Belgische rockbands dat ik eind jaren tachtig had, maar vooral: een heerlijk swingend nummer van een toen nog piepjonge Van Morrison, één van mijn favoriete artiesten. Kom ook eens langs op Twitter: @FrankVanLaeken of op mijn website: www.frankvanlaeken.eu

Tell Me Love Is Real (Zachary Oberzan)

TheaterGeplaatst door Frank Van Laeken za, oktober 19, 2013 13:39:58

Zachary Oberzan. Ik geef toe dat ik nog nooit van de man had gehoord vóór ik de jaarlijkse brochure met de seizoensprogrammering van deSingel in handen kreeg. Hij krijgt geen aandacht in onze media. Hij is nooit te gast geweest in Joos (en zal dat dus ook nooit meer zijn). Hij heeft niet eens een Nederlandstalige Wikipedia-pagina, de loser.

Die Zachary Oberzan, 39, film-, video- en theaterregisseur, acteur, singer/songwriter, een beetje stand-up comedian ook, stond vrijdagavond met zijn nieuwe multimediale programma, Tell Me Love Is Real, in één van de kleinere zalen van de Singel en dat doet hij ook nog de twee dagen nadien, want Antwerpen geniet de eer van de wereldpremière van deze voorstelling.

11 februari 2012 vormt de centrale datum in Tell Me Love Is Real. Die dag stierf zangeres Whitney Houston eenzaam in een bad van het Beverly Hilton Hotel in Beverly Hills, Californië. Fatale hartaanval na een onzalige mix van alcohol, cocaïne en angstremmende pillen. Diezelfde avond slikte Oberzan in een hotel in Calgary, Canada, een volledig doosje Xanax. Een pil die je van je angsten moet afhelpen, je rustiger moet maken, je meer zelfvertrouwen moet geven. Maar voor Oberzan was Xanax een opstapje naar de dood, al weet hij zelf nog altijd niet goed of hij nu echt wilde sterven of een signaal naar zichzelf wilde uitsturen. Wat het antwoord op die vraag ook is: hij overleefde ternauwernood en werd gedwongen psychiatrische hulp te zoeken.

Houston kan het niet meer navertellen, Oberzan gelukkig wel. Tell Me Love Is Real begint met Oberzan die zich in een video-opname onhandig vermomd heeft als Whitney Houston, die onderuitgezakt en duidelijk onder invloed van allerlei toegelaten en verboden substanties in haar hotelkamer - tafel met fles whisky en drie doosjes pillen bij de hand - vertelt waar ze is en wie ze is. De lijzige verteltrant doet de toeschouwer eerst wat aarzelend, daarna onstuimiger lachen. Helemaal hilarisch wordt het wanneer Oberzan/Houston haar grootste liefdesliedjes overloopt. Traag en met grote nadruk. I. Wanna. Dance. With Somebody. En dan zegt hij/zij: 'Ik ga naar bad'. En je weet dat dit het einde is.

De toon is gezet. Oberzan treedt dan zelf, netjes in kostuum (later zal dat een geel Superman-achtig pak worden), op de voorgrond en zingt een nummer dat zijn alter ego Whitney Houston net tevoren op beeldband nog had voorgedragen als gedicht. En zo gaat Tell Me Love Is Real verder. Elk beeldfragment gaat naadloos over in een song of een verhaal dat Oberzan in de zaal vertelt, en vice versa. Whitney Houston blijft een rode draad doorheen de voorstelling, net als Serge Gainsbourg. Ze komen samen in een hilarisch fragment uit de Michel Drucker-talkshow op de Franse televisie, april 1986, waarin een stomdronken Gainsbourg herhaaldelijk 'I wanna fuck you!' tegen een verbouwereerde Houston zegt en de gastheer intussen vruchteloos een andere draai aan het gesprek probeert te geven. Zoek het maar op op YouTube: live televisie die tegelijk gênant en amusant is, maar die ook haarfijn aangeeft hoe iemand door het gebruik van alcohol kan aftakelen. Gainsbourg in dat studiogesprek, Houston vele jaren later op een anonieme hotelkamer in die fatale nacht.

Oberzan vraagt in een lange, poeslieve introductie zijn publiek om mee te zingen met een nummer, dat hij op het filmscherm zal tonen. 'Het is een soort karaoke,' zegt hij, 'en jullie zingen het vrouwelijke gedeelte, ik het mannelijke. Jullie zullen wel zien: het wordt duidelijk in het rose aangegeven wanneer jullie moet zingen. Willen jullie dat voor mij doen?' De spanning wordt vervolgens nog even gerekt, tot de eerste klanken van Je t'aime, moi non plus met de begeleidende, destijds gecensureerde video op je af worden gevuurd. U moet het zich even proberen voor te stellen: een zaal met zo'n 200 mannen en vrouwen die allemaal meedoen, eerst nog wat aarzelend, eerder voorzichtig neuriënd dan zingend, om dan uit volle borst 'Tu va et tu viens, entre mes reins, et je te rejoins' mee te brullen. En Oberzan zingt het Gainsbourg-gedeelte in een nauwelijks herkenbaar Frans met een zwaar New Yorks accent (de aankondiging dat hij perfect Frans had leren praten in Bordeaux, bleek dus een leugentje om bestwil). Of: hoe intimiteit, absurdisme en volstrekte banaliteit toch met elkaar verweven kunnen worden.

Geboren worden (of niet geboren worden, want abortus is ook één van de thema's, omdat Oberzans moeder hem liet geboren worden in tegenstelling tot een broertje van 'm), liefde, psychische stoornissen en dood lopen vrolijk en vaak ook veel minder vrolijk door elkaar in anderhalf uur tijd. Zo is er die film waarin Oberzan wordt geïnterviewd over zijn internering, afgewisseld met filmfragmenten uit Sybil en One Flew Over The Cuckoo's Nest. Het abortusgesprek is een opstapje naar een beroemde scène uit The Godfather III, waarin Diane Keaton haar man, 'peetvader' Al Pacino, in het gezicht spuwt dat ze zijn toekomstige zoon heeft laten weghalen uit haar lichaam. En er is ook nog een door Oberzan geregisseerde zwart/wit-film over een cv waarmee een Magere Heinachtig figuur aan de haal gaat. De metafoor is duidelijk: iemand wil Zachary Oberzan uit het leven rukken, maar hij besluit toch achter dat papiertje aan te hollen en zijn leven weer in eigen hand te nemen. Al kan hij niet meer ontcijferen wat er nu precies in die cv geschreven staat.

De onderliggende boodschap is: het gaat beter met me, toch is het nog altijd moeilijk, maar het komt wel goed (denk ik). Denk ik. Ook de titel, Tell Me Love Is Real, wijst op die fundamentele twijfel waarmee Oberzan opgezadeld zit. Is de liefde echt? Ja, toch? Tussendoor bewijst Oberzan dat hij een verdienstelijke singer/songwriter is. Geen nieuwe Dylan, maar zeker ook geen talentloze nitwit met een gitaar, die denkt dat hij de wereld iets diepzinnigs te verkondigen heeft, maar in feite maar wat staat te leuteren zonder dat er iemand echt naar hem luistert.

Ondanks de humor, die varieert van fijnzinnig tot het niveau van de dijenkletser (een telefoongesprek met Jean-Claude Van Damme!), is Tell Me Love Is Real een allesbehalve makkelijke voorstelling. Dit gaat over de grote thema's van Het Leven, in de eerste plaats de zelfkant ervan. Er vallen ongemakkelijke stiltes, er worden pregnante vragen opgeworpen, er zit een intrieste ondertoon in. Dat heb je met voorstellingen die iets te zeggen hebben. Vergelijk het met een radioprogramma waarin ook een plek is voor moeilijke gesprekken en waarin heel uitzonderlijk zelfs helemaal niets gezegd wordt. Dat moet kunnen, toch?

Er waren gisteren nog wat lege plekken in de zaal. Als u snel bent, kunt u vanavond en morgenavond nog een zitje bemachtigen in deSingel. U zult er geen spijt van hebben!



  • Reacties(0)//maandans.frankvanlaeken.eu/#post303