Maandans

Maandans

It's a marvelous night for a moondance!

Meningen over actuele gebeurtenissen. Of oude teksten "revisited". Startend vanuit een persoonlijke nood om gehoord/gelezen te worden. Een beetje pretentieus, misschien, in de hoop zo een discussie aan te zwengelen. Of toch op zijn minst tot nadenken te stemmen. Leuk tijdverdrijf mag ook, natuurlijk. O ja, de naam "Maandans" is de letterlijke vertaling van "Moondance", een management-boekingkantoor voor jonge Belgische rockbands dat ik eind jaren tachtig had, maar vooral: een heerlijk swingend nummer van een toen nog piepjonge Van Morrison, één van mijn favoriete artiesten. Kom ook eens langs op Twitter: @FrankVanLaeken of op mijn website: www.frankvanlaeken.eu

Graag gedaan!

CommunicatieGeplaatst door Frank Van Laeken zo, oktober 19, 2014 12:54:15

"Graag gedaan!". De kans is groot dat het de meest gebruikte frase op radio en televisie is. Op het einde van elk interview, van het meest bitse tot het meest onderdanige, zegt de interviewer (m/v) vriendelijk "Dankuwel voor dit gesprek" tegen zijn interviewee en die repliceert in 99,9% van de gevallen even welgemeend: "Graag gedaan!"

Taalarmoede, beste programmamakers en praatgasten! Doe daar iets aan. Wissel al eens af. Berg die "Graag gedaan!" op en gebruik eens een andere formulering. "Tot uw dienst", bijvoorbeeld, wat is daar mis mee? "Tot genoegen", tja, dan belanden we al snel in oud-Vlaams en wie wil daar nu mee geassocieerd worden, dus liever niet. "Met plezier", ja, dat kan dan weer wel. "Geen dank", ook niets mis mee.

Maar waarom niet nog origineler uit de hoek komen op het einde van een vraaggesprek? Hier volgen een aantal concrete tips.

***

"Is 't al gedaan?"

"Goh, ik dacht dat gij een kritische interviewer waart, maar dat viel nogal tegen."

"Haal die grijns nu maar van uw gezicht, meneer Pauwels!"

"Ge moogt gerust weten dat het dik tegen mijn goesting was!"

"En uw naam was Cornelis? Ha, Ornelis, salut en de kost hé!"

"Hoeveel moet ik u?"

"En u was geslaagd voor het journalistenexamen, meneer Schols?"

"Allee, dan ga ik nu iets interessants doen."

"Eindelijk, nu kan ik mijn kleren aantrekken, want dat begon hier fris te worden."

"Komaan, Wauters, één vraagje nog!"

"Op tv lijkt die studio veel groter."

"Wanneer gaat ge met pensioen, meneer Verstraeten, want gij zijt al lang bezig hé. Ik bedoel daar niks mee, hoor."

"Goed gedaan, jongen!"

"En u gaat dit tot uw 67ste volhouden, ja?"

"Hoe laat is het, want mijn horloge is stilgevallen van al dat geleuter?"

"Jullie hebben mijn bankrekeningnummer toch hé?"

"Amai, nu snap ik waarom z'u De Cobra noemen, madame Cools!"

"Is dat alles dat er is?"

"'Van harte bedankt'? Eerst mij aan de tafel spijkeren en dan 'Van harte bedankt' zeggen? Je meent het niet, Verstraete!"

"Wat zei u?"

"Wat denk je, gaan we samen nog iets drinken, mevrouw Beck?"

***

Tot daar, beste studio- en praatgasten, enkele bruikbare tips om het leven van de kijkers en luisteraars taalkundig te verrijken. Ik reken op u. (Graag gedaan!)



  • Reacties(0)//maandans.frankvanlaeken.eu/#post522

"Geen service"

CommunicatieGeplaatst door Frank Van Laeken za, oktober 18, 2014 12:46:50

Als ik ooit een persoonlijke Wikipediapagina krijg en als daar ooit een overzicht van de hoogte- en dieptepunten van mijn privé- en professionele leven op zou verschijnen, dan zal de datum 17 oktober 2014 een aparte vermelding krijgen. De dag dat het zonlicht volop scheen. De dag dat Theo Francken verder ging met het scherpstellen van het Belgisch record 'Hoe blijf ik ongewild in het oog van de storm staan?'. De dag dat mijn iPhone plots 'Geen service' aangaf en dit ook consequent volhield.

Ik zat in een godvergeten gat in West-Vlaanderen, in the middle of nowhere, het bordje Beschaving voorbij en dan nog een kilometer of vijf, 'Teutereweutere' of zoiets, had net een interview achter de rug en zat in de auto te wachten op een BV die me stipt om twaalf uur ging bellen. 'Geen service'. Waarom heet zo'n ding smartphone? Als hij niet meer werkt is hij geen 'phone' meer en dus allesbehalve 'smart'. Gewoon een rechthoekig spul waar je niets meer mee kunt aanvangen. Brol.

Ik weet niet wat u op zulke momenten doet, maar ik word dan opstandig. Boos. Radeloze consument. Ik vloek en ik tier en ik aanroep veelvuldig een denkbeeldig opperwezen, waar ik verder niets mee heb, maar altijd handig als je iemand de volle laag wil geven en je weet niet direct wie. Een ramp was mij overkomen. Ik was onbereikbaar voor de wereld. On-be-reik-baar. Proef die woorden. Ik bevond me niet in een eindeloze woestijn, noch zat ik in een gevangenenkamp van IS, evenmin liep ik rond op een verre planeet. Egem, als u het echt wil weten, daar zat ik in mijn isolatiecel genaamd auto.

Ik dacht: vlug hiervandaan, weg van deze negorij waar geen connectie is met de moderne beschaving. De iPhone werd af- en opgezet. Af en op. Af en op. Een keer of tien, met telkens een langere tussenpauze. 'Zoeken...'. Een halve minuut later: 'Geen service'. De helse rit naar huis - waar de gewone telefoon wachtte en de pc en wifi en dat soort hypermoderne snufjes - duurde gevoelsmatig forever en nog een paar tellen.

On-be-reik-baar. Ik waande me terug in 1996, het jaar dat ik mijn eerste gsm kocht en vanaf dan on the road mensen kon lastig vallen (en zij mij). Een ongewenste verjongingskuur van achttien jaar. Neen, ik wilde niet per se terug 37 zijn, maar dat tot daaraan toe: ik wilde vooral niet terug naar een tijdperk waarin je mensen niet kon bereiken als je niet toevallig in de buurt van een ouderwetse telefoon stond. Ik wilde dat die bevallige BV mij wel degelijk had kunnen bereiken op dat afgesproken tijdstip. Ik wilde mij geen oude zak voelen.

Enfin, 'Geen service' ging thuis na het uitproberen van de sim-kaart in de iPhone van een vriendin over in 'Geen simkaart'. Niet echt een geruststelling, maar wel een duidelijke diagnose. De hele avond lag dat hebbeding binnen handbereik: je weet maar nooit dat dat plots, out of the blue, weer begint te werken en ik mijn zelfbedachte slimmigheidjes op Twitter kon formuleren of mijn Facebook-status checken of iets posten op Instagram (helaas geen selfies gemaakt van de Boze Ik in Teutereweutere!). Niets van dat alles. Braafjes tv kijken, op zijn 1996's. Passief en al.

Ik ben opgegroeid zonder gsm, zonder internet, zonder mail, een tijdje zonder kleurentelevisie zelfs: je zou denken dat ik dan bestand ben tegen zo'n tegenslagje en dat ik onbereikbaarheid zou kunnen relativeren. Neen, dus. Ik ben een éénentwintigste-eeuwse krijger geworden en ik was in "I'm mad as hell and I'm not going to take this anymore"-modus. Een verwend jochie dat heel even afgesloten was van de virtuele wereld, lost in Cyberspace, met dat enge gevoel dat je belangrijke gebeurtenissen aan het missen bent. Vroeger had ik dat wel eens als ik op café zat en altijd tot de laatste man op een krukje bleef zitten om toch maar niets te hoeven missen. Er gebeurde zelden iets interessants, maar hé, ik had toch maar lekker niets gemist van dat Niets. Een iPhone die dienst weigert, dat kwam voor mij overeen met buitengesloten worden uit dat café van weleer. Een regelrechte ramp. On-be-reik-baar. Niet op de hoogte.

Zo, en nu even terug naar 1996. Tot ik een nieuwe simkaart heb. Als ik dan nog altijd 'Geen service' op mijn schermpje te lezen krijg, sta ik niet in voor de gevolgen. Misschien rij ik dan wel naar Teutereweutere, om af te koelen. Of om deel te nemen aan het WK Smartphonewerpen.



  • Reacties(0)//maandans.frankvanlaeken.eu/#post521

Pontonbrug

CommunicatieGeplaatst door Frank Van Laeken di, oktober 07, 2014 11:49:17

Ook maandagavond dat item in De Ideale Wereld gezien over de traumatische ervaring die de Antwerpse pontonbrug was voor 12.305 tickethouders die niet van rechter- naar linkeroever mochten wandelen, zoals duizenden voorgangers dat honderd jaar geleden wél hadden gedaan (zij het dan iets sneller, ticketloos en zonder om de twintig meter te stoppen om een schelfie te maken)? Er waren nepinterviews (ik herkende een medewerker van de Stad Antwerpen die ook fervent Beerschot Wilrijk-supporter is!), er werd een nepgedenksteen afgewerkt met alle namen van 'onschuldige slachtoffers' erop, er werd verwezen naar een toekomstige herdenking van dit drama op 4 en 5 oktober 2114. De affiche was al klaar.

Ja, het was lachen dit weekend. Met een Hasseltse schooldirecteur die zijn scholieren liever geen uitstap naar het gevaarlijke Brussel zag maken, met monkelende Maneblussers die ja of neen mochten zeggen op de wereldschokkende vraag of er wijzers op de torenklok moesten komen en met een groots opgezet evenement dat ontaardde in organisatorische chaos, volkswoede en verlies aan prestige voor 't stad. Lachen! Als je tenminste niet netjes en achteraf bekeken vergeefs in de rij stond aan te schuiven, tickets die je vijf euro het stuk hadden gekocht in je jaszak, genietend van een najaarszonnetje en het prettige vooruitzicht op iets unieks. Dan zal het lachen je wellicht vergaan zijn.

Ene kolonel Verhaegen legde de schuld achteraf bij de treuzelende overstekers. Hij had gerekend op een zacht marstempo van vijf kilometer per uur. Zelfs als het iets trager zou gegaan zijn, moest het lukken om meer dan honderdduizend geïnteresseerden veilig en droog naar de andere oever te laten stappen (zo'n mooi rond getal zou mooie krantenkoppen opleveren, had het marketingteam bedacht). Maar niet met zo'n ongedisciplineerde bende nietsnutten die voortdurend foto's voor de eeuwigheid wilden maken van hun aanwezigheid op die nagebootste historische plek! Niet met al die schoelies die het tempo uit de wandeling haalden!! DIE DE ENE NA DE ANDERE SCHELFIE MAAKTEN!!! Dat had de kolonel in zijn lange carrière nog niet meegemaakt. Ga daarmee naar de oorlog, dat volkje weet niet eens een brug over te steken! In een achterafzaaltje fluisterde iemand: "Misschien hadden we toch ook een garnizoen oude Duitse militairen moeten uitnodigen om het echter te doen lijken?"

"Men nam massaal foto's, zelfs groepsfoto's, en draaide in alle richtingen", verklaarde de onthutste kolonel in de kranten, waarmee hij meteen de 'You Don't Say'-award voor 2014 binnenrijfde. Wereldvreemder wordt het niet meer dit jaar. De minister van Defensie mag trots zijn op zijn acolieten. Zij zullen ons beschermen, tegen die koppensnellers van de Islamitische Staat, tegen het oorlogszuchtige Luxemburg en tegen selfieënde pontonbruggelingen.

Over naar de burgemeester van Antwerpen, die zeer verveeld zat met dit mislukt marketingfeestje. De stad zat mee in de organisatie, als u wil kan ik dat bewijzen aan de hand van een uitnodiging die mijn bijna 101-jarige oma (morgen is het zover!) had ontvangen, ondertekend door de burgemeester in hoogsteigen persoon. Alle honderdjarigen hadden zo'n vriendelijke uitnodiging in de brievenbus gevonden, waarbij hen werd gevraagd voor een bepaalde datum te bevestigen via mail. O ja, want honderdjarigen zijn de nieuwe koningen van het internet. Ze mochten één begeleider meenemen, want zo'n rolstoel raakt natuurlijk niet vanzelf aan de overkant. Mijn grootmoeder is lekker binnen gebleven.

De heer De Wever wist niet beter dan de organisatie te hekelen, waar hij nota bene dus mee in zat. Best mogelijk dat het luik 'Hoe zorgen we ervoor dat die massa domoren zonder al te veel oponthoud droog op Sint-Anneke geraakt?' door anderen werd beheerd, kolonel Verhaegen en vriendjes bijvoorbeeld, maar dan neem je daar nog niet openlijk afstand van. Les in crisiscommunicatie: als je medeorganisator bent van een plechtige gebeurtenis die op het punt staat mee te dingen naar de trofee Mislukt Evenement van de Eeuw, dan passen deemoed en oprechte verontschuldigingen voor wie naast de boot, euh, pontonbrug valt. Dan zeg je in de eerste plaats 'Sorry, onze fout!' tegen de gefrustreerde achterblijvers op rechteroever en niet 'Het is zijn schuld, niet die van mij, néh!'.

Wat De Wever zaterdag deed is zich verschuilen achter het masker van de Grote Oppositieleider, wat verdacht veel lijkt op Calimero, maar dat is hij al een tijdje niet meer. Als aanvoerder van de grootste partij van het land en als burgemeester van Antwerpen moet hij geen oppositie meer voeren en kritiek geven op alles wat misloopt, hij moet zijn verantwoordelijkheid nemen, ook al zijn hij en zijn medewerkers niet rechtstreeks schuldig aan het debacle. Dat heet loyaal zijn, dat is burgerzin vertonen, dat hoort bij de niet altijd even fijne job als burgervader. In goede en slechte tijden.

Dat belooft voor de huidige Vlaamse- en de toekomstige federale regering: gaat De Wever schuine streep N-VA dan ook telkens openlijk kritiek geven op voorstellen en ideeën die hen niet zinnen van coalitiegenoten, alsof ze nog altijd in de oppositie zitten? Gaan ze mee schieten op ministers van andere regeringspartijen die onder vuur worden genomen door de media? Blijft het de schuld van de anderen, ook al vormt N-VA intussen de belangrijkste fractie in regering en parlement?

Hoog tijd dat Bart De Wever ook eens een pontonbrug oversteekt: die van 'populair maar niet aan de macht' naar 'populaire beleidspartij'. Die van boze roeper aan de zijlijn naar loyale regeringspartner. Die van uitdager naar uitvoerder. Van mij mag hij de tijdelijke brug symbolisch van de linker- naar de rechteroever overwandelen, omgekeerd zou niet echt stroken met zijn persoonlijke overtuigingen. En geen schelfies, alstublieft, kolonel Verhaegen waakt!



  • Reacties(1)//maandans.frankvanlaeken.eu/#post512

"Zeg het gewoon zoals het voor u is" (Open brief aan de Vlaamse minister-president)

CommunicatieGeplaatst door Frank Van Laeken do, september 25, 2014 12:38:17

Waarde minister-president, geachte heer Bourgeois en collega's in de Vlaamse regering,

Het is me wat geweest met al die reacties op uw Septemberverklaring hé. Toch niet al te zeer verschoten, hoop ik? Ik moet eerlijk bekennen dat ik de tekst zelf nog niet gelezen heb, maar ik kan wel voort met alle verklaringen van tijdelijke exegeten die tijd zat hadden op 22 september en omstreken. Ik denk dat ik het nu wel weet, wat er zoal in staat.

U bent niet mijn favoriete minister-president, meneer Bourgeois, en dit is niet mijn favoriete regeringsploeg, maar dat is niet erg. 't Is te zeggen, wel voor mij, maar niet voor Vlaanderen, want dat heeft deze coalitie mogelijk gemaakt en als democraat pur sang ("zuiver bloed", betekent dat) leg ik me daarbij neer. En of u nu Zweeds, of centrum-rechts, of gewoon rechts tout court (pardon, "eenvoudigweg") bent, maakt op zich niet zoveel meer uit. U bent er en u bent er nog wel voor een ambtstermijn van bijna vijf jaar. Proficiat.

Ondanks mijn aversie voor het beleid dat mij - mens, man, wereldburger, Europeaan, Belg, Antwerpenaar (ja!), inwoner van een kleine Vlaams-Brabantse gemeente, Vlaming (ongeveer in die volgorde van belangrijkheid) - het komende half decennium te wachten staat (als ik "decennium" schrijf, klinkt het zowaar nog zwaarwichtiger dan die "bijna vijf jaar" uit de vorige paragraaf), wens ik u toch met raad en daad bij te staan. Met name dan als het gaat over de communicatie van u en de uwen, heer Bourgeois.

De bevlogen schrijfster Ann De Craemer heeft u al een ereplaats beloofd in haar ongetwijfeld omvangrijke boek over 'wezelwoorden' in de politiek (ik zie opeens iets van encyclopedische omvang opdoemen) en daar is een reden voor: u wauwelt. U draait rond de pot, iets waar de meeste van uw voorgangers ook zeer bedreven in waren trouwens. U moet dat thuis eens proberen, dat rond de pot draaien: het lukt niet. Tenzij uw wc-pot ergens in het midden van uw kleinste kamertje zweeft, maar dat is dan weer een heel ander verhaal, dat ik hierbij eventjes terzijde zou willen schuiven om dit schrijfsel welvoeglijk te houden.

Uw partijvoorzitter, tevens burgemeester van een stad waarvan ik mij nog altijd een, weliswaar al een hele poos afwezige, burger voel, doet dat veel beter. Neem een voorbeeld aan hem, minister-president. Meestal rechttoe rechtaan, klinkt het niet dan botst het, wie niet voor mij is, is dan maar tegen mij. Die stijl. Ik hou niet van de man, ik hou wel van zijn stijl. Omdat het zoveel eerlijker is dan al dat gezwets en dat doekjes om moeilijke materies wikkelen: uw regeerakkoord lijkt wel een mummie op de duur. En wie zit er te wachten op een omzwachteld beleid? Niet uw kiezers, wees gerust, behalve natuurlijk diegenen die nu al dik spijt hebben dat ze precies vier maanden geleden in het stemhokje van gedacht zijn veranderd, maar met hen hoeft u geen medelijden te hebben: eigen schuld, dikke bult. Ze moeten maar leren denken vóór ze doen.

Zeg het gewoon zoals het voor u is, belangrijkste man van Vlaanderen (althans wat het postje betreft). Neem een voorbeeld aan uw eigen Grote Leider. Zég gewoon dat u economie oneindig veel belangrijker vindt dan cultuur. Zeg gewoon dat u onze bedrijven meer koestert dan leerkrachten, scholieren en studenten. Zeg gewoon dat u de vrije markt meer kansen wil geven dan de overheidsinstellingen, weten ze aan de Reyerslaan 52 ook meteen dat ze niet moeten komen zeuren om uitstel van executie. Zeg het gewoon zoals u daar met zijn allen over denkt in de meerderheid. Simpeler kan niet als opdracht.

Ik ga er u en uw collega's niet liever om zien, verre van zelfs. Maar dan weet heel Vlaanderen tenminste waar het aan toe is, waar u voor staat, wat u denkt, wat u gaat doen, waar we in 2019 zo ongeveer zullen aanbeland zijn: het paradijs voor de ene, de woestijn voor de andere. Benoem de dingen, geef die Sven Gatz carte blanche ("lege kaart", wil dat letterlijk zeggen, maar vertaal dat gerust als "blanco chèque" of "volmacht") om tegen die zeurpieten van 'Hart Tegen Hard' te fulmineren dat ze al blij mogen zijn dat ze iets krijgen, met hun links gedoe en hun afkeer van het eigen klootjesvolk. Jan Verheyen, hoor je die bedelen? Ha! Laat die Jo Vandeurzen tegen al die sukkels op de wachtlijst duidelijk maken dat ze nog wat langer zullen moeten wachten (ze wachten nu toch al zo lang, haha!). Fluister Crevitske in haar rechteroor (aan haar linkeroor staan die pipo's van beweging.net al met een megafoon te brullen) dat ze in het openbaar mag verklaren dat het haar geen zier kan schelen dat onderwijs weer iets voor de elite dreigt te worden, onbetaalbaar voor de bewoners van de Derde Wereldstraat. HADDEN HUN OUDERS MAAR OP DIE PRUTSERS VAN LINKS MOETEN STEMMEN! (Sorry, ik had even die megafoon van beweging.net overgenomen.)

Wees helder en klaar, wees eerlijk, wees open. Hou op met dat gejengel over 'goed bestuur', alsof twee van de drie huidige regeringspartijen de voorbije tien jaar slécht bestuurd hebben. Of is het allemaal alleen de schuld van de sossen dat er slecht bestuurd werd, misschien? Bovendien, 'Goed bestuur' is een term die al gretig werd misbruikt door Yves Leterme, één van uw voorgangers bij wie het adjectief 'illuster' totaal misplaatst zou zijn. Wil u dáármee geassocieerd worden? En dan nog: het is zo'n dooddoener, weledele regeringsleider. Ooit al iemand met de slogan 'Wij staan voor slecht bestuur' zien uitpakken? Neen, dus. Het zegt compleet niets, berg die term op, vergeet hem voor de rest van uw dagen, die u hopelijk in een goede geestelijke en lichamelijke gezondheid mag doorbrengen.

Zo, thans schraap ik vijf minuten culturele moed bij elkaar om onverwijld te genieten van een moeilijk boek of straks een hermetische theatervoorstelling of iets van die strekking. Nu het nog kan.

Met ware doodsverachting,

Uw F.,

Bricoleur in de marge,

Bunker nabij de Klaagmuur.





  • Reacties(0)//maandans.frankvanlaeken.eu/#post502

Help! Gevaar!! Oorlog!!!

CommunicatieGeplaatst door Frank Van Laeken vr, september 05, 2014 13:00:12

Terzake bestaat vandaag exact twintig jaar en die verjaardag werd door de redactie van het programma aangegrepen om op de vooravond van de Blijde Gebeurtenis een extra lange uitzending te maken, met één actualiteitsonderwerp (Marianne Thyssen mag Eurocommissaris worden) en voor de rest nostalgische terugblikken met de ankers van weleer. Makkelijke televisie, waar ik overigens graag naar kijk, want ik ben dan ook een Homo Nostalgicus.

"De mens verandert niet, de omstandigheden wel", was zowat de meest filosofische uitspraak van de avond en ze kwam uit de mond van Siegfried Bracke. ("Zijn er dan minderwaardige mensen, maar geen minderwaardige omstandigheden?", dacht ik er zelf bij, want bij momenten ben ik een Homo Cynicus.) De gewezen anker reageerde daarmee op een compilatie van de voornaamste nieuwsfeiten uit 1994, het jaar van de geboorte van Terzake.

Hallucinante beelden werden in een korte montage op ons afgevuurd: wapenstilstand in Bosnië na de bloederige Joegoslavische burgeroorlog, de genocide in Rwanda, de plechtige opening van de kanaaltunnel, schermutselingen in Gaza, Vlaams Blok wordt de grootste partij van Antwerpen, Willy Claes wordt secretaris-generaal van de NAVO en de Nobelprijs van de Vrede wordt uitgereikt aan Yasser Arafat, Yitzhak Rabin en Shimon Peres, Zaten er niet eens in: de zelfmoord van Kurt Cobain, de dodelijke Formule 1-crashes van Roland Ratzenberger en Ayrton Senna, Nelson Mandela die president van Zuid-Afrika wordt, 85 doden bij een bomaanslag op de joodse gemeenschap in Buenos Aires, Rusland en China richten geen kernwapens meer op elkaar, Amerika valt Haïti binnen, Jordanië en Israël ondertekenen een vredesverdrag, de geboorte van Justin Bieber en Frank Van Laeken die zelfstandig journalist wordt.

Om maar te zeggen dat 1994, op dat laatste feit na, een rampjaar was. Wellicht een nog veel groter rampjaar dan 2014, met zijn MH17, IS en, opnieuw, Gaza, als we alleen maar naar de voorbije zomermaanden kijken. Ik kauw nog even voort op de woorden van de amateurfilosoof, "De mens verandert niet, de omstandigheden wel", en ik zie wat hij bedoelt: oorlog, terreur, rampspoed en grote vreugde en verdriet zijn van alle tijden. De genocide in Rwanda kan je perfect vergelijken met wat er al een paar jaar aan de gang is in Syrië, zij het dat er in het Afrikaanse land veel meer doden op een veel kortere tijdspanne vielen. Gaza is al die tijd een conflictgebied gebleven. De Koude Oorlogsretoriek dateert zelfs van nog iets vroeger: de jaren zestig, zeventig en tachtig. Een Homo Historicus als ik heeft dat in zijn geheugen geprint.

De mens verandert niet, de omstandigheden wel. Mmm. In 1994 werden de eerste gsm's in gebruik genomen, maar het internet was nog voorbehouden aan de militaire elite. Mailen kon alleen via primitieve systemen op het werk en dan meestal nog maar naar één persoon tegelijk. Sms? Als je iets te zeggen had, belde je even naar je beste vriend of vriendin. Facebook? Afspraken werden met een stylo genoteerd in je agenda, persoonlijke berichtjes werden met een gewone brief afgeleverd, onze kinderen, katten en honden genoten nog van enige privacy. Twitter? Uw mening wordt niet gevraagd, meneer, al mag u altijd een korte reactie sturen naar onze redactie, 'ingesloten 20 frank voor Kindergeluk', we zien wel wat we ermee aanvangen.

Precies het bestaan van de sociale media, die ons leven drastisch hebben veranderd, vaak ten goede, maar ook wel voor een deel ten kwade, behoren tot de veranderende omstandigheden van nu. Twintig jaar geleden klaagde de modale Vlaming ook al steen en been. Hij deed dat in huiselijke kring, op het werk en op café. Uitzonderlijk ging hij achter een vlag lopen door de straten van Brussel. Dat waren zijn fora, waarna zijn mening snel weer verticaal werd geklasseerd en iedereen tot de orde van de dag overging. De opinicus was enkel een mythologisch dier, de Homo Opinicus bestond nog niet.

In 1994 had iedereen een mening, maar wist ongeveer niemand daarvan af. In 2014 heeft iedereen een mening en weet de rest van de wereld dat onmiddellijk. Dat de oorlogs- en terreurdreiging twintig jaar geleden minstens even groot was als nu, lijkt minder erg omdat er minder drama over gemaakt werd. Vandaag schreeuwt iedereen moord en brand. Help! Gevaar!! Oorlog!!! De wereld gaat naar de kloten!!!!

Hoe harder er wordt geroepen (en geloof me, er wordt héél hard geroepen!), hoe zwaarwichtiger de toestand lijkt. Niet dat ik hier overloop van het optimisme, verre van, maar als je alles in historisch perspectief plaatst is de Doemsdag nu even dichtbij of even veraf als in '94. Alleen beseffen we dat niet, omdat er van alle windrichtingen noodkreten onze richting uitkomen, waarop we dan zelf ook nog eens in paniek slaan en allerlei negatieve gedachten de wereld in gooien (je start met een blog, bijvoorbeeld...).

Het doet me denken aan de geweldige Britse tv-serie Dad's Army (in het Nederlands: Daar komen de schutters), die van 1968 tot 1977 liep op de BBC. Een stelletje bejaarde Britten blies vastberaden verzamelen in het fictieve stadje Walmington-On-Sea om er stoer de troepen van Hitler een halt toe te roepen. Eén van de kranige oudjes was soldaat Frazer, een Schotse begrafenisondernemer, die bij elk nieuw oorlogsgerucht "We are all doomed!" stamelde.

We are all doomed! Hoe vaker we het roepen, hoe meer we het zullen geloven, hoe dichter we bij een self-fulfilling prophecy belanden. Doemdenken is van alle tijden, maar krijgt dank zij de sociale media een megafoon aangereikt. Schrap één 'e' uit doemdenken en je krijgt domdenken. Wat mij dan weer toelaat om Johan Anthierens te citeren, uit zijn 'smaadschrift' Het Belgische domdenken (1986): "Vrees is een biologische constante en achterdocht een tweede natuur; om vier uur 's middags ratelen in België de rolluiken naar omlaag, dan verbeidt de burger het schemeruur en verschanst zich tussen vier muren achter een bord warme prak en een proefbuis televisievoer."

Je kan daar drie decennia later perfect een paragraaf aan toevoegen: "Om zeven uur kijkt de burger naar het sombere nieuws van de dag, voelt plots een mening kriebelen in zijn onderbuik en scheidt die zonder al te lang nadenken af in een opiniestuk van welgeteld 140 tekens. Zo, dat weet de wereld dan ook weeral! Vrouw, is er nog bier?"

Waarna de Homo Nostalgicus, Cynicus, Historicus en Opinicus begonnen te kleurenwiezen.

  • Reacties(1)//maandans.frankvanlaeken.eu/#post487

Minderwaardig

CommunicatieGeplaatst door Frank Van Laeken ma, juni 30, 2014 12:58:34

"Ons hebben ze geleerd dat minderwaardig werk niet bestaat. Minderwaardige mensen bestaan wel, maar minderwaardig werk bestaat niet." Zo luidde een letterlijke uitspraak vorige maandag op de Gentse gemeenteraad. Na wat geroezemoes en hoorbaar onbegrip vulde Guido Meersschaut, het 76-jarige N-VA-gemeenteraadslid dat de infame oneliner bezigde, aan met: "Die bestaan. Ja, natuurlijk, ja. Zeker dat, zeker dat!" Zo, dat weten we dan ook weeral.

Onmiddellijk nadien tweette schepen Elke De Cruynaere (Groen) haar ongeloof en ontstond er een beetje deining in de sociale media. Vreemd genoeg werd de uitspraak pas vandaag écht opgepikt door de andere media nadat De Zuidpoort, een organisatie die de armoede bestrijdt in Gent, het geluidsfragment op haar website had gezet. Een week na de feiten komt de hoogbejaarde en flink bebaarde gewezen vishandelaar, die dus duidelijk ook kan praten als een 'viswijf', in het oog van een stormpje te staan. Van mij mag dat best een storm worden, die zich uitbreidt naar zijn partij, want veel onkieser kan een standpunt niet zijn.

Minderwaardig werk bestaat niet, minderwaardige mensen wel. Hoe meer je de woorden herhaalt, hoe ziekelijker het klinkt. Dit zijn de woorden van iemand die in zijn eigen cocon leeft, een bewasemd aquarium waar je de wereld allang niet meer doorheen kan zien, maar waar je wel denkt overal een mening over te kunnen vormen. Minstens even merkwaardig als de woorden van die ene malloot is de volledige radiostilte bij zijn partij. Zelfs Siegfried Bracke, die op de gemeenteraad doorgaans sneller tweet dan zijn schaduw, bleef stil. Is de N-VA het dan eens met deze stelling? Blijkbaar wel, anders zouden zulke zwaarwichtige woorden op zijn minst een nuance verdienen of verontschuldigingen aan het adres van al die mensen die hard hun best doen maar er niet in slagen om volwaardig werk te vinden. En als het de partij echt menens is met de slogan 'Wel sociaal, niet socialistisch' zou ze zich luid en duidelijk distantiëren van deze achterlijke woorden.

N-VA deed niets van dat alles, dus kan je alleen maar - samen met burgemeester Termont - concluderen dat het nationale partijbureau het ermee eens is. Meersschaut stipuleerde ook nog dat hij gevangenen als 'minderwaardige mensen' bestempelt, is dat dan ook een officieel partijstandpunt?

***

Overigens vind ik dat er geen minderwaardige mensen bestaan, maar wel minderwaardige jobs. Onderbetaalde, ondergewaardeerde jobs waarin werknemers als moderne slaven worden behandeld. Die bestaan echt wel, hoor.

***

Net zomin als de uitspraak van Meersschaut racistisch is - in al zijn misplaatstheid viseert hij niet één of meerdere andere rassen, maar wel de werklozen in zijn (al)gemeenheid - mag je de sociale media-equipe van KLM ook niet racistisch noemen. Toch tekenden die gisteren voor een flater die zowaar nog groter was als die van de Mexicaanse aanvoerder Rafael Marquez die domweg zijn voet plantte voor het been van de duikgrage Arjen Robben.

"Adios amigos!" tweette KLM onmiddellijk na afloop van de wedstrijd Nederland - Mexico, met daarbij een foto van de vertrekruimte op een luchthaven, herkenbaar aan het 'Departures'-bord. Duizenden vrolijke retweets, maar vooral tientallen verontwaardigde reacties later verwijderde de luchtvaartmaatschappij de tweet. Eén van de hevigste reacties kwam van de Mexicaanse acteur Gael García Bernal, goed voor 1.934.591 volgers op Twitter. "@KLM I'm never flying your shitty airline again. F*k you big time." Er is geen poëet verloren gegaan aan García Bernal, zoveel is duidelijk.

Je ziet het zo gebeuren hoe zo'n kortzichtige top topical reclamestunt tot stand is gekomen: na een korte brainstorm, wie weet na enkele tequila's (Mexicaanse thema-avond!), anticiperend op de oranje overwinningsroes die het hele land zou bedwelmen. (Joop: "Nou, als we nu eens iets doen met 'Adios amigos!', zou dat niet fijn zijn als top topical?". Jaap: "Geweldig idee, Jaap, en we zetten er een foto van de diepaartsjuurs bij en zo'n Mexicaanse hoed, hoe heet dat ding ook alweer, o ja, bolero!")

Dat die boodschap helemaal anders zou kunnen overkomen hadden Joop en Jaap niet door. Dat heel wat berooide Mexicanen er alles voor over hebben, desnoods zelfs hun leven, om de streng bewaakte grensovergang met de Verenigde Staten over te steken op zoek naar een beter leven in het beloofde land van de American Dream, waarbij ze niet zelden door de strenge arm der wet worden tegen gehouden en stante pede worden gedeporteerd ("Departures"!), neen, dat was niet in hun malle hoofd opgekomen.

(Joop: "Nou, wat denk je van "Drachme terug naar huis" als we van die Grieken winnen?". Jaap: "Hé, een leuke, Joop. Weet je wat: zet er 'Grexit' naast, dan wordt de boodschap nog duidelijker!")

Niet elke vorm van humor kan je met de mantel der voetballiefde bedekken. Die vlieger gaat niet op.

***

Dienstmededeling: 't is zomer! De komende weken blijf ik nog wel de actualiteit volgen, heb ik ongetwijfeld iets te zeggen over het WK en de Rode Duivels, ga ik zelfs een tijdelijk wekelijkse rubriekje lanceren onder de kop 'Onderschatte platen' (over vergeten elpees van grote namen uit de muziekgeschiedenis), maar ga ik ook geregeld niets doen. Als u dat mag, ik ook!





  • Reacties(0)//maandans.frankvanlaeken.eu/#post443

Imago

CommunicatieGeplaatst door Frank Van Laeken za, maart 22, 2014 13:13:39

Tot een jaar of tien geleden zou een imagofilmpje van een stad, bestemd voor buitenlandse investeerders, nooit voor enige ophef hebben gezorgd, om de simpele reden dat alleen de makers, de opdrachtgevers en de buitenlandse contacten het te zien zouden gekregen hebben. Met de sociale media is die discretie er niet meer en dus veroorzaakte Moving Antwerp, het promofilmpje van ruim drie minuten waarmee de stad Antwerpen zichzelf wil 'verkopen' aan internationale bedrijven, veel ophef.

Té blank, té saai, té voorspelbaar. De twee laatste epitheta zijn in deze minder belangrijk, want dat zijn subjectieve oordelen. Het gaat om het eerste: latent racisme, dat is het grootste verwijt dat wordt gemaakt. Zelfs muziekrecensent Bart Steenhaut wijdde er vandaag zijn column aan in De Morgen. Een citaat: 'Liefst 40 procent van de bewoners van 't Stad is van vreemde origine. Dat is één op de vier.' Misschien moet Steenhaut het in de toekomst maar bij muziek houden en laat hij de wiskundige acrobatie best over aan mensen die daar verstand van hebben (of aan Philippe Muyters, kunnen we nog eens lachen).

Hebben de critici een punt? Nadat ik het filmpje had gezien, postte ik spontaan dit op Facebook: 'Als ik zo'n imagofilmpje van eender welke stad zou zien, wil ik er onmiddellijk naartoe. Maar hé, deze kén ik! Knap gedaan.' Dat meende ik. Ik vond het een goed idee om het te filmen vanuit het standpunt van de hoofdrolspeler, de stad, en ik kijk, drieëntwintig jaar na mijn emigratie naar Vlaams-Brabant, met heel veel plezier naar al die schitterende gebouwen, die ervoor zorgen dat ik elke keer opnieuw stapelverliefd wordt op deze plek. Verliefd op de stad, that is, niet op haar bestuurders of haar inwoners. Het stadsbestuur vind ik momenteel té koel en té zakelijk en ze maken niet de keuzes waar ik voor sta, de Antwerpenaren zelf zijn me vaak te zeurpieterig en te kleinzielig.

Ja, als ik het filmpje herbekijk merk ik, naast de pracht en praal van de oude en nieuwe architectuur, veel blanke gezichten. Maar ik zie ook andere culturen, zij het een kleine minderheid, zeker geen één op vier of veertig procent of iets daartussenin. Je moet het beeld dan wel geregeld stilzetten, want om de seconde wordt het plaatje doorgeschoven, als in een slecht afgestelde diaprojector. Het moet vooruitgaan in dit soort montages.

Ben ik nu een racist? Ik denk het niet. Ik hoop het alleszins niet. Wat wel zou kunnen: misschien ben ik als redelijk welstellende blanke man met een blanke opvoeding en jarenlang vertoevend in een overwegend blanke omgeving zodanig geconditioneerd dat ik het racisme niet eens meer zie. Dat zou best kunnen.

Wat je ook niet mag onderschatten: dit filmpje is overduidelijk gemaakt door en voor blanke mannen van tussen de vijfentwintig en de vijfenveertig. Helaas zijn dat vandaag ook de beslissingsnemers in grote ondernemingen in het westen. Daar zit 'm het werkelijke racisme in onze samenleving: dat we dit mettertijd klakkeloos hebben aangenomen, alsof het doodnormaal is. Die houding is, al dan niet bewust, racistisch én seksistisch. En dan pleit ik, gezien mijn prompte reactie na het zien van Moving Antwerp, schuldig, zij het niet met voorbedachten rade. Maar oordeelt u vooral zelf.

www.youtube.com/watch?v=_cFckUmpuT4

Wat Antwerpen een 'rijke' stad maakt, is dat er niet alleen mondelinge en schriftelijke kritiek is gekomen op Moving Antwerp, gezeur aan de toog of voor de pc, maar dat de actieve tegencultuur dadelijk een antwoord heeft geformuleerd in de vorm van de snel in elkaar geflanste clip Happy Antwerpen. Jonge mensen van allerlei komaf en huidskleur dansen vrolijk voor de camera op het inmiddels plat gedraaide Happy van Pharrell Williams. Als u het ene filmpje ziet, kunt u dus ook best even naar het andere kijken.

www.youtube.com/watch?v=GQHvZkY5_so

***

Imago, daar gaat het ook over in de naweeën van het 'dubbele familienaam'-debat in de Kamer. Allesbehalve een hoogstaand spektakel werd er woensdag opgevoerd. 'Beschamend', noemt politoloog Carl Devos het vandaag op deredactie.be. De Morgen had het gisteren in een reconstructiestuk over een 'deurenkomedie'.

Vandaag staat er een mooi interview met Annemie Turtelboom in De Morgen. Zij betreurt het trieste schouwspel, maar doet ook fijntjes uit de doeken hoe met name CD&V en N-VA in de loop van de jongste maanden hun kar keerden en het oorspronkelijke voorstel, dat een brede goedkeuring had gekregen, afschoten. Op twee maanden voor de verkiezingen is het belangrijker om partijpolitieke spelletjes te spelen en, vooral, om de tegenstander geen overwinningen te gunnen, dan om een weloverwogen wet te stemmen.

Het gaat niet om een bagatel, voert Turtelboom-Schepens aan, maar om iets fundamenteels: 'keuzevrijheid'. Ik ben geneigd haar daarin te volgen. En hoewel minder zwaarwichtig (en net daarom makkelijker te bagatelliseren) kan je dit wetsontwerp best vergelijken met wat er voorafging aan het stemmen van de wetten over abortus, euthanasie en het homohuwelijk. Het gaat om keuzevrijheid, iets wat een aantal partijen de mensen duidelijk niet gunnen.

'Dit gaat leiden tot keuzestress', wierpen sommige commentatoren op. 'Er zullen familieruzies ontstaan over de naamkeuze'. Anderen schreven: in Frankrijk bestaat die keuzemogelijkheid al en toch kiest 82 procent voor de naam van de vader.

Et alors? Veel belangrijker dan die 82% is voor mij de achttien procent die, dank zij de keuzevrijheid, een andere keuze heeft kúnnen maken. Keuzevrijheid betekent immers niet dat mensen verplicht zijn om te kiezen of dat ze in een bepaalde richting worden gedreven, maar dat ze dit zelf mogen beslissen. Wat is er mooier dan zelf je lot te mogen bepalen? Ook hierin kan je de vergelijking doortrekken naar abortus, euthanasie en homohuwelijk.

Wie keuzestressvrij wil leven, moet maar overwegen om naar Rusland of China te gaan wonen. Daar kan je nauwelijks kiezen: geen keuzestress aan de Russische of Chinese lijven. En wie helemaal geen last meer wil hebben van keuzevrijheid, kan terecht in Noord-Korea. Keuzestress? Kennen ze daar niet. En ze heten er allemaal Kim of Lee. Niet Kim-Lee.



  • Reacties(0)//maandans.frankvanlaeken.eu/#post371

Should I stay or should I go?

CommunicatieGeplaatst door Frank Van Laeken do, maart 20, 2014 00:21:40

Toen ik veel jonger en onbezonnener was, had ik voor mezelf uitgemaakt dat ik absoluut geen legerdienst wilde doen. Ik wilde niet blindelings bevelen van machtsdronken kerels met een streepje meer op hun uniform uitvoeren. Ik wilde nog veel minder onschuldige mensen doden omdat mij dat nu eenmaal bevolen werd door één of andere hiërarchische overste die op zijn beurt zonder nadenken orders van weer iemand anders boven hem uitvoerde. Ik huiverde (en huiver nog altijd) van kadaverdiscipline. Dus deed ik socio-culturele burgerdienst, goed voor twintig maanden strafkamp in plaats van de tien maanden in het Belgisch leger.

Zowat de helft van die burgerdienst spendeerde ik in een Antwerps jeugdcentrum: De Waag, in de Kloosterstraat, vlakbij de voetgangerstunnel. Op dat ogenblik, ik heb het over 1985, was dat één van de weinige overblijvende plekken waar punkers zich thuis voelden. Punk was in Vlaanderen veel later doorgebroken dan in Engeland en het was er ook veel sneller weer weggedeemsterd. Behalve dus bij de vaste bezoekers van De Waag.

Naast die opvallend veelkleurige, met gepaste trots hun hanenkam torsende overblijfselen van een kort maar hevig tijdperk in de tegencultuur, waren er nog andere regelmatige klanten: junkies, alcoholisten, wereldverbeteraars. De rode draad tussen al die mensen was kansarmoede. Leven aan de zelfkant. Of beter: wat de toenmalige machthebbers als de marge van de maatschappij beschouwden.

Als brave, burgerlijke jongen vond ik dat zootje ongeregeld vreemd, maar ook prettig en best wel sympathiek. Achter dat stoere of verlopen uiterlijk hield niet zelden een warme mens schuil. Mijn dagen speelden zich vooral achter de toog af, waar ik vele verhalen aanhoorde, het ene al ongelooflijker dan het andere. En ik leerde er de betere muziek appreciëren, want een collega van bij de lokale radio waarvan de redactielokalen zich op de tweede verdieping boven het jeugdcentrum bevonden, had een cassette samengesteld met garagerock en aanverwanten. The Doors, The Velvet Underground, The Kinks, Et moi et moi et moi van Jacques Dutronc, Should I stay or should I go? van The Clash. Schitterende bands en briljante songs die ik achteraf stuk voor stuk ben beginnen verzamelen.

Een paar keer per jaar werd er een punkfestival georganiseerd in De Waag. Dan werden er een stuk of vier groepjes op de affiche gezet, van wie de leden ternauwernood drie correcte noten op hun versleten muziekinstrument konden produceren en de zanger zelfs zonder micro alle decibelnormen overtrad, en die speelden gratis en voor niets hun volledige repertoire. Lang duurden de optredens bijgevolg niet. Als je een dringende boodschap had, moest je proberen veilig tussen de pogoënde lijven te laveren, wat soms wel, maar meestal niet lukte zonder enige averij op te lopen, om dan in een onwelriekende omgeving je ding te kunnen doen, voorzichtig hinkelend tussen pis, kak en kots.

Zo'n avond eindigde elke keer opnieuw volgens hetzelfde stramien. Rond een uur of elf, de top act was net aan haar optreden begonnen, gonsde het eerst van de geruchten, werd er vervolgens ongelovig naar buiten gekeken, waarna de aanwezige punkers met hun eigen ogen konden constateren dat het waar was: buiten stonden enkele luidruchtige, dronken skinheads de boel op te jutten. De muziek hield plots op, wie binnen zat spurtte naar buiten, wie buiten stond wilde de omgekeerde richting uit. Trekken, duwen, trappen, het zwakste dier van de kudde zoeken en daarop de bottinekes loslaten, zo ging dat. Tot enkele minuten later de politie verscheen en de vechtende bende uiteen stoof. Enkelen hadden pech en werden ingerekend, wat dan weer goed was voor nieuwe stoere verhalen in de weken die volgden. Als er een punkfestival was in De Waag, wist ik vooraf: ik zal vroeg thuis zijn vanavond.

Ik moest weer aan mijn al bij al toch wel prettige dagen in dat jeugdcentrum denken, nadat mijn blogpost over Bart 'Panda' De Wever voor de nodige heisa had gezorgd. Linkse volgers smulden ervan, rechtse volgers haatten het. Er werden wat onvriendelijke dingen heen en weer geslingerd, en ik voelde me meteen weer tussen de punkers en de skinheads van bijna dertig jaar geleden. Dat wederzijds schelden, dat schrijnend gebrek aan nuance, die hardheid in de standpunten is typisch voor de manier waarop we tegenwoordig omgaan met de sociale media. Vroeger bestond dat ook wel, getuige mijn verhaal van hierboven, maar het bleef beperkt tot de toog of het trottoir voor het café. Als er vijftig betrokkenen waren, was het heel veel. Scheldfora waren er nog niet, kranten selecteerden heel streng de ingestuurde brieven, het leek wel alsof er peis en vree heerste in Vlaanderen. Vandaag heb je de indruk dat iedereen vechtend over de vloer rolt.

Nu ben ik wel stoer op papier (ik durf pertinente dingen schrijven, controverse uitlokken, provoceren), maar échte ruzie gaat mij te ver. Dan ga ik een eindje lopen, far from the madding crowd. Dan hoop ik dat de politie de querulanten bij de kraag vat en ik weer, net als toen, vroeger naar huis kan. Dan reken ik, in al mijn naïviteit, op de uiteindelijke overwinning van de rede en het gezond verstand. Wat zelden gebeurt. Hoogstens houdt het gestook en gepook op een bepaald moment op. Om 's anderendaags in alle hevigheid opnieuw te beginnen.

Moe word ik daarvan. Moedeloos, ook. Ik wil best discussiëren met mensen die er een andere mening op nahouden, maar altijd met argumenten en graag hoffelijk, ook al ben je 't grondig oneens met elkaar. Op de sociale media lukt dat blijkbaar niet meer, zeker niet op Twitter, door sommigen een virtueel café genoemd, maar vaak ook een virtuele boksring, waar de regels van het free kick boxen gelden. Wie durft kietelen, ontvangt meteen een dreun.

In de eerste zestien maanden dat ik op Twitter zat, heb ik welgeteld twee mensen geblokkeerd. Eentje omdat ie schampere opmerkingen had gemaakt over de gezondheidstoestand van Hugo Camps, een andere omdat ie alleen maar boertig bleef reageren op geestig bedoelde opmerkingen. Sinds zondag, na mijn BDW-stuk, heb ik er een tiental extra de toegang tot mijn Twitterdomein ontzegd. Agressievelingen die alleen maar in staat bleken tot extreem negatieve reacties en venijnige persoonlijke aanvallen. Waarom zou ik dat soort figuren welkom blijven heten? Ik wil nog zelf kunnen kiezen met wie ik op virtueel café ga en in welk etablissement ik dat doe, dankjewel. Ik ben geen skinhead die een robbertje wil gaan vechten aan een punkcafé. Helaas zijn vele anderen dat wel. Als een moderne versie van de middeleeuwse struikrovers liggen ze op de loer, wachtend op hun prooi, om dan genadeloos toe te slaan.

En dan vraag ik mij The Clash-gewijs af: Should I stay or should I go? Het antwoord is voorlopig nog 'Stay', want u weet: 'Si tous les dégoutés s'en vont, il n'y a que les dégoutants qui restent'. En dat zou zonde zijn. Maar een vrolijk vooruitzicht is het niet om dit soort over-en-weer-geschreeuw te moeten blijven lezen in de aanloop naar de 'moeder aller verkiezingen', een belangrijk moment dat velen blijkbaar poepnerveus maakt.

(Opgedragen aan Michaël Dierckx, @usedtobejolly, die gisteren overleed. Da's dan weer het mooie van Twitter: ook al ken je elkaar niet persoonlijk, als iemand je volgt schept dat op een hele bizarre manier toch een band. En aan de reacties na het slechte nieuws merk je dat er een zekere genegenheid is tussen de gebruikers. Niets menselijks is Twitter vreemd.)





  • Reacties(0)//maandans.frankvanlaeken.eu/#post369
« VorigeVolgende »