Maandans

Maandans

It's a marvelous night for a moondance!

Meningen over actuele gebeurtenissen. Of oude teksten "revisited". Startend vanuit een persoonlijke nood om gehoord/gelezen te worden. Een beetje pretentieus, misschien, in de hoop zo een discussie aan te zwengelen. Of toch op zijn minst tot nadenken te stemmen. Leuk tijdverdrijf mag ook, natuurlijk. O ja, de naam "Maandans" is de letterlijke vertaling van "Moondance", een management-boekingkantoor voor jonge Belgische rockbands dat ik eind jaren tachtig had, maar vooral: een heerlijk swingend nummer van een toen nog piepjonge Van Morrison, één van mijn favoriete artiesten. Kom ook eens langs op Twitter: @FrankVanLaeken of op mijn website: www.frankvanlaeken.eu

Minderwaardig

CommunicatieGeplaatst door Frank Van Laeken ma, juni 30, 2014 12:58:34

"Ons hebben ze geleerd dat minderwaardig werk niet bestaat. Minderwaardige mensen bestaan wel, maar minderwaardig werk bestaat niet." Zo luidde een letterlijke uitspraak vorige maandag op de Gentse gemeenteraad. Na wat geroezemoes en hoorbaar onbegrip vulde Guido Meersschaut, het 76-jarige N-VA-gemeenteraadslid dat de infame oneliner bezigde, aan met: "Die bestaan. Ja, natuurlijk, ja. Zeker dat, zeker dat!" Zo, dat weten we dan ook weeral.

Onmiddellijk nadien tweette schepen Elke De Cruynaere (Groen) haar ongeloof en ontstond er een beetje deining in de sociale media. Vreemd genoeg werd de uitspraak pas vandaag écht opgepikt door de andere media nadat De Zuidpoort, een organisatie die de armoede bestrijdt in Gent, het geluidsfragment op haar website had gezet. Een week na de feiten komt de hoogbejaarde en flink bebaarde gewezen vishandelaar, die dus duidelijk ook kan praten als een 'viswijf', in het oog van een stormpje te staan. Van mij mag dat best een storm worden, die zich uitbreidt naar zijn partij, want veel onkieser kan een standpunt niet zijn.

Minderwaardig werk bestaat niet, minderwaardige mensen wel. Hoe meer je de woorden herhaalt, hoe ziekelijker het klinkt. Dit zijn de woorden van iemand die in zijn eigen cocon leeft, een bewasemd aquarium waar je de wereld allang niet meer doorheen kan zien, maar waar je wel denkt overal een mening over te kunnen vormen. Minstens even merkwaardig als de woorden van die ene malloot is de volledige radiostilte bij zijn partij. Zelfs Siegfried Bracke, die op de gemeenteraad doorgaans sneller tweet dan zijn schaduw, bleef stil. Is de N-VA het dan eens met deze stelling? Blijkbaar wel, anders zouden zulke zwaarwichtige woorden op zijn minst een nuance verdienen of verontschuldigingen aan het adres van al die mensen die hard hun best doen maar er niet in slagen om volwaardig werk te vinden. En als het de partij echt menens is met de slogan 'Wel sociaal, niet socialistisch' zou ze zich luid en duidelijk distantiëren van deze achterlijke woorden.

N-VA deed niets van dat alles, dus kan je alleen maar - samen met burgemeester Termont - concluderen dat het nationale partijbureau het ermee eens is. Meersschaut stipuleerde ook nog dat hij gevangenen als 'minderwaardige mensen' bestempelt, is dat dan ook een officieel partijstandpunt?

***

Overigens vind ik dat er geen minderwaardige mensen bestaan, maar wel minderwaardige jobs. Onderbetaalde, ondergewaardeerde jobs waarin werknemers als moderne slaven worden behandeld. Die bestaan echt wel, hoor.

***

Net zomin als de uitspraak van Meersschaut racistisch is - in al zijn misplaatstheid viseert hij niet één of meerdere andere rassen, maar wel de werklozen in zijn (al)gemeenheid - mag je de sociale media-equipe van KLM ook niet racistisch noemen. Toch tekenden die gisteren voor een flater die zowaar nog groter was als die van de Mexicaanse aanvoerder Rafael Marquez die domweg zijn voet plantte voor het been van de duikgrage Arjen Robben.

"Adios amigos!" tweette KLM onmiddellijk na afloop van de wedstrijd Nederland - Mexico, met daarbij een foto van de vertrekruimte op een luchthaven, herkenbaar aan het 'Departures'-bord. Duizenden vrolijke retweets, maar vooral tientallen verontwaardigde reacties later verwijderde de luchtvaartmaatschappij de tweet. Eén van de hevigste reacties kwam van de Mexicaanse acteur Gael García Bernal, goed voor 1.934.591 volgers op Twitter. "@KLM I'm never flying your shitty airline again. F*k you big time." Er is geen poëet verloren gegaan aan García Bernal, zoveel is duidelijk.

Je ziet het zo gebeuren hoe zo'n kortzichtige top topical reclamestunt tot stand is gekomen: na een korte brainstorm, wie weet na enkele tequila's (Mexicaanse thema-avond!), anticiperend op de oranje overwinningsroes die het hele land zou bedwelmen. (Joop: "Nou, als we nu eens iets doen met 'Adios amigos!', zou dat niet fijn zijn als top topical?". Jaap: "Geweldig idee, Jaap, en we zetten er een foto van de diepaartsjuurs bij en zo'n Mexicaanse hoed, hoe heet dat ding ook alweer, o ja, bolero!")

Dat die boodschap helemaal anders zou kunnen overkomen hadden Joop en Jaap niet door. Dat heel wat berooide Mexicanen er alles voor over hebben, desnoods zelfs hun leven, om de streng bewaakte grensovergang met de Verenigde Staten over te steken op zoek naar een beter leven in het beloofde land van de American Dream, waarbij ze niet zelden door de strenge arm der wet worden tegen gehouden en stante pede worden gedeporteerd ("Departures"!), neen, dat was niet in hun malle hoofd opgekomen.

(Joop: "Nou, wat denk je van "Drachme terug naar huis" als we van die Grieken winnen?". Jaap: "Hé, een leuke, Joop. Weet je wat: zet er 'Grexit' naast, dan wordt de boodschap nog duidelijker!")

Niet elke vorm van humor kan je met de mantel der voetballiefde bedekken. Die vlieger gaat niet op.

***

Dienstmededeling: 't is zomer! De komende weken blijf ik nog wel de actualiteit volgen, heb ik ongetwijfeld iets te zeggen over het WK en de Rode Duivels, ga ik zelfs een tijdelijk wekelijkse rubriekje lanceren onder de kop 'Onderschatte platen' (over vergeten elpees van grote namen uit de muziekgeschiedenis), maar ga ik ook geregeld niets doen. Als u dat mag, ik ook!





  • Reacties(0)//maandans.frankvanlaeken.eu/#post443

Imago

CommunicatieGeplaatst door Frank Van Laeken za, maart 22, 2014 13:13:39

Tot een jaar of tien geleden zou een imagofilmpje van een stad, bestemd voor buitenlandse investeerders, nooit voor enige ophef hebben gezorgd, om de simpele reden dat alleen de makers, de opdrachtgevers en de buitenlandse contacten het te zien zouden gekregen hebben. Met de sociale media is die discretie er niet meer en dus veroorzaakte Moving Antwerp, het promofilmpje van ruim drie minuten waarmee de stad Antwerpen zichzelf wil 'verkopen' aan internationale bedrijven, veel ophef.

Té blank, té saai, té voorspelbaar. De twee laatste epitheta zijn in deze minder belangrijk, want dat zijn subjectieve oordelen. Het gaat om het eerste: latent racisme, dat is het grootste verwijt dat wordt gemaakt. Zelfs muziekrecensent Bart Steenhaut wijdde er vandaag zijn column aan in De Morgen. Een citaat: 'Liefst 40 procent van de bewoners van 't Stad is van vreemde origine. Dat is één op de vier.' Misschien moet Steenhaut het in de toekomst maar bij muziek houden en laat hij de wiskundige acrobatie best over aan mensen die daar verstand van hebben (of aan Philippe Muyters, kunnen we nog eens lachen).

Hebben de critici een punt? Nadat ik het filmpje had gezien, postte ik spontaan dit op Facebook: 'Als ik zo'n imagofilmpje van eender welke stad zou zien, wil ik er onmiddellijk naartoe. Maar hé, deze kén ik! Knap gedaan.' Dat meende ik. Ik vond het een goed idee om het te filmen vanuit het standpunt van de hoofdrolspeler, de stad, en ik kijk, drieëntwintig jaar na mijn emigratie naar Vlaams-Brabant, met heel veel plezier naar al die schitterende gebouwen, die ervoor zorgen dat ik elke keer opnieuw stapelverliefd wordt op deze plek. Verliefd op de stad, that is, niet op haar bestuurders of haar inwoners. Het stadsbestuur vind ik momenteel té koel en té zakelijk en ze maken niet de keuzes waar ik voor sta, de Antwerpenaren zelf zijn me vaak te zeurpieterig en te kleinzielig.

Ja, als ik het filmpje herbekijk merk ik, naast de pracht en praal van de oude en nieuwe architectuur, veel blanke gezichten. Maar ik zie ook andere culturen, zij het een kleine minderheid, zeker geen één op vier of veertig procent of iets daartussenin. Je moet het beeld dan wel geregeld stilzetten, want om de seconde wordt het plaatje doorgeschoven, als in een slecht afgestelde diaprojector. Het moet vooruitgaan in dit soort montages.

Ben ik nu een racist? Ik denk het niet. Ik hoop het alleszins niet. Wat wel zou kunnen: misschien ben ik als redelijk welstellende blanke man met een blanke opvoeding en jarenlang vertoevend in een overwegend blanke omgeving zodanig geconditioneerd dat ik het racisme niet eens meer zie. Dat zou best kunnen.

Wat je ook niet mag onderschatten: dit filmpje is overduidelijk gemaakt door en voor blanke mannen van tussen de vijfentwintig en de vijfenveertig. Helaas zijn dat vandaag ook de beslissingsnemers in grote ondernemingen in het westen. Daar zit 'm het werkelijke racisme in onze samenleving: dat we dit mettertijd klakkeloos hebben aangenomen, alsof het doodnormaal is. Die houding is, al dan niet bewust, racistisch én seksistisch. En dan pleit ik, gezien mijn prompte reactie na het zien van Moving Antwerp, schuldig, zij het niet met voorbedachten rade. Maar oordeelt u vooral zelf.

www.youtube.com/watch?v=_cFckUmpuT4

Wat Antwerpen een 'rijke' stad maakt, is dat er niet alleen mondelinge en schriftelijke kritiek is gekomen op Moving Antwerp, gezeur aan de toog of voor de pc, maar dat de actieve tegencultuur dadelijk een antwoord heeft geformuleerd in de vorm van de snel in elkaar geflanste clip Happy Antwerpen. Jonge mensen van allerlei komaf en huidskleur dansen vrolijk voor de camera op het inmiddels plat gedraaide Happy van Pharrell Williams. Als u het ene filmpje ziet, kunt u dus ook best even naar het andere kijken.

www.youtube.com/watch?v=GQHvZkY5_so

***

Imago, daar gaat het ook over in de naweeën van het 'dubbele familienaam'-debat in de Kamer. Allesbehalve een hoogstaand spektakel werd er woensdag opgevoerd. 'Beschamend', noemt politoloog Carl Devos het vandaag op deredactie.be. De Morgen had het gisteren in een reconstructiestuk over een 'deurenkomedie'.

Vandaag staat er een mooi interview met Annemie Turtelboom in De Morgen. Zij betreurt het trieste schouwspel, maar doet ook fijntjes uit de doeken hoe met name CD&V en N-VA in de loop van de jongste maanden hun kar keerden en het oorspronkelijke voorstel, dat een brede goedkeuring had gekregen, afschoten. Op twee maanden voor de verkiezingen is het belangrijker om partijpolitieke spelletjes te spelen en, vooral, om de tegenstander geen overwinningen te gunnen, dan om een weloverwogen wet te stemmen.

Het gaat niet om een bagatel, voert Turtelboom-Schepens aan, maar om iets fundamenteels: 'keuzevrijheid'. Ik ben geneigd haar daarin te volgen. En hoewel minder zwaarwichtig (en net daarom makkelijker te bagatelliseren) kan je dit wetsontwerp best vergelijken met wat er voorafging aan het stemmen van de wetten over abortus, euthanasie en het homohuwelijk. Het gaat om keuzevrijheid, iets wat een aantal partijen de mensen duidelijk niet gunnen.

'Dit gaat leiden tot keuzestress', wierpen sommige commentatoren op. 'Er zullen familieruzies ontstaan over de naamkeuze'. Anderen schreven: in Frankrijk bestaat die keuzemogelijkheid al en toch kiest 82 procent voor de naam van de vader.

Et alors? Veel belangrijker dan die 82% is voor mij de achttien procent die, dank zij de keuzevrijheid, een andere keuze heeft kúnnen maken. Keuzevrijheid betekent immers niet dat mensen verplicht zijn om te kiezen of dat ze in een bepaalde richting worden gedreven, maar dat ze dit zelf mogen beslissen. Wat is er mooier dan zelf je lot te mogen bepalen? Ook hierin kan je de vergelijking doortrekken naar abortus, euthanasie en homohuwelijk.

Wie keuzestressvrij wil leven, moet maar overwegen om naar Rusland of China te gaan wonen. Daar kan je nauwelijks kiezen: geen keuzestress aan de Russische of Chinese lijven. En wie helemaal geen last meer wil hebben van keuzevrijheid, kan terecht in Noord-Korea. Keuzestress? Kennen ze daar niet. En ze heten er allemaal Kim of Lee. Niet Kim-Lee.



  • Reacties(0)//maandans.frankvanlaeken.eu/#post371

Should I stay or should I go?

CommunicatieGeplaatst door Frank Van Laeken do, maart 20, 2014 00:21:40

Toen ik veel jonger en onbezonnener was, had ik voor mezelf uitgemaakt dat ik absoluut geen legerdienst wilde doen. Ik wilde niet blindelings bevelen van machtsdronken kerels met een streepje meer op hun uniform uitvoeren. Ik wilde nog veel minder onschuldige mensen doden omdat mij dat nu eenmaal bevolen werd door één of andere hiërarchische overste die op zijn beurt zonder nadenken orders van weer iemand anders boven hem uitvoerde. Ik huiverde (en huiver nog altijd) van kadaverdiscipline. Dus deed ik socio-culturele burgerdienst, goed voor twintig maanden strafkamp in plaats van de tien maanden in het Belgisch leger.

Zowat de helft van die burgerdienst spendeerde ik in een Antwerps jeugdcentrum: De Waag, in de Kloosterstraat, vlakbij de voetgangerstunnel. Op dat ogenblik, ik heb het over 1985, was dat één van de weinige overblijvende plekken waar punkers zich thuis voelden. Punk was in Vlaanderen veel later doorgebroken dan in Engeland en het was er ook veel sneller weer weggedeemsterd. Behalve dus bij de vaste bezoekers van De Waag.

Naast die opvallend veelkleurige, met gepaste trots hun hanenkam torsende overblijfselen van een kort maar hevig tijdperk in de tegencultuur, waren er nog andere regelmatige klanten: junkies, alcoholisten, wereldverbeteraars. De rode draad tussen al die mensen was kansarmoede. Leven aan de zelfkant. Of beter: wat de toenmalige machthebbers als de marge van de maatschappij beschouwden.

Als brave, burgerlijke jongen vond ik dat zootje ongeregeld vreemd, maar ook prettig en best wel sympathiek. Achter dat stoere of verlopen uiterlijk hield niet zelden een warme mens schuil. Mijn dagen speelden zich vooral achter de toog af, waar ik vele verhalen aanhoorde, het ene al ongelooflijker dan het andere. En ik leerde er de betere muziek appreciëren, want een collega van bij de lokale radio waarvan de redactielokalen zich op de tweede verdieping boven het jeugdcentrum bevonden, had een cassette samengesteld met garagerock en aanverwanten. The Doors, The Velvet Underground, The Kinks, Et moi et moi et moi van Jacques Dutronc, Should I stay or should I go? van The Clash. Schitterende bands en briljante songs die ik achteraf stuk voor stuk ben beginnen verzamelen.

Een paar keer per jaar werd er een punkfestival georganiseerd in De Waag. Dan werden er een stuk of vier groepjes op de affiche gezet, van wie de leden ternauwernood drie correcte noten op hun versleten muziekinstrument konden produceren en de zanger zelfs zonder micro alle decibelnormen overtrad, en die speelden gratis en voor niets hun volledige repertoire. Lang duurden de optredens bijgevolg niet. Als je een dringende boodschap had, moest je proberen veilig tussen de pogoënde lijven te laveren, wat soms wel, maar meestal niet lukte zonder enige averij op te lopen, om dan in een onwelriekende omgeving je ding te kunnen doen, voorzichtig hinkelend tussen pis, kak en kots.

Zo'n avond eindigde elke keer opnieuw volgens hetzelfde stramien. Rond een uur of elf, de top act was net aan haar optreden begonnen, gonsde het eerst van de geruchten, werd er vervolgens ongelovig naar buiten gekeken, waarna de aanwezige punkers met hun eigen ogen konden constateren dat het waar was: buiten stonden enkele luidruchtige, dronken skinheads de boel op te jutten. De muziek hield plots op, wie binnen zat spurtte naar buiten, wie buiten stond wilde de omgekeerde richting uit. Trekken, duwen, trappen, het zwakste dier van de kudde zoeken en daarop de bottinekes loslaten, zo ging dat. Tot enkele minuten later de politie verscheen en de vechtende bende uiteen stoof. Enkelen hadden pech en werden ingerekend, wat dan weer goed was voor nieuwe stoere verhalen in de weken die volgden. Als er een punkfestival was in De Waag, wist ik vooraf: ik zal vroeg thuis zijn vanavond.

Ik moest weer aan mijn al bij al toch wel prettige dagen in dat jeugdcentrum denken, nadat mijn blogpost over Bart 'Panda' De Wever voor de nodige heisa had gezorgd. Linkse volgers smulden ervan, rechtse volgers haatten het. Er werden wat onvriendelijke dingen heen en weer geslingerd, en ik voelde me meteen weer tussen de punkers en de skinheads van bijna dertig jaar geleden. Dat wederzijds schelden, dat schrijnend gebrek aan nuance, die hardheid in de standpunten is typisch voor de manier waarop we tegenwoordig omgaan met de sociale media. Vroeger bestond dat ook wel, getuige mijn verhaal van hierboven, maar het bleef beperkt tot de toog of het trottoir voor het café. Als er vijftig betrokkenen waren, was het heel veel. Scheldfora waren er nog niet, kranten selecteerden heel streng de ingestuurde brieven, het leek wel alsof er peis en vree heerste in Vlaanderen. Vandaag heb je de indruk dat iedereen vechtend over de vloer rolt.

Nu ben ik wel stoer op papier (ik durf pertinente dingen schrijven, controverse uitlokken, provoceren), maar échte ruzie gaat mij te ver. Dan ga ik een eindje lopen, far from the madding crowd. Dan hoop ik dat de politie de querulanten bij de kraag vat en ik weer, net als toen, vroeger naar huis kan. Dan reken ik, in al mijn naïviteit, op de uiteindelijke overwinning van de rede en het gezond verstand. Wat zelden gebeurt. Hoogstens houdt het gestook en gepook op een bepaald moment op. Om 's anderendaags in alle hevigheid opnieuw te beginnen.

Moe word ik daarvan. Moedeloos, ook. Ik wil best discussiëren met mensen die er een andere mening op nahouden, maar altijd met argumenten en graag hoffelijk, ook al ben je 't grondig oneens met elkaar. Op de sociale media lukt dat blijkbaar niet meer, zeker niet op Twitter, door sommigen een virtueel café genoemd, maar vaak ook een virtuele boksring, waar de regels van het free kick boxen gelden. Wie durft kietelen, ontvangt meteen een dreun.

In de eerste zestien maanden dat ik op Twitter zat, heb ik welgeteld twee mensen geblokkeerd. Eentje omdat ie schampere opmerkingen had gemaakt over de gezondheidstoestand van Hugo Camps, een andere omdat ie alleen maar boertig bleef reageren op geestig bedoelde opmerkingen. Sinds zondag, na mijn BDW-stuk, heb ik er een tiental extra de toegang tot mijn Twitterdomein ontzegd. Agressievelingen die alleen maar in staat bleken tot extreem negatieve reacties en venijnige persoonlijke aanvallen. Waarom zou ik dat soort figuren welkom blijven heten? Ik wil nog zelf kunnen kiezen met wie ik op virtueel café ga en in welk etablissement ik dat doe, dankjewel. Ik ben geen skinhead die een robbertje wil gaan vechten aan een punkcafé. Helaas zijn vele anderen dat wel. Als een moderne versie van de middeleeuwse struikrovers liggen ze op de loer, wachtend op hun prooi, om dan genadeloos toe te slaan.

En dan vraag ik mij The Clash-gewijs af: Should I stay or should I go? Het antwoord is voorlopig nog 'Stay', want u weet: 'Si tous les dégoutés s'en vont, il n'y a que les dégoutants qui restent'. En dat zou zonde zijn. Maar een vrolijk vooruitzicht is het niet om dit soort over-en-weer-geschreeuw te moeten blijven lezen in de aanloop naar de 'moeder aller verkiezingen', een belangrijk moment dat velen blijkbaar poepnerveus maakt.

(Opgedragen aan Michaël Dierckx, @usedtobejolly, die gisteren overleed. Da's dan weer het mooie van Twitter: ook al ken je elkaar niet persoonlijk, als iemand je volgt schept dat op een hele bizarre manier toch een band. En aan de reacties na het slechte nieuws merk je dat er een zekere genegenheid is tussen de gebruikers. Niets menselijks is Twitter vreemd.)





  • Reacties(0)//maandans.frankvanlaeken.eu/#post369

Deelnemen is belangrijker dan Swinnen

CommunicatieGeplaatst door Frank Van Laeken wo, maart 05, 2014 12:04:07

Een mens leert alle dagen bij en dat is maar goed ook. Zo dacht ik dit opiniestuk over de geschrapte tentoonstelling van curator Johan Swinnen in Marchienne-au-Pont, bij Charleroi, te openen met de befaamde uitspraak van de Franse wijsgeer Voltaire ('Ik ben het volkomen met u oneens, maar ik zal het recht dat u heeft om uw mening te verkondigen tot de dood toe verdedigen'), maar nu ontdek ik dat die uitspraak ten onrechte aan Voltaire werd toegewezen.

De letterlijke tekst luidt 'I disapprove of what you say, but I will defend to the death your right to say it', komt uit het in 1906 gepubliceerde boek The Friends of Voltaire en stroomde uit de pen van Stephen G. Tallentyre, die in werkelijkheid Evelyn Beatrice Hall heette, omdat in die duistere dagen van begin twintigste eeuw - lang vóór suffragettes, vrouwenstemrecht en Internationale Vrouwendagen - een mannelijke nom de plume commercieel en sociaal interessanter was. Tallentyre/Hall schreef die fameuze woorden, maar ze zijn wel een samenvatting van hoe Voltaire dacht.

Zo, dat weet u dan ook alweer. Terug naar Swinnen. De man werd geboren in Tienen, vierde onlangs zijn zestigste verjaardag, studeerde fotografie, film en video aan de Hogeschool Sint-Lukas in Brussel, cultuurwetenschappen aan de VUB en kunstgeschiedenis aan de Universidad La Laguna, was fusiecoördinator van de Hogeschool Antwerpen, is stichter-voorzitter van het Hoger Instituut voor Schone Kunsten (HISK), wordt de bezieler genoemd van de masteropleiding conservatie en restauratie aan de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten van Antwerpen en is momenteel hoogleraar hedendaagse kunstgeschiedenis aan de VUB, de Hogeschool Antwerpen en (als gastdocent) de Université de la Sorbonne Nouvelle in Parijs. Een indrukwekkend cv dat ik van de site van de Vrije Universiteit Brussel pluk en waar sommige media foutief aan toevoegen dat de man ook ex-ambassadeur is, omdat ze verwarren met een andere Johan Swinnen, die inmiddels met pensioen is.

O ja, hij is ook fractiesecretaris voor de N-VA in de Kamer van Volksvertegenwoordigers. Het is die 'o ja' en wat erop volgt die in deze belangrijk is, niet dat Swinnen een academicus is, die zelf actief is als fotograaf en door zijn studies en latere carrière ook kenner van de fotografie mag worden genoemd. Zijn aanhankelijkheid tegenover de succesvolste politieke formatie van dit moment is de reden waarom een aantal fotografen, al dan niet met een drogreden, hun deelname hebben ingetrokken, waardoor de organisatoren zich uiteindelijk verplicht voelden de stekker uit de tentoonstelling 'Portrait imaginé de la Flandre' te trekken. U hoeft dus niet naar het aartslelijke Marchienne-au-Pont te trekken vanaf 24 mei en het geplande begeleidende boek zal eveneens blijven steken in de map met goede bedoelingen en interessante projecten.

Mag ik dit vreemd vinden? U kent mij intussen, ik ben absoluut geen aanhanger van de partij die - in tegenstelling tot die andere - op democratische wijze naar een onafhankelijk Vlaanderen streeft. Ik heb daar even veel affiniteit mee als Vladimir Poetin met democratie. Heel weinig, dus. Maar om dan je medewerking aan een, voor zover ik kan inschatten, politiek neutrale expositie in het 'andere' landsgedeelte in te trekken, enkel en alleen omdat de curator niet tot jouw politieke gezindte behoort, is wel héél kleintjes, vooral omdat die curator, zoals hierboven al beschreven, allesbehalve wereldvreemd is als het op het domein van de fotografie aankomt.

Natuurlijk botst de N-VA vaak met de culturele wereld. Natuurlijk legt die partij als het even kan opvallend veel Vlaamse accenten, die vaak het midden houden tussen potsierlijk en volstrekt overbodig. En natuurlijk staat die Nieuw-Vlaamse Alliantie voor een toekomstig hard liberaal beleid op maat van de werkgevers. Allemaal waar. Maar bij mijn weten was Swinnen niet van plan om die tentoonstelling partijpolitiek te manipuleren of te exploiteren. Wilde hij alle foto's in een geel-zwarte kader ophangen, misschien? Ging hij een voile hangen voor foto's van openlijk linkse kiekjesmakers of hun namen bewust fout spellen? Zou hij de uitnodigingsmails voor de expositie vergezeld laten gaan van dat krakkemikkige filmpje, nummer vierentwintig van de 25 verbintenissen mocht het u interesseren, waarin hij namens de N-VA zegt dat hij verrast wil worden door cultuur?

Het komt wellicht nooit meer goed tussen de N-VA en de 'culturo's'. Dat is dan maar zo. Maar intellectuele eerlijkheid zou daar los van moeten staan. En dan kan je kritiek hebben op de manier waarop Swinnen de tentoonstelling organiseerde (Michiel Hendryckx, die zich overigens afzet tegen de boycot, noemde het amateuristisch dat Swinnen de fotografen aanschreef met de uitnodiging 'Stuur zelf maar een foto', wat van hem inderdaad een bijzonder luie curator maakt!), maar dat moet je kunnen los zien van zijn politieke geaardheid. Ik schrijf bewust 'geaardheid', want hoe sterk zou het verzet zijn - en terecht! - wanneer deelnemers aan een tentoonstelling zich zouden afzetten tegen een curator omdat die homofiel, transseksueel of andersgekleurd zou zijn?

Als die protesterende fotografen dan toch een statement hadden willen maken, dan had dat perfect gekund door een eigenzinnige selectie uit hun eigen portfolio. Dan hadden ze het Olympisch adagium kunnen parafraseren tot 'Deelnemen is belangrijker dan Swinnen'. Nu dwingen ze het museum tot censuur en is dat nu net niet een begrip dat altijd met rechts en dictatoriaal geassocieerd wordt? Als deze actie een snapshot van de betrokken fotografen laat zien, dan zweeft het ergens tussen een clair obscure en een lelijke close-up in. Uiteraard vanuit kikkerperspectief genomen, want dat hoort zo voor underdogs.

De Calimero's zitten dit keer niet bij de N-VA.





  • Reacties(0)//maandans.frankvanlaeken.eu/#post356

Twitterquiz (Valentijneditie)

CommunicatieGeplaatst door Frank Van Laeken za, februari 15, 2014 14:57:47

Uit een bevraging bij een representatief staal van de Twittergemeenschap (@Kroy_Wendy en haar vriend) was gebleken dat Valentijn het ideale moment was om de tweede editie van de Twitterquiz te organiseren en zo geschiedde dan ook in het inmiddels legendarische lokaal Kapitein Cravate in de sympathieke provinciestad G.

Alvorens mij over te geven aan een zoals altijd frustrerend avondje net-niet-het-juiste-antwoord-weten begaf ik me in de gelagzaal van de Vooruit, iets wat al geleden was van een heel eind in de vorige eeuw. Er stond nog een muur in Berlijn en er zat een cowboy in de Oval Office, zó lang geleden al. De dagschotel was niet meer beschikbaar, dus werd het pasta met kip, al leek die pasta verdomd veel op rijst, maar ach, wie maalt erom zo vlak voor een quizqueeste.

Kapitein Cravate, bent u er ooit al geweest? Het is zo'n kroeg waarvoor het bordje 'Max. 49 personen' werd uitgevonden, maar op die vrijdag de veertiende van de tweede maand van het jaar zaten er vijftien ploegen met elk vijf deelnemers, plus de organisatoren, het personeel en nog wat verloren gelopen klanten die dachten dat ze net hier een rustige Valentijndate konden beleven. Ha, mis poes! U begrijpt waar ik naartoe wil: de zaak zat eivol. Zeg maar: een klein ei met drie dooiers. Dat wringt een beetje.

De temperatuur liep al snel onbehoorlijk op. Er werd dan ook danig met kledingstukken gejongleerd, wat me bij een suggestie voor de toekomst brengt: zorg voor verkoeling of, juist integendeel, maak het nog wat warmer, je weet nooit welke interessante taferelen dat kan opleveren. Gezelligheid troef, dus, en mijn ploegje, het nu al legendarische Manhoer (ik distantieer me overigens ferm van die naam, hij werd ons opgedrongen nadat twee mannelijke leden van ons vijfkoppig gezelschap zich een tijdje geleden lieten gaan in een heus Twitterdrama!) had zich aan een tafel bij het raam genesteld.

De taakverdeling was vooraf duidelijk afgesproken: @DiamondCityLove deed de concurrenten struikelen wanneer die vruchteloos probeerden onze tafel te passeren om iets verderop aan hun eigen tafel plaats te nemen (ze had ook al drie tegenstanders op weg van Antwerpen naar Gent gedumpt langs de E17), @hetjoch riep telkens luidop 'Da's wéér een vrouw!' als het antwoord op een quizvraag een persoon van het vrouwelijke geslacht was, @slijmpistool had het mooiste handschrift en kreeg de antwoordformulieren toegeschoven, @Jan_Vdj zorgde voor de bevoorrading (en deed dat puik en in een tempo dat Bart Swings een gouden medaille zou hebben opgeleverd!) en ikzelf had wat stylo's meegebracht en mijn parate kennis over het feminisme in Zuid-Oezbekistan tijdens het interbellum. Gelukkig werd er af en toe ook iets over Martin Scorsese gevraagd, zodat mijn bijdrage zich niet beperkte tot het zoeken van mijn naambadge, die ik bij het fluks uittrekken van mijn trui had verloren, wat tot een acute en pijnlijke identiteitscrisis leidde.

Enfin, we weten nu alles over 14 februari, Leuven en fotogenieke koppeltjes (en natuurlijk ook over het feminisme in Zuid-Oezbekistan tijdens het interbellum, maar dat bleek achteraf overbodige kennis te zijn). Af en toe werd er iemand gejend met een cadeautje van één van de sponsors, de immer sympathieke bladen P en Focus Knack. Zo kreeg de reeds vernoemde @hetjoch een sexboek van Goedele Liekens in handen geduwd, waarvan ik de titel ('SOS Sex') eerst verkeerd interpreteerde als een doe-boek voor seksverslaafde socialisten, iets wat mij in die rode buurt met cultuurcentrum Vooruit, het gebouw van het vroegere dagblad Vooruit, vakbond en mutualiteit niet in dank werd afgenomen. Wellicht dat ik la Liekens iets te snel associeerde met Steve Stevaert, iets wat ernstige journalisten nooit zouden mogen doen. (Veel respect voor la Liekens, trouwens, ze gaf ooit als kersverse Miss België de aftrap van Beerschot-Anderlecht, een wedstrijd die door mijn ploegje met een klinkende 4-0 werd gewonnen, maar dit geheel terzijde.)

Enfin, om een lang en volstrekt oninteressant verhaal kort te maken: we eindigden vijfde, wat verdienstelijk was en in de Belgische voetbalcompetitie goed zou zijn voor een plek in Play-off 1, maar hier alleen troostprijzen opleverde (een knuffel van @kawemel, bijvoorbeeld, waarbij me nog altijd niet duidelijk is of die in het sponsorpakket van P of Focus Knack zat; zo ja, wil ik mij wel het aanschaffen van een abonnement overwegen). Achteraf werd er verbroederd, verzusterd en verorvald, werden Twittervetes uitgepraat of nog erger gemaakt, en kon #teamkony haar zege uitvoerig vieren. Waarvoor proficiat! De winnaars van vorige keer, De Vlaamse Grondstroom, beten dus in het zand, wat de burger moed geeft met het oog op 25 mei.

Na afloop verklapte @Kroy_Wendy dat ze al zit te broeden op een derde editie van de Twitterquiz. Goed idee. Een tip: ga eens kijken in een complex iets verderop en geniet er bij het boeken van een zaal van een pasta-zonder-pasta met rijst en kip.







  • Reacties(3)//maandans.frankvanlaeken.eu/#post343

Writer's Blog

CommunicatieGeplaatst door Frank Van Laeken za, december 21, 2013 17:59:08
...

  • Reacties(1)//maandans.frankvanlaeken.eu/#post323

Café Twitter nog steeds open

CommunicatieGeplaatst door Frank Van Laeken zo, november 17, 2013 13:09:34

Café De Raaf nog steeds gesloten. U moet dat boek ooit toch 's lezen. Zoals u trouwens zowat het volledige œuvre van J.M.H. Berckmans tot u moet nemen. Liefst in kleine dosissen en chronologisch, want op het einde van zijn veel te vroeg afgebroken hectische en intrieste leven klonk de genaamde Jean-Marie Henri Berckmans steeds meer verbitterd over zijn uitzichtloze situatie. Neen, begin best bij Vergeet niet wat de zevenslaper zei uit 1989, waarin de dan 36-jarige gewezen schoenenverkoper voor het eerst kond doet van zijn huwelijksproblemen. Of, begin nog vroeger, bij Geschiedenis van de revolutie en Tranen voor Coltrane, zijn eerste twee literaire worpen, toen het privé nog goed zat. Berckmans is amper 55 geworden, was compleet uitgeleefd, verzopen, versmacht door de zelfkant van de maatschappij. 'Neg', mocht u dat precies nu nodig hebben voor uw kruiswoordraadsel.

Ik dacht aan Café De Raaf nog steeds gesloten toen ik het idee kreeg om een stukje te schrijven over Twitter en daarbij onmiddellijk de titel die nu hierboven prijkt in gedachten had. Twitter is een café dat 24 uur op 24 open is en dat kameleongewijs voortdurend van interieur verandert: nu eens bruine kroeg, dan weer uitzuipkot, daarna chique bar, soms ook jeugdhuis, meestal brasserie. Je gaat er graag naartoe, om je je achteraf af te vragen waarom je nu weer eens een hele avond en een halve nacht je tijd hebt verscheten. Je drinkt er te veel. Je kleren stinken achteraf naar die penetrante menggeur van verschaalde alcohol en sigarettenrook, héél véél sigarettenrook (neen, ze serveren er geen eten die naam waardig en de eigenaar veegt vierkant zijn voeten aan het rookverbod!).

Je verliest veel tijd in Café Twitter, maar het is en blijft de interessantste kroeg van de buurt. Dus ga je er toch maar weer naartoe. En opnieuw. En opnieuw. Af en toe denk je: hé, da's een interessante opmerking. Of: ha, da's een fijne grap. En ook wel: dat ziet er mij een toffe pee uit, met hem of haar wil ik wel eens doorbomen over het leven zoals het is. De humor is er niet altijd van een even hoog niveau (zelf sla je ook wel eens de bal mis, dus vergeef je 't je mede-tooghangers) en het is wel eens moeilijk om tussen al het getier en tafelgespring Geert Hoste van Nigel Williams te onderscheiden. Een decibelmeter installeren zou geen slecht idee zijn.

In Café Twitter vind je meer mensen die het Grote Gelijk in petto hebben dan in een hele jaargang De Zevende Dag. Sexisten en racisten vertellen om beurt een gore bak, feministen en multiculturalisten riposteren heftig. Debat, zo lijkt het wel. Pokkenherrie, dat is het. En vaak heeft het iets Shakespeariaans, zo'n typisch Twitterdispuut. Veel herrie om niets, bedoel ik dan, niet één van de koningsstukken van de Britse bard. Intussen speelt de jukebox fijne muziek, maar die wordt de hele tijd overstemd door de veel te heetgebakerde gesprekken.

Ach, Café Twitter, ik vind het een vreemde, soms zelfs afstotende plek, maar ik kom er nog graag. Al blijf ik er tegenwoordig minder lang hangen. Elke ochtend met hoofdpijn wakker worden en als eerste zintuiglijke ervaring die vreselijke stank van je kleren te moeten ondergaan, neen, dank u. Zo uitgebreid is mijn garderobe nu ook weer niet en ik wil een goede indruk maken op het werk.

Café Twitter blijft mijn favoriete pleisterplek omdat het er nog altijd prettiger vertoeven is dan in de Facebook, de veel te burgerlijke en brave tearoom aan de overkant van de straat, de LinkedIn, een businessclub om de hoek, waar je alleen welkom bent als je je een peperdure lidkaart aanschaft, of de Instagram, het alternatieve eethuis een eind verderop in de straat, waar je betaalt met kunstzinnig bedoelde foto's van voedsel en huisdieren.

En als u me nu wil verontschuldigen: ik ga even iets drinken. Café Twitter is nog steeds open, zie ik. Eentje, maar, one for the road.





  • Reacties(3)//maandans.frankvanlaeken.eu/#post317

Gesloten wegens dicht (toe, dus)

CommunicatieGeplaatst door Frank Van Laeken vr, november 01, 2013 23:48:04
Tijd voor een 'digital detox': kordaat afschudden van het mening-itis, nieuwe ideeën opdoen en niet altijd de neiging voelen om over honderd-en-één onderwerpen iets te willen zeggen, om - hopelijk - in full force terug te keren. Tot binnenkort voor nieuwe blogavonturen.

  • Reacties(0)//maandans.frankvanlaeken.eu/#post315
« VorigeVolgende »