Maandans

Maandans

It's a marvelous night for a moondance!

Meningen over actuele gebeurtenissen. Of oude teksten "revisited". Startend vanuit een persoonlijke nood om gehoord/gelezen te worden. Een beetje pretentieus, misschien, in de hoop zo een discussie aan te zwengelen. Of toch op zijn minst tot nadenken te stemmen. Leuk tijdverdrijf mag ook, natuurlijk. O ja, de naam "Maandans" is de letterlijke vertaling van "Moondance", een management-boekingkantoor voor jonge Belgische rockbands dat ik eind jaren tachtig had, maar vooral: een heerlijk swingend nummer van een toen nog piepjonge Van Morrison, één van mijn favoriete artiesten. Kom ook eens langs op Twitter: @FrankVanLaeken of op mijn website: www.frankvanlaeken.eu

Roept u maar!

CommunicatieGeplaatst door Frank Van Laeken za, april 08, 2017 12:58:25

"Geen commentaar". Gevleugelder werden zijn woorden zelden. Daarmee moesten naar beklijvende uitspraken of tersluikse onthullingen peuterende journalisten het, na uren in de druilerige regen gewacht te hebben, meestal stellen. Een beetje bars geformuleerd, zo van: wat staat gij hier nog te doen, manneke? Ga toch naar huis of naar de kroeg! Jean-Luc Dehaene was geen man van het protocol en nog veel meer minder van de spraakmakende oneliner. "Een politicus van de vorige eeuw", noemde hij zich een paar jaar ver in deze eeuw. In die vorige eeuw, de twintigste, mocht u onderweg de tel zijn kwijtgeraakt, hing in vele huishoudens een bordje aan de wand met daarop de tekst "Spreken is zilver, zwijgen is goud". Ouders snauwden hun kroost nog weleens "Ge moet zwijgen aan tafel als de volwassenen spreken!" toe. Op snerpende toon. Zo van: zo is het en niet anders. En zo is het altijd geweest en zal het altijd zijn. Dachten ze.

Zo was het en niet anders. "Geen commentaar" is vandaag "Altijd commentaar" geworden. Wachtende journalisten kunnen besloten vergaderingen nu rechtstreeks volgen. Altijd is er wel iemand die wat er in het diepste geheim gezegd wordt onmiddellijk sms't of whatsapp't naar een bevriende reporter. Als politieke leiders uit de vergadering komen, kunnen de journalisten hen meteen voor de voeten werpen wat ze zelf juist gezegd of gehoord hebben. Er wordt niet meer gehengeld naar hapklare brokjes nieuws. Dat staat al lang op de site ("Later meer..."). Of op Twitter. "Uit betrouwbare bron vernemen we". "BREAKING!" Soms tweet een aanwezige zelf al wat net voordien in alle discretie besproken werd. Altijd commentaar.

De president van Amerika heeft altijd commentaar. Vooraf, op het moment zelf, achteraf. Altijd. En wat zo mooi is: het is traceerbaar. Want het staat op Twitter. Zo konden we de voorbije dagen de uitspraken van Donald Trump, de president, vergelijken met die van Donald Trump, de kandidaat, of Donald Trump, de grofgebekte zakenman. Wat bleek: hij spreekt zichzelf voortdurend tegen. "Niet bombarderen, Obama, dat is niet in ons belang" van een paar jaar geleden werd nu "Obama had al veel vroeger moeten beginnen bombarderen". Alles is verifieerbaar, tegenwoordig, en niemand lijkt daar wakker van te liggen. Meningen zijn tijdelijk geworden, als dagjestoeristen op een zonnige zondag. Ze zijn met veel te veel en op het eind van de dag keren ze naar huis terug, vloekend dat ze met zo veel zijn. De hel, dat zijn de anderen: zij veroorzaken die file op zondagavond.

Een Vlaamse minister citeerde uit een rapport van de Staatsveiligheid, dat ze blijkbaar niet gelezen had. Of niet goed genoeg. Of niet helemaal begrepen. Of die mannen die onze veiligheid moeten garanderen hadden weer eens te veel woordjes uit cryptogrammen opgevist om hun boodschap over te brengen. Lekker geheimzinnig. "Wij hebben dat zo niet bedoeld" werd in haar interpretatie "Ik heb dat zo gelezen". Achteraf volgt dan geen mea culpa en al zeker geen "Ik heb het verkeerd begrepen", o nee. Dat deed ze ook al niet toen ze fout citeerde uit een rapport met armoedecijfers dat nog niet eens bij de drukker lag. Daarin verschillen de machtigste leider van de wereld en een minister in een regionale regering niet van elkaar. Niet toegeven, vooral: níet toegeven! Ook al staat het zwart op wit gedrukt: mensen vergeten dat heus wel. En de achterban pikt het. Vroeger zei men: een krant sterft elke dag. 's Avonds schil je er je patatten op. Vandaag sterft een mening elke dag. Het belangrijkste is: je moet je mening in de groep gooien. Altijd commentaar! Hoe meer meningen, hoe meer vreugd.

Spreken is zilver, zwijgen is goud, ach, vergeet het. Roepen is brons en daarmee mag je toch ook mee op het podium? Het doet deze oudere jongere terugdenken aan een cabaretlied van Frans Halsema uit 1969, Roept u maar! Dat ging zo: Halsema zong een strofe, waarna hij "Roept u maar!", euh, riep naar de zaal. "Ja, roept u maar." "Biafra". "Wat zegt u, Biafra? In Biafra, daar heerst honger, dat is een grote ramp / De vrouwen en de kindertjes, die barsten van de kramp / Ze sterven daar bij bosjes, iedereen heeft diarree / Maar, we zitten hier gezellig en we zitten hier oké". Roept u maar! "Negerprobleem!" "Negerprobleem. De negers in Amerika, dat valt daar ook niet mee / Die zitten d'r niet gezellig en die zitten d'r niet oké / Ik ben tegen discriminatie, dat heeft geen enkele zin / Ik slaap net zo lief met een blanke vrouw als met een negerin."

Roept u maar! Charlie Hebdo! Bataclan! Zaventem! Maalbeek! Nice! Chemische wapens! IS! Stockholm! Unia! Moskee dicht! U roept, wij volgen. De Homo Politicus van 2017 is als een cabaretier die iets oppikt uit het publiek en er vervolgens een rijmpje rond verzint. Klinkt het niet, dan botst het. Botst het, dan is dat maar zo.

***

"Ik ga u weer verlaten, het is weer mooi geweest / Ik moet nog even verder, ik moet nog naar een ander feest / Ondanks alle ellende, viel het allemaal wel mee / Want, we zitten hier gezellig en we zitten hier oké!"

***

Mijn grootmoeder is gestorven. De bomma. 103-5-31. Op het eind worden we allemaal gereduceerd tot een getal, of een reeks getallen. 103 jaar, 5 maanden, 31 dagen. Maar verder: geen commentaar. Zwijgen is goud. En stilte is vaak het mooiste geluid.





  • Reacties(0)//maandans.frankvanlaeken.eu/#post766

Meningitis

CommunicatieGeplaatst door Frank Van Laeken di, november 24, 2015 11:56:06

Ik heb de tel niet bijgehouden. Het moet een veelvoud zijn van het aantal slachtoffers op vrijdag de dertiende in Parijs. Er zit geen lijn in, behalve deze: het is de schuld van de anderen. Altijd. Overal. Iedereen heeft er één, zelfs wie er geen heeft. Meningen. Ik zet het bewust in het meervoud, want wie vandaag a zegt, zegt morgen misschien b, of a', een kleine variante op de oorspronkelijke mening. Het is met meningen in crisissituaties een beetje als met muggen op een regenachtige zomeravond: je zit er niet op te wachten, ze zijn plots met veel, beginnen rond je hoofd te zoemen op zoek naar vers bloed en voor je 't goed en wel beseft begin je zelf wild om je heen te slaan.

Vandaag niet, dus, wat mij betreft. (Ja, dit is een mening.)



  • Reacties(0)//maandans.frankvanlaeken.eu/#post685

Ja, ik blijf nog even

CommunicatieGeplaatst door Frank Van Laeken vr, maart 27, 2015 11:10:43

Ik hou van Twitter. Ik haat Twitter.

Ik hou van Facebook. Ik haat Facebook.

Ik hou van Instagram. Ik haat Instagram.

Drie jaar geleden lachte ik de sociale media nog weg, noemde hen 'asociaal', vond dat ik daar op mijn leeftijd niet meer mee moest beginnen. Ook al omdat ik van mezelf weet dat ik niet tegen minder dan honderd per uur kan leven. In de sociale media duiken zou dus betekenen: er met mijn volle gewicht in duiken. Acht verdwenen kilo's later doe ik dat nog altijd, maar die ietwat schizofrene aanvangshouding is niet echt verdwenen.

Foto's op Instagram zetten, ach, hoe narcistisch wordt het hier eigenlijk? Heel narcistisch, zo blijkt, en ik doe vrolijk mee. Schoorvoetend, nog altijd letterlijk naar het juiste kader zoekend, maar mezelf toch af en toe een heel klein beetje blootgevend. (Figuurlijk, dames, figuurlijk!) Tussen alle rotzooi en 'Zie mij eens geweldig wezen'-poses door zie je er wel eens hele mooie, verfijnde, doordachte, kunstzinnige foto's verschijnen. Kleine pareltjes die een kortstondige glimlach op mijn gegroefde gelaat toveren. Daar doe ik het voor. Ja, ik blijf nog even.

Tussen de schier eindeloze revue van katten, honden, perfecte kinderen, onveranderlijk uitstekende rapporten en 'Zie mij eens geweldig wezen'-tekstjes ontwaar ik op Facebook - het sociale medium waar de meeste platitudes passeren - af en toe een mooi motto van iemand die mij dierbaar is, ik blijf in contact met verre vrienden of kennissen uit lang vervlogen tijden, en ik zie lekker sarcastische opmerkingen verschijnen. Die maken de rotzooi een beetje goed. Ja, ik blijf nog even.

Ik tel inmiddels ruim drieduizend driehonderd volgers meer dan die ene van Nazareth bijna tweeduizend jaar geleden, wat mij soms het valse gevoel geeft dat ik over water kan lopen, maar Twitter bezorgt mij bijwijlen ook een opstoot van energie, een soort Red Bull van de sociale media. Het is prettig dat er mensen die mix van diepe ernst, pogingen tot diepzinnigheid en baarlijke nonsens voldoende te pruimen vinden om er hun kostbare tijd aan te spenderen. Welkom, ga zitten, neem plaats, excuus voor de harde stoelen.

In het beste geval is Twitter een interessant medium om op de hoogte te blijven, zowel van de strikte actualiteit als van waar mensen die ik volg mee bezig zijn. Dank zij Twitter heb ik al heel wat boeiende, interessante mensen mogen ontmoeten, iets wat in het Echte Leven nooit zou gebeurd zijn, omdat ik die mensen voordien van haar noch pluim kende en waarom zou ik ook? Dat is het mooie ervan: je doet ontdekkingen, je komt in contact met soulmates, je raakt bevriend, niet de kunstmatige 'vriendschap' van Facebook, maar échte vriendschap. (Enfin, dat hoop ik toch, slag om de arm houden!) Op zulke momenten overstijgt Twitter zijn eigen doel. Ja, het wordt zowaar een sociaal medium, stelt u zich dat maar even voor.

Maar in het slechtste geval is Twitter een praatbarak waar de decibels ongegeneerd tegen de muren spatten, een cafétoog waar dronken lawaaimakers elkaar verdringen voor een rij verschaalde halfvolle pilsglazen, een speelplaats waar volop gepest, gevochten en nagetrapt wordt, een half ingestorte tempel van het Grote Gelijk waar tegengestelde meningen geofferd worden op het altaar van ieders eigen afgod, een bevreemdend schouwspel dat het midden houdt tussen een Griekse tragedie en een drama van Shakespeare maar dan met minder bevlogen teksten en amateuristische en slecht voorbereide acteurs die 'Zie mij eens geweldig wezen' uitstralen. Op zulke momenten is Twitter een oord om zo snel mogelijk te verlaten. En het ergste is dat zelfs iemand die zich beroept op genuanceerd en met een open geest denken zich soms laat verleiden om mee te beginnen schelden en tieren. Niet slim, Van Laeken, niet slim.

Twitter brengt het mooiste en het lelijkste van de mens samen en dan nog liefst vlak na elkaar, zonder tussenpauze, zonder tijd om op adem te komen. Het lijkt het Echte Leven wel, maar dan verpakt in korte boodschappen van maximaal 140 tekens, alsof je in een gewoon gesprek van abrupt standpunt naar abrupt standpunt zou hakkelen, ondertussen de medeklinkers inslikkend. Gelukkig is er de negeer-knop. En voor de ergste gevallen: de blokkeerknop. Zoals ik precies een jaar geleden al schreef: 'Waarom zou ik dat soort figuren welkom blijven heten? Ik wil nog zelf kunnen kiezen met wie ik op virtueel café ga en in welk etablissement ik dat doe, dankjewel. Ik ben geen skinhead die een robbertje wil gaan vechten aan een punkcafé. Helaas zijn vele anderen dat wel. Als een moderne versie van de middeleeuwse struikrovers liggen ze op de loer, wachtend op hun prooi, om dan genadeloos toe te slaan.'

Er valt veel negatiefs te zeggen op Twitter, maar voorlopig weegt het positieve toch nog behoorlijk door. Ja, ik blijf nog even.



  • Reacties(0)//maandans.frankvanlaeken.eu/#post612

Graag gedaan!

CommunicatieGeplaatst door Frank Van Laeken zo, oktober 19, 2014 12:54:15

"Graag gedaan!". De kans is groot dat het de meest gebruikte frase op radio en televisie is. Op het einde van elk interview, van het meest bitse tot het meest onderdanige, zegt de interviewer (m/v) vriendelijk "Dankuwel voor dit gesprek" tegen zijn interviewee en die repliceert in 99,9% van de gevallen even welgemeend: "Graag gedaan!"

Taalarmoede, beste programmamakers en praatgasten! Doe daar iets aan. Wissel al eens af. Berg die "Graag gedaan!" op en gebruik eens een andere formulering. "Tot uw dienst", bijvoorbeeld, wat is daar mis mee? "Tot genoegen", tja, dan belanden we al snel in oud-Vlaams en wie wil daar nu mee geassocieerd worden, dus liever niet. "Met plezier", ja, dat kan dan weer wel. "Geen dank", ook niets mis mee.

Maar waarom niet nog origineler uit de hoek komen op het einde van een vraaggesprek? Hier volgen een aantal concrete tips.

***

"Is 't al gedaan?"

"Goh, ik dacht dat gij een kritische interviewer waart, maar dat viel nogal tegen."

"Haal die grijns nu maar van uw gezicht, meneer Pauwels!"

"Ge moogt gerust weten dat het dik tegen mijn goesting was!"

"En uw naam was Cornelis? Ha, Ornelis, salut en de kost hé!"

"Hoeveel moet ik u?"

"En u was geslaagd voor het journalistenexamen, meneer Schols?"

"Allee, dan ga ik nu iets interessants doen."

"Eindelijk, nu kan ik mijn kleren aantrekken, want dat begon hier fris te worden."

"Komaan, Wauters, één vraagje nog!"

"Op tv lijkt die studio veel groter."

"Wanneer gaat ge met pensioen, meneer Verstraeten, want gij zijt al lang bezig hé. Ik bedoel daar niks mee, hoor."

"Goed gedaan, jongen!"

"En u gaat dit tot uw 67ste volhouden, ja?"

"Hoe laat is het, want mijn horloge is stilgevallen van al dat geleuter?"

"Jullie hebben mijn bankrekeningnummer toch hé?"

"Amai, nu snap ik waarom z'u De Cobra noemen, madame Cools!"

"Is dat alles dat er is?"

"'Van harte bedankt'? Eerst mij aan de tafel spijkeren en dan 'Van harte bedankt' zeggen? Je meent het niet, Verstraete!"

"Wat zei u?"

"Wat denk je, gaan we samen nog iets drinken, mevrouw Beck?"

***

Tot daar, beste studio- en praatgasten, enkele bruikbare tips om het leven van de kijkers en luisteraars taalkundig te verrijken. Ik reken op u. (Graag gedaan!)



  • Reacties(0)//maandans.frankvanlaeken.eu/#post522

"Geen service"

CommunicatieGeplaatst door Frank Van Laeken za, oktober 18, 2014 12:46:50

Als ik ooit een persoonlijke Wikipediapagina krijg en als daar ooit een overzicht van de hoogte- en dieptepunten van mijn privé- en professionele leven op zou verschijnen, dan zal de datum 17 oktober 2014 een aparte vermelding krijgen. De dag dat het zonlicht volop scheen. De dag dat Theo Francken verder ging met het scherpstellen van het Belgisch record 'Hoe blijf ik ongewild in het oog van de storm staan?'. De dag dat mijn iPhone plots 'Geen service' aangaf en dit ook consequent volhield.

Ik zat in een godvergeten gat in West-Vlaanderen, in the middle of nowhere, het bordje Beschaving voorbij en dan nog een kilometer of vijf, 'Teutereweutere' of zoiets, had net een interview achter de rug en zat in de auto te wachten op een BV die me stipt om twaalf uur ging bellen. 'Geen service'. Waarom heet zo'n ding smartphone? Als hij niet meer werkt is hij geen 'phone' meer en dus allesbehalve 'smart'. Gewoon een rechthoekig spul waar je niets meer mee kunt aanvangen. Brol.

Ik weet niet wat u op zulke momenten doet, maar ik word dan opstandig. Boos. Radeloze consument. Ik vloek en ik tier en ik aanroep veelvuldig een denkbeeldig opperwezen, waar ik verder niets mee heb, maar altijd handig als je iemand de volle laag wil geven en je weet niet direct wie. Een ramp was mij overkomen. Ik was onbereikbaar voor de wereld. On-be-reik-baar. Proef die woorden. Ik bevond me niet in een eindeloze woestijn, noch zat ik in een gevangenenkamp van IS, evenmin liep ik rond op een verre planeet. Egem, als u het echt wil weten, daar zat ik in mijn isolatiecel genaamd auto.

Ik dacht: vlug hiervandaan, weg van deze negorij waar geen connectie is met de moderne beschaving. De iPhone werd af- en opgezet. Af en op. Af en op. Een keer of tien, met telkens een langere tussenpauze. 'Zoeken...'. Een halve minuut later: 'Geen service'. De helse rit naar huis - waar de gewone telefoon wachtte en de pc en wifi en dat soort hypermoderne snufjes - duurde gevoelsmatig forever en nog een paar tellen.

On-be-reik-baar. Ik waande me terug in 1996, het jaar dat ik mijn eerste gsm kocht en vanaf dan on the road mensen kon lastig vallen (en zij mij). Een ongewenste verjongingskuur van achttien jaar. Neen, ik wilde niet per se terug 37 zijn, maar dat tot daaraan toe: ik wilde vooral niet terug naar een tijdperk waarin je mensen niet kon bereiken als je niet toevallig in de buurt van een ouderwetse telefoon stond. Ik wilde dat die bevallige BV mij wel degelijk had kunnen bereiken op dat afgesproken tijdstip. Ik wilde mij geen oude zak voelen.

Enfin, 'Geen service' ging thuis na het uitproberen van de sim-kaart in de iPhone van een vriendin over in 'Geen simkaart'. Niet echt een geruststelling, maar wel een duidelijke diagnose. De hele avond lag dat hebbeding binnen handbereik: je weet maar nooit dat dat plots, out of the blue, weer begint te werken en ik mijn zelfbedachte slimmigheidjes op Twitter kon formuleren of mijn Facebook-status checken of iets posten op Instagram (helaas geen selfies gemaakt van de Boze Ik in Teutereweutere!). Niets van dat alles. Braafjes tv kijken, op zijn 1996's. Passief en al.

Ik ben opgegroeid zonder gsm, zonder internet, zonder mail, een tijdje zonder kleurentelevisie zelfs: je zou denken dat ik dan bestand ben tegen zo'n tegenslagje en dat ik onbereikbaarheid zou kunnen relativeren. Neen, dus. Ik ben een éénentwintigste-eeuwse krijger geworden en ik was in "I'm mad as hell and I'm not going to take this anymore"-modus. Een verwend jochie dat heel even afgesloten was van de virtuele wereld, lost in Cyberspace, met dat enge gevoel dat je belangrijke gebeurtenissen aan het missen bent. Vroeger had ik dat wel eens als ik op café zat en altijd tot de laatste man op een krukje bleef zitten om toch maar niets te hoeven missen. Er gebeurde zelden iets interessants, maar hé, ik had toch maar lekker niets gemist van dat Niets. Een iPhone die dienst weigert, dat kwam voor mij overeen met buitengesloten worden uit dat café van weleer. Een regelrechte ramp. On-be-reik-baar. Niet op de hoogte.

Zo, en nu even terug naar 1996. Tot ik een nieuwe simkaart heb. Als ik dan nog altijd 'Geen service' op mijn schermpje te lezen krijg, sta ik niet in voor de gevolgen. Misschien rij ik dan wel naar Teutereweutere, om af te koelen. Of om deel te nemen aan het WK Smartphonewerpen.



  • Reacties(0)//maandans.frankvanlaeken.eu/#post521

Pontonbrug

CommunicatieGeplaatst door Frank Van Laeken di, oktober 07, 2014 11:49:17

Ook maandagavond dat item in De Ideale Wereld gezien over de traumatische ervaring die de Antwerpse pontonbrug was voor 12.305 tickethouders die niet van rechter- naar linkeroever mochten wandelen, zoals duizenden voorgangers dat honderd jaar geleden wél hadden gedaan (zij het dan iets sneller, ticketloos en zonder om de twintig meter te stoppen om een schelfie te maken)? Er waren nepinterviews (ik herkende een medewerker van de Stad Antwerpen die ook fervent Beerschot Wilrijk-supporter is!), er werd een nepgedenksteen afgewerkt met alle namen van 'onschuldige slachtoffers' erop, er werd verwezen naar een toekomstige herdenking van dit drama op 4 en 5 oktober 2114. De affiche was al klaar.

Ja, het was lachen dit weekend. Met een Hasseltse schooldirecteur die zijn scholieren liever geen uitstap naar het gevaarlijke Brussel zag maken, met monkelende Maneblussers die ja of neen mochten zeggen op de wereldschokkende vraag of er wijzers op de torenklok moesten komen en met een groots opgezet evenement dat ontaardde in organisatorische chaos, volkswoede en verlies aan prestige voor 't stad. Lachen! Als je tenminste niet netjes en achteraf bekeken vergeefs in de rij stond aan te schuiven, tickets die je vijf euro het stuk hadden gekocht in je jaszak, genietend van een najaarszonnetje en het prettige vooruitzicht op iets unieks. Dan zal het lachen je wellicht vergaan zijn.

Ene kolonel Verhaegen legde de schuld achteraf bij de treuzelende overstekers. Hij had gerekend op een zacht marstempo van vijf kilometer per uur. Zelfs als het iets trager zou gegaan zijn, moest het lukken om meer dan honderdduizend geïnteresseerden veilig en droog naar de andere oever te laten stappen (zo'n mooi rond getal zou mooie krantenkoppen opleveren, had het marketingteam bedacht). Maar niet met zo'n ongedisciplineerde bende nietsnutten die voortdurend foto's voor de eeuwigheid wilden maken van hun aanwezigheid op die nagebootste historische plek! Niet met al die schoelies die het tempo uit de wandeling haalden!! DIE DE ENE NA DE ANDERE SCHELFIE MAAKTEN!!! Dat had de kolonel in zijn lange carrière nog niet meegemaakt. Ga daarmee naar de oorlog, dat volkje weet niet eens een brug over te steken! In een achterafzaaltje fluisterde iemand: "Misschien hadden we toch ook een garnizoen oude Duitse militairen moeten uitnodigen om het echter te doen lijken?"

"Men nam massaal foto's, zelfs groepsfoto's, en draaide in alle richtingen", verklaarde de onthutste kolonel in de kranten, waarmee hij meteen de 'You Don't Say'-award voor 2014 binnenrijfde. Wereldvreemder wordt het niet meer dit jaar. De minister van Defensie mag trots zijn op zijn acolieten. Zij zullen ons beschermen, tegen die koppensnellers van de Islamitische Staat, tegen het oorlogszuchtige Luxemburg en tegen selfieënde pontonbruggelingen.

Over naar de burgemeester van Antwerpen, die zeer verveeld zat met dit mislukt marketingfeestje. De stad zat mee in de organisatie, als u wil kan ik dat bewijzen aan de hand van een uitnodiging die mijn bijna 101-jarige oma (morgen is het zover!) had ontvangen, ondertekend door de burgemeester in hoogsteigen persoon. Alle honderdjarigen hadden zo'n vriendelijke uitnodiging in de brievenbus gevonden, waarbij hen werd gevraagd voor een bepaalde datum te bevestigen via mail. O ja, want honderdjarigen zijn de nieuwe koningen van het internet. Ze mochten één begeleider meenemen, want zo'n rolstoel raakt natuurlijk niet vanzelf aan de overkant. Mijn grootmoeder is lekker binnen gebleven.

De heer De Wever wist niet beter dan de organisatie te hekelen, waar hij nota bene dus mee in zat. Best mogelijk dat het luik 'Hoe zorgen we ervoor dat die massa domoren zonder al te veel oponthoud droog op Sint-Anneke geraakt?' door anderen werd beheerd, kolonel Verhaegen en vriendjes bijvoorbeeld, maar dan neem je daar nog niet openlijk afstand van. Les in crisiscommunicatie: als je medeorganisator bent van een plechtige gebeurtenis die op het punt staat mee te dingen naar de trofee Mislukt Evenement van de Eeuw, dan passen deemoed en oprechte verontschuldigingen voor wie naast de boot, euh, pontonbrug valt. Dan zeg je in de eerste plaats 'Sorry, onze fout!' tegen de gefrustreerde achterblijvers op rechteroever en niet 'Het is zijn schuld, niet die van mij, néh!'.

Wat De Wever zaterdag deed is zich verschuilen achter het masker van de Grote Oppositieleider, wat verdacht veel lijkt op Calimero, maar dat is hij al een tijdje niet meer. Als aanvoerder van de grootste partij van het land en als burgemeester van Antwerpen moet hij geen oppositie meer voeren en kritiek geven op alles wat misloopt, hij moet zijn verantwoordelijkheid nemen, ook al zijn hij en zijn medewerkers niet rechtstreeks schuldig aan het debacle. Dat heet loyaal zijn, dat is burgerzin vertonen, dat hoort bij de niet altijd even fijne job als burgervader. In goede en slechte tijden.

Dat belooft voor de huidige Vlaamse- en de toekomstige federale regering: gaat De Wever schuine streep N-VA dan ook telkens openlijk kritiek geven op voorstellen en ideeën die hen niet zinnen van coalitiegenoten, alsof ze nog altijd in de oppositie zitten? Gaan ze mee schieten op ministers van andere regeringspartijen die onder vuur worden genomen door de media? Blijft het de schuld van de anderen, ook al vormt N-VA intussen de belangrijkste fractie in regering en parlement?

Hoog tijd dat Bart De Wever ook eens een pontonbrug oversteekt: die van 'populair maar niet aan de macht' naar 'populaire beleidspartij'. Die van boze roeper aan de zijlijn naar loyale regeringspartner. Die van uitdager naar uitvoerder. Van mij mag hij de tijdelijke brug symbolisch van de linker- naar de rechteroever overwandelen, omgekeerd zou niet echt stroken met zijn persoonlijke overtuigingen. En geen schelfies, alstublieft, kolonel Verhaegen waakt!



  • Reacties(1)//maandans.frankvanlaeken.eu/#post512

"Zeg het gewoon zoals het voor u is" (Open brief aan de Vlaamse minister-president)

CommunicatieGeplaatst door Frank Van Laeken do, september 25, 2014 12:38:17

Waarde minister-president, geachte heer Bourgeois en collega's in de Vlaamse regering,

Het is me wat geweest met al die reacties op uw Septemberverklaring hé. Toch niet al te zeer verschoten, hoop ik? Ik moet eerlijk bekennen dat ik de tekst zelf nog niet gelezen heb, maar ik kan wel voort met alle verklaringen van tijdelijke exegeten die tijd zat hadden op 22 september en omstreken. Ik denk dat ik het nu wel weet, wat er zoal in staat.

U bent niet mijn favoriete minister-president, meneer Bourgeois, en dit is niet mijn favoriete regeringsploeg, maar dat is niet erg. 't Is te zeggen, wel voor mij, maar niet voor Vlaanderen, want dat heeft deze coalitie mogelijk gemaakt en als democraat pur sang ("zuiver bloed", betekent dat) leg ik me daarbij neer. En of u nu Zweeds, of centrum-rechts, of gewoon rechts tout court (pardon, "eenvoudigweg") bent, maakt op zich niet zoveel meer uit. U bent er en u bent er nog wel voor een ambtstermijn van bijna vijf jaar. Proficiat.

Ondanks mijn aversie voor het beleid dat mij - mens, man, wereldburger, Europeaan, Belg, Antwerpenaar (ja!), inwoner van een kleine Vlaams-Brabantse gemeente, Vlaming (ongeveer in die volgorde van belangrijkheid) - het komende half decennium te wachten staat (als ik "decennium" schrijf, klinkt het zowaar nog zwaarwichtiger dan die "bijna vijf jaar" uit de vorige paragraaf), wens ik u toch met raad en daad bij te staan. Met name dan als het gaat over de communicatie van u en de uwen, heer Bourgeois.

De bevlogen schrijfster Ann De Craemer heeft u al een ereplaats beloofd in haar ongetwijfeld omvangrijke boek over 'wezelwoorden' in de politiek (ik zie opeens iets van encyclopedische omvang opdoemen) en daar is een reden voor: u wauwelt. U draait rond de pot, iets waar de meeste van uw voorgangers ook zeer bedreven in waren trouwens. U moet dat thuis eens proberen, dat rond de pot draaien: het lukt niet. Tenzij uw wc-pot ergens in het midden van uw kleinste kamertje zweeft, maar dat is dan weer een heel ander verhaal, dat ik hierbij eventjes terzijde zou willen schuiven om dit schrijfsel welvoeglijk te houden.

Uw partijvoorzitter, tevens burgemeester van een stad waarvan ik mij nog altijd een, weliswaar al een hele poos afwezige, burger voel, doet dat veel beter. Neem een voorbeeld aan hem, minister-president. Meestal rechttoe rechtaan, klinkt het niet dan botst het, wie niet voor mij is, is dan maar tegen mij. Die stijl. Ik hou niet van de man, ik hou wel van zijn stijl. Omdat het zoveel eerlijker is dan al dat gezwets en dat doekjes om moeilijke materies wikkelen: uw regeerakkoord lijkt wel een mummie op de duur. En wie zit er te wachten op een omzwachteld beleid? Niet uw kiezers, wees gerust, behalve natuurlijk diegenen die nu al dik spijt hebben dat ze precies vier maanden geleden in het stemhokje van gedacht zijn veranderd, maar met hen hoeft u geen medelijden te hebben: eigen schuld, dikke bult. Ze moeten maar leren denken vóór ze doen.

Zeg het gewoon zoals het voor u is, belangrijkste man van Vlaanderen (althans wat het postje betreft). Neem een voorbeeld aan uw eigen Grote Leider. Zég gewoon dat u economie oneindig veel belangrijker vindt dan cultuur. Zeg gewoon dat u onze bedrijven meer koestert dan leerkrachten, scholieren en studenten. Zeg gewoon dat u de vrije markt meer kansen wil geven dan de overheidsinstellingen, weten ze aan de Reyerslaan 52 ook meteen dat ze niet moeten komen zeuren om uitstel van executie. Zeg het gewoon zoals u daar met zijn allen over denkt in de meerderheid. Simpeler kan niet als opdracht.

Ik ga er u en uw collega's niet liever om zien, verre van zelfs. Maar dan weet heel Vlaanderen tenminste waar het aan toe is, waar u voor staat, wat u denkt, wat u gaat doen, waar we in 2019 zo ongeveer zullen aanbeland zijn: het paradijs voor de ene, de woestijn voor de andere. Benoem de dingen, geef die Sven Gatz carte blanche ("lege kaart", wil dat letterlijk zeggen, maar vertaal dat gerust als "blanco chèque" of "volmacht") om tegen die zeurpieten van 'Hart Tegen Hard' te fulmineren dat ze al blij mogen zijn dat ze iets krijgen, met hun links gedoe en hun afkeer van het eigen klootjesvolk. Jan Verheyen, hoor je die bedelen? Ha! Laat die Jo Vandeurzen tegen al die sukkels op de wachtlijst duidelijk maken dat ze nog wat langer zullen moeten wachten (ze wachten nu toch al zo lang, haha!). Fluister Crevitske in haar rechteroor (aan haar linkeroor staan die pipo's van beweging.net al met een megafoon te brullen) dat ze in het openbaar mag verklaren dat het haar geen zier kan schelen dat onderwijs weer iets voor de elite dreigt te worden, onbetaalbaar voor de bewoners van de Derde Wereldstraat. HADDEN HUN OUDERS MAAR OP DIE PRUTSERS VAN LINKS MOETEN STEMMEN! (Sorry, ik had even die megafoon van beweging.net overgenomen.)

Wees helder en klaar, wees eerlijk, wees open. Hou op met dat gejengel over 'goed bestuur', alsof twee van de drie huidige regeringspartijen de voorbije tien jaar slécht bestuurd hebben. Of is het allemaal alleen de schuld van de sossen dat er slecht bestuurd werd, misschien? Bovendien, 'Goed bestuur' is een term die al gretig werd misbruikt door Yves Leterme, één van uw voorgangers bij wie het adjectief 'illuster' totaal misplaatst zou zijn. Wil u dáármee geassocieerd worden? En dan nog: het is zo'n dooddoener, weledele regeringsleider. Ooit al iemand met de slogan 'Wij staan voor slecht bestuur' zien uitpakken? Neen, dus. Het zegt compleet niets, berg die term op, vergeet hem voor de rest van uw dagen, die u hopelijk in een goede geestelijke en lichamelijke gezondheid mag doorbrengen.

Zo, thans schraap ik vijf minuten culturele moed bij elkaar om onverwijld te genieten van een moeilijk boek of straks een hermetische theatervoorstelling of iets van die strekking. Nu het nog kan.

Met ware doodsverachting,

Uw F.,

Bricoleur in de marge,

Bunker nabij de Klaagmuur.





  • Reacties(0)//maandans.frankvanlaeken.eu/#post502

Help! Gevaar!! Oorlog!!!

CommunicatieGeplaatst door Frank Van Laeken vr, september 05, 2014 13:00:12

Terzake bestaat vandaag exact twintig jaar en die verjaardag werd door de redactie van het programma aangegrepen om op de vooravond van de Blijde Gebeurtenis een extra lange uitzending te maken, met één actualiteitsonderwerp (Marianne Thyssen mag Eurocommissaris worden) en voor de rest nostalgische terugblikken met de ankers van weleer. Makkelijke televisie, waar ik overigens graag naar kijk, want ik ben dan ook een Homo Nostalgicus.

"De mens verandert niet, de omstandigheden wel", was zowat de meest filosofische uitspraak van de avond en ze kwam uit de mond van Siegfried Bracke. ("Zijn er dan minderwaardige mensen, maar geen minderwaardige omstandigheden?", dacht ik er zelf bij, want bij momenten ben ik een Homo Cynicus.) De gewezen anker reageerde daarmee op een compilatie van de voornaamste nieuwsfeiten uit 1994, het jaar van de geboorte van Terzake.

Hallucinante beelden werden in een korte montage op ons afgevuurd: wapenstilstand in Bosnië na de bloederige Joegoslavische burgeroorlog, de genocide in Rwanda, de plechtige opening van de kanaaltunnel, schermutselingen in Gaza, Vlaams Blok wordt de grootste partij van Antwerpen, Willy Claes wordt secretaris-generaal van de NAVO en de Nobelprijs van de Vrede wordt uitgereikt aan Yasser Arafat, Yitzhak Rabin en Shimon Peres, Zaten er niet eens in: de zelfmoord van Kurt Cobain, de dodelijke Formule 1-crashes van Roland Ratzenberger en Ayrton Senna, Nelson Mandela die president van Zuid-Afrika wordt, 85 doden bij een bomaanslag op de joodse gemeenschap in Buenos Aires, Rusland en China richten geen kernwapens meer op elkaar, Amerika valt Haïti binnen, Jordanië en Israël ondertekenen een vredesverdrag, de geboorte van Justin Bieber en Frank Van Laeken die zelfstandig journalist wordt.

Om maar te zeggen dat 1994, op dat laatste feit na, een rampjaar was. Wellicht een nog veel groter rampjaar dan 2014, met zijn MH17, IS en, opnieuw, Gaza, als we alleen maar naar de voorbije zomermaanden kijken. Ik kauw nog even voort op de woorden van de amateurfilosoof, "De mens verandert niet, de omstandigheden wel", en ik zie wat hij bedoelt: oorlog, terreur, rampspoed en grote vreugde en verdriet zijn van alle tijden. De genocide in Rwanda kan je perfect vergelijken met wat er al een paar jaar aan de gang is in Syrië, zij het dat er in het Afrikaanse land veel meer doden op een veel kortere tijdspanne vielen. Gaza is al die tijd een conflictgebied gebleven. De Koude Oorlogsretoriek dateert zelfs van nog iets vroeger: de jaren zestig, zeventig en tachtig. Een Homo Historicus als ik heeft dat in zijn geheugen geprint.

De mens verandert niet, de omstandigheden wel. Mmm. In 1994 werden de eerste gsm's in gebruik genomen, maar het internet was nog voorbehouden aan de militaire elite. Mailen kon alleen via primitieve systemen op het werk en dan meestal nog maar naar één persoon tegelijk. Sms? Als je iets te zeggen had, belde je even naar je beste vriend of vriendin. Facebook? Afspraken werden met een stylo genoteerd in je agenda, persoonlijke berichtjes werden met een gewone brief afgeleverd, onze kinderen, katten en honden genoten nog van enige privacy. Twitter? Uw mening wordt niet gevraagd, meneer, al mag u altijd een korte reactie sturen naar onze redactie, 'ingesloten 20 frank voor Kindergeluk', we zien wel wat we ermee aanvangen.

Precies het bestaan van de sociale media, die ons leven drastisch hebben veranderd, vaak ten goede, maar ook wel voor een deel ten kwade, behoren tot de veranderende omstandigheden van nu. Twintig jaar geleden klaagde de modale Vlaming ook al steen en been. Hij deed dat in huiselijke kring, op het werk en op café. Uitzonderlijk ging hij achter een vlag lopen door de straten van Brussel. Dat waren zijn fora, waarna zijn mening snel weer verticaal werd geklasseerd en iedereen tot de orde van de dag overging. De opinicus was enkel een mythologisch dier, de Homo Opinicus bestond nog niet.

In 1994 had iedereen een mening, maar wist ongeveer niemand daarvan af. In 2014 heeft iedereen een mening en weet de rest van de wereld dat onmiddellijk. Dat de oorlogs- en terreurdreiging twintig jaar geleden minstens even groot was als nu, lijkt minder erg omdat er minder drama over gemaakt werd. Vandaag schreeuwt iedereen moord en brand. Help! Gevaar!! Oorlog!!! De wereld gaat naar de kloten!!!!

Hoe harder er wordt geroepen (en geloof me, er wordt héél hard geroepen!), hoe zwaarwichtiger de toestand lijkt. Niet dat ik hier overloop van het optimisme, verre van, maar als je alles in historisch perspectief plaatst is de Doemsdag nu even dichtbij of even veraf als in '94. Alleen beseffen we dat niet, omdat er van alle windrichtingen noodkreten onze richting uitkomen, waarop we dan zelf ook nog eens in paniek slaan en allerlei negatieve gedachten de wereld in gooien (je start met een blog, bijvoorbeeld...).

Het doet me denken aan de geweldige Britse tv-serie Dad's Army (in het Nederlands: Daar komen de schutters), die van 1968 tot 1977 liep op de BBC. Een stelletje bejaarde Britten blies vastberaden verzamelen in het fictieve stadje Walmington-On-Sea om er stoer de troepen van Hitler een halt toe te roepen. Eén van de kranige oudjes was soldaat Frazer, een Schotse begrafenisondernemer, die bij elk nieuw oorlogsgerucht "We are all doomed!" stamelde.

We are all doomed! Hoe vaker we het roepen, hoe meer we het zullen geloven, hoe dichter we bij een self-fulfilling prophecy belanden. Doemdenken is van alle tijden, maar krijgt dank zij de sociale media een megafoon aangereikt. Schrap één 'e' uit doemdenken en je krijgt domdenken. Wat mij dan weer toelaat om Johan Anthierens te citeren, uit zijn 'smaadschrift' Het Belgische domdenken (1986): "Vrees is een biologische constante en achterdocht een tweede natuur; om vier uur 's middags ratelen in België de rolluiken naar omlaag, dan verbeidt de burger het schemeruur en verschanst zich tussen vier muren achter een bord warme prak en een proefbuis televisievoer."

Je kan daar drie decennia later perfect een paragraaf aan toevoegen: "Om zeven uur kijkt de burger naar het sombere nieuws van de dag, voelt plots een mening kriebelen in zijn onderbuik en scheidt die zonder al te lang nadenken af in een opiniestuk van welgeteld 140 tekens. Zo, dat weet de wereld dan ook weeral! Vrouw, is er nog bier?"

Waarna de Homo Nostalgicus, Cynicus, Historicus en Opinicus begonnen te kleurenwiezen.

  • Reacties(1)//maandans.frankvanlaeken.eu/#post487
Volgende »