Maandans

Maandans

It's a marvelous night for a moondance!

Meningen over actuele gebeurtenissen. Of oude teksten "revisited". Startend vanuit een persoonlijke nood om gehoord/gelezen te worden. Een beetje pretentieus, misschien, in de hoop zo een discussie aan te zwengelen. Of toch op zijn minst tot nadenken te stemmen. Leuk tijdverdrijf mag ook, natuurlijk. O ja, de naam "Maandans" is de letterlijke vertaling van "Moondance", een management-boekingkantoor voor jonge Belgische rockbands dat ik eind jaren tachtig had, maar vooral: een heerlijk swingend nummer van een toen nog piepjonge Van Morrison, één van mijn favoriete artiesten. Kom ook eens langs op Twitter: @FrankVanLaeken of op mijn website: www.frankvanlaeken.eu

Wandelen

CommunicatieGeplaatst door Frank Van Laeken za, augustus 18, 2018 18:37:17

Vooruit, nog eentje. Morgen mag ik mijn tiende en laatste praatsessie als 'Tijdgeest' op MoMeNT in Tongeren houden, met als gasten burgemeester Patrick Dewael, sp.a-Kamerfractieleidster Meryame Kitir en politieke journaliste Liliana Casagrande (Het Belang van Limburg). Negen middagen van twaalf tot twee met telkens drie gasten: dat kruipt in je kleren, maar dan in de meest positieve zin. Je kleren gaan er kleurrijker van uitzien: ze mogen voorlopig nog niet in de was. Het was razend interessant, geweldig boeiend, bijzonder leerrijk, waanzinnig verrijkend, filosofisch hoogstaand - en ik zou zo nog wel even kunnen doorgaan. En ik zeg dat niet omdat ik mezelf zo razend interessant, geweldig boeiend, enzovoort, vind, maar ik breng hulde aan mijn gasten, die heel open waren, bij momenten zelfs bijzonder intiem spraken over zichzelf en hun verhouding tot tijd, deadlines en Het Leven. Het was een eer en een genoegen.

"Historici hebben alle tijd," zei historicus Jan Vaes gisteren. Het is een van de vele uitspraken die bleef hangen. Je kunt over tijd een eind weg filosoferen, maar je kunt er je leven ook door laten dicteren. Tijd is absoluut en relatief. Als ik naar Tongeren reed, keek ik bijzonder uit naar nieuwe ontmoetingen. Als ik vijf uur later van Tongeren wegreed, richting file op de Brusselse Ring, keek ik daarnaar uit als een terdoodveroordeelde naar de in de verte bengelende strop. Op de heenweg vloog de tijd voorbij, op de terugweg leek ie stil te staan. Michiel Vandeweert, twintig en al zes jaar ouder dan de gemiddelde progeria-patiënt, leeft heel sterk in het nu. Anderen zweven over de tijd heen. En dat heeft allebei zijn waarde. Niet iedereen doet van 'Carpe diem'.

Nog één keer de tijd stilzetten om erover te praten en dan even tijd voor niets. Een beetje luiheid moet kunnen, zoals filosoof Johan Braeckman aanvoert. In zijn essay Luiheid als achtste deugd citeert hij de Amerikaanse essayist Edward Abbey: "Wandelen duurt langer dan eender welke vorm van bewegen. Daardoor rekt het de tijd uit."

Volgende week ga ik wandelen. Dan heb ik even alle tijd. Nu nog even een moment voor Tijd.

U bent morgen van 12 tot 14 uur uitermate welkom in de Maastrichterstraat 11, en nog wel gratis. Maar ook daarna valt er heel wat te beleven op dit evenement: moment.tongeren.be. En zelfs zonder MoMeNT is de stad Tongeren een bezoek waard.



  • Reacties(0)//maandans.frankvanlaeken.eu/#post809

Schuddebol

CommunicatieGeplaatst door Frank Van Laeken za, augustus 11, 2018 18:10:09

De tijd vliegt wanneer je je amuseert. Dat is natuurlijk niet echt zo: een dag duurt dan net zo goed 24 uur, een uur 60 minuten en een minuut 60 seconden. En toch lijken de minder prettige dingen een eeuwigheid te duren en de prettige veel korter te zijn. Dat gevoel had ik gisteren en vandaag ook op de eerste twee middagen van MoMeNT in Tongeren. Het vloog voorbij. Interessante praatgasten, boeiende thema's (Tijd, Deadlines), een publiek dat aandachtig was voor wat geen longread maar een longlisten was. Een format die - komt-ie! - niet van deze tijd is en daardoor net weer wel. Laten we er vooral voor zorgen dat fijne gesprekken even mogen duren en niet vervellen tot momentopnamen, oneliners, slogans, tweets.

Vrijdag waren drie auteurs aan het woord: twee bekroonde vijftigers, Jeroen Olyslaegers en Yves Petry, en één nog niet bekroonde dertiger, Katrijn Van Bouwel. Er is heel veel gezegd in die twee uur en toch heb ik niet heel mijn voorbereiding kunnen gebruiken. Ik had het met 'vrolijke pessimist' Yves nog willen hebben over zijn uitspraak: 'Romans zijn voor mij een manier om betrokken te zijn op mensen.' Jeroen had ik graag een zinnetje uit Wil voorgelegd: 'Moeilijke tijden, zult ge mensen vandaag de dag nog steeds horen zeggen en vooral: dat ge alles in zijn context moet zien.' En met Katrijn wilde ik een boompje opzetten over een zinnetje uit De muze en het meisje: 'Alle tijd is tijd genoeg.' Maar, euh, alle beschikbare tijd was nog niet genoeg.

Beide heren werden bekroond met de Tzum-prijs voor Mooiste Zin van het Jaar. Yves in 2016 voor een zin uit Liefde bij wijze van spreken: 'Ze ging naar bed met jongens op de manier waarop ze vroeger boeken las: omdat ze het gevoel had dat het van haar werd verwacht, niet omdat ze er zelf veel bijzonders van verwachtte.' Jeroen een jaar later voor deze zin uit Wil: 'Mijn ouders zijn nooit pilaarbijters geweest, vooral mijn vader had enkel minachting voor al die lijkbidders in een kerk die devoot met hun handen boven de lakens sliepen en die de soutanedrager achter het altaar beschouwden als hun genadeloze gids in de zoölogie van de lusten.' Die prijs is overigens niet louter symbolisch, er hangt een bedrag aan vast: één euro per woord. Dus ontving Yves Petry netjes 34 euro, en Jeroen 48, die men hem persoonlijk uit Nederland is komen brengen.

Toen dacht ik: ik kan Katrijn niet met lege handen laten vertrekken en ik koos een van de vele prachtige zinnen uit haar debuut. Met name: 'De dooi van de tijd zal ook deze herinneringen wegsmelten, tenzij ik ze kristalliseer, bewaar in een schuddebol, om steeds weer opnieuw tot leven te laten komen.' Ik moet haar 27 euro. En ik heb het beeld van die schuddebol nu in mijn hoofd zitten en denk diep na welke gebeurtenissen ik daarin zou willen vastleggen, om ze heel af en toe kort tot leven te wekken, zoals in het sneeuwlandschap uit de allerbekendste schuddebol. In de eerste plaats: een herinnering aan mijn vader. Hoe meer ik erover nadenk, hoe meer ik die schuddebol een fantastisch idee vind voor een nostalgicus als ik. Maar ik zou er wel zeer spaarzaam mee schudden.

Vandaag ging het over de media, de sector die we onmiddellijk associëren met deadlines. Ivo Vandekerckhove vertelde over de tijd, dertig jaar geleden, toen hij nog lang geen hoofdredacteur van Het Belang van Limburg was, maar regionaal correspondent, en hij veel te laat was met een belangrijke bijdrage over de Kempense Steenkoolmijnen, waarvoor twee pagina's waren vrijgemaakt. De dag nadien verscheen de eerste editie van de krant niet buiten Limburg. De hoofdredacteur van toen produceerde meer decibels dan gebruikelijk.

Eddy Eerdekens, hoofdredacteur van TV Limburg, is lang geleden ook bij die zender als reporter begonnen. Op zekere dag merkte hij onderweg naar de redactie in Houthalen dat er een tankwagen ontploft was en die had op zijn beurt een aantal auto's in de fik gestoken. En hij reed met gierende banden over het brandende asfalt om op de redactie een cameraploeg te zoeken. Het was de tijd vóór de smartphone, de gsm, de videojournalistiek, gevoelsmatig was het maar net ná het stenen tijdperk. De vliegende reporter deed zijn ding en de beelden gingen de wereld rond, tot op CNN toe.

En Christophe Vandegoor deed haarfijn uit de doeken hoe een dag in zijn commentaarcabine tijdens de Tour verloopt. Op de radio hoor je een rustige, vastberaden en vaste stem. Iemand die alles onder controle lijkt te hebben. In werkelijkheid moet hij voor de vuist weg een live verslag geven in twee nieuwsbulletins, wordt hij geacht onmiddellijk daarna het koersverloop opnieuw te becommentariëren, moet hij zijn co-commentator briefen, de sociale en andere media volgen, en de mededelingen op het officiële kanaal van de Tour meepikken. Nou.

De tijd vliegt, jazeker. (Morgen is het al Dag Drie.)

Tot en met zondag 19 augustus ben ik Tijdgeest op MoMeNT in Tongeren en ontvang ik iedere dag drie praatgasten in een leegstaand winkelpand aan de Maastrichterstraat 11. Telkens van 12 tot 14 uur, gratis. Een deel van het gesprek wordt via Facebook Live aangeboden. En er gebeurt dezer dagen nog veel meer moois in de (chronologisch) eerste stad van het land. Alle info: moment.tongeren.be

  • Reacties(0)//maandans.frankvanlaeken.eu/#post808

Tijdgeest

CommunicatieGeplaatst door Frank Van Laeken za, augustus 04, 2018 12:56:01

Wat u één seconde geleden bent beginnen te lezen, is niet meer of niet minder dan een promotionele boodschap. U kunt nog terug.

***

Nu niet meer. Ik wil van deze ruimte — die ik gratis ter beschikking krijg van mezelf — schaamteloos ge- en misbruik maken om een evenement aan te kondigen en aan te prijzen, waar ik zelf nauw mee verbonden ben. Ik ben namelijk van 10 tot en met 19 augustus tien dagen lang 'Tijdgeest' op MoMeNT in Tongeren. Ja, u lacht, maar ik ben het wél en u níet! MoMeNT vindt voor het tweede jaar op rij plaats in een van de oudste steden van het land. Tongeren prijst zichzelf aan als 'eerste stad van België' en wie ben ik om hen tegen te spreken.

Oorspronkelijk heette Tongeren in het Latijn Atuatuca Tungrorum, een Gallo-Romeinse nederzetting die rond vijftien vóór Christus ontstaan is. Vandaag is het een relatief kleine stad (bijna 31.000 inwoners) met een zeer rijke geschiedenis (eerste bisdom van de Lage Landen, bijvoorbeeld), maar die vooral geassocieerd wordt met Ambiorix, koning der Eburonen, die de troepen van Gaius Julius Caesar op zeer listige wijze in een hinderlaag lokte. En dat is ten onrechte, zult u tijdens de tiendaagse vernemen van een historicus. Want Ambiorix verbleef een eind verderop, op de huidige grens van Vlaanderen en Nederland, een kilometer of veertien verwijderd van wat Atuatuca Tungrorum zou worden. Dat standbeeld staat daar dus voor niets te pronken. Fake old news! En hij draagt dan ook nog eens een tuniek die helemaal niet werd gedragen kort voor het begin van onze jaartelling. Dubbele fout!

MoMeNT draait, zoals de naam het al een beetje aangeeft, rond Tijd. Bijna een half jaar lang zijn er zeer uiteenlopende evenementen: tentoonstellingen, theatervoorstellingen, concerten, filmavonden, alles onder de kundige en enthousiaste leiding van intendant Barbara Wyckmans, een naam als een klok (Tijd!) in de Vlaamse culturele wereld. Maar het zwaartepunt ­— en dat heeft niets met mijn embonpoint te maken! — situeert zich dus in die tien dagen in augustus, vanaf komende vrijdag.

Naast het hoofdthema, Tijd, is er ook een subthema: Deadlines. En dat is natuurlijk gefundenes Fressen voor een deadlinevreter als uw dienaar. Deadlines bezorgen mij afwisselend vreugde, adrenaline en stress. Ik kan niet zonder. En ik kan niet met. Ik hou ervan en ik verfoei ze. Deadlines worden bijna uitsluitend geassocieerd met het journalistenbestaan, maar dat is ten onrechte. Iedereen krijgt ermee te maken. Als u om halfzes merkt dat de melk op is en de winkel sluit om zes uur, is dat úw deadline. En dus kan iedereen er een mondje over meepraten.

***

Ik mag — het is écht een privilege! — elke middag in een leegstaand pand in het centrum van Tongeren drie gasten ontvangen, uit zeer uiteenlopende branches. Meer uitleg over wie ze zijn en wat ze doen, vindt u op de website van MoMeNT of op hun Facebook-pagina. De eerste dag komt Jeroen Olyslaegers, de Tijdgeest van vorige zomer, symbolisch de fakkel overdragen. De andere auteurs die dag zijn Yves Petry en Katrijn Van Bouwel. Hoe gaan zij om met hun kostbare tijd, kennen ze deadlines en worstelen ze soms met writer's block? Op dag 2 mag ik mediacollega's verwelkomen: de hoofdredacteuren Ivo Vandekerckhove (Het Belang van Limburg) en Eddy Eerdekens (TV Limburg), en wielercommentator Christophe Vandegoor (Sporza). Zondag 12 augustus ontvang ik diversiteitsdeskundige en ex-profvoetballer Paul Beloy, marketeer/columniste Yasmien Naciri en deken Rik Palmans. Het zal u niet verwonderen dat de multiculturele samenleving, integratie en religie die dag gespreksthema's zullen zijn.

De dertiende is voorbestemd voor mensen met tegenslag in het leven. Michiel Vandeweert (progeria-patiënt die al acht jaar ouder is geworden dan iemand met deze verouderingsziekte meestal wordt), Jan Swerts (muzikant, lijdt aan het syndroom van Asperger, schreef recent over zijn zoontje dat Gilles de la Tourette heeft) en Stijn Coninx (cineast, drie van zijn vier kinderen zijn doof geboren). Maar we gaan het uiteraard ook over prettige en positieve dingen hebben: de optimistische levensfilosofie van Michiel, de 'melanchologische' muziek van Jan, de warme films van Stijn. Op dinsdag 14 augustus gaat het over cultuur in de brede zin van dat woord met Guy Cassiers, artistiek leider van het Toneelhuis, Jo Grootaers, chef-met-één-Michelinster van restaurant Altermezzo, en Zohra, dj-actrice-zangeres. De feestdag die daarop volgt, wordt ingevuld door Robert Cailliau, de Tongenaar die begin jaren 90 mee het World Wide Web heeft uitgevonden, Wilfried Gyselaers, professor-gynaecoloog, en Marina Riemslagh, die u in vijf minuten kan helpen ontstressen (omdat u te veel op dat internet van de heer Cailliau heeft gezeten, bijvoorbeeld).

We zijn voorbij halfweg... Zestien augustus draait alles rond ecologie en klimaat, met Francesca Vanthielen (Klimaatzaak), Ludo Kelchtermans (Nuhma, Limburgs klimaatbedrijf) en verkeersdeskundige Willy Miermans. No Time To Waste! De zeventiende komen drie Limburgse historici elkaar aanvullen: van de Kelten en de Romeinen over de middeleeuwen tot de dag van vandaag: Herman Clerinx, Jan Vaes en Rombout Nijssen. Ze komen u onder meer vertellen dat Ambiorix niet in Tongeren actief was, dat de provincie Limburg eigenlijk Loon had moeten heten en hoe belangrijk Phil Bosmans is geweest.

Voorlaatste dag, zaterdag 18 augustus, kreeg als etiket 'De zoekende mens'. Daar past filosoof Johan Braeckman natuurlijk perfect in, met zijn pleidooi om wat luier te zijn. Luiheid is dan weer niet besteed aan activiste Samira Atillah, heel actief bij het opvangen van vluchtelingen. En Guido Degraen mag als ervaringsdeskundige vertellen hoe je mensen in armoede een beter leven kunt bezorgen. Afronden doen we zondag 19 met politiek: burgemeester Patrick Dewael (Open VLD) en Meryame Kitir (sp.a) hebben al toegezegd. Twee fractieleiders in het federale parlement, de ene behorend tot een partij die mee de coalitie vormt, de andere de flamboyante woordvoerster van de oppositie. Tijd en deadlines in de politiek, ze bestaan zeer zeker. (Riep daar iemand 'Zomerakkoord'?)

Telkens zal de centrale vraag zijn: wat betekent Tijd voor u en hoe gaat u om met deadlines? Maar ik zal uiteraard ook in de ziel van al deze eminente praatgasten proberen te kijken. Hopelijk kunt ook u, beste lezer, er een MoMeNT voor vrijmaken.

MoMeNT - Tijdgeest, van 10 tot en met 19 augustus, 12 tot 14 uur, Maastrichterstraat 11, Tongeren, gratis. De gesprekken zijn ook te volgen via Facebook Live, maar ik zie er beter uit in het echt (smiley!).

moment.tongeren.be (moment.tongeren.be/tijdgeest)

www.facebook.com/MoMeNTcultuurfestival/





  • Reacties(0)//maandans.frankvanlaeken.eu/#post807

Roept u maar!

CommunicatieGeplaatst door Frank Van Laeken za, april 08, 2017 12:58:25

"Geen commentaar". Gevleugelder werden zijn woorden zelden. Daarmee moesten naar beklijvende uitspraken of tersluikse onthullingen peuterende journalisten het, na uren in de druilerige regen gewacht te hebben, meestal stellen. Een beetje bars geformuleerd, zo van: wat staat gij hier nog te doen, manneke? Ga toch naar huis of naar de kroeg! Jean-Luc Dehaene was geen man van het protocol en nog veel meer minder van de spraakmakende oneliner. "Een politicus van de vorige eeuw", noemde hij zich een paar jaar ver in deze eeuw. In die vorige eeuw, de twintigste, mocht u onderweg de tel zijn kwijtgeraakt, hing in vele huishoudens een bordje aan de wand met daarop de tekst "Spreken is zilver, zwijgen is goud". Ouders snauwden hun kroost nog weleens "Ge moet zwijgen aan tafel als de volwassenen spreken!" toe. Op snerpende toon. Zo van: zo is het en niet anders. En zo is het altijd geweest en zal het altijd zijn. Dachten ze.

Zo was het en niet anders. "Geen commentaar" is vandaag "Altijd commentaar" geworden. Wachtende journalisten kunnen besloten vergaderingen nu rechtstreeks volgen. Altijd is er wel iemand die wat er in het diepste geheim gezegd wordt onmiddellijk sms't of whatsapp't naar een bevriende reporter. Als politieke leiders uit de vergadering komen, kunnen de journalisten hen meteen voor de voeten werpen wat ze zelf juist gezegd of gehoord hebben. Er wordt niet meer gehengeld naar hapklare brokjes nieuws. Dat staat al lang op de site ("Later meer..."). Of op Twitter. "Uit betrouwbare bron vernemen we". "BREAKING!" Soms tweet een aanwezige zelf al wat net voordien in alle discretie besproken werd. Altijd commentaar.

De president van Amerika heeft altijd commentaar. Vooraf, op het moment zelf, achteraf. Altijd. En wat zo mooi is: het is traceerbaar. Want het staat op Twitter. Zo konden we de voorbije dagen de uitspraken van Donald Trump, de president, vergelijken met die van Donald Trump, de kandidaat, of Donald Trump, de grofgebekte zakenman. Wat bleek: hij spreekt zichzelf voortdurend tegen. "Niet bombarderen, Obama, dat is niet in ons belang" van een paar jaar geleden werd nu "Obama had al veel vroeger moeten beginnen bombarderen". Alles is verifieerbaar, tegenwoordig, en niemand lijkt daar wakker van te liggen. Meningen zijn tijdelijk geworden, als dagjestoeristen op een zonnige zondag. Ze zijn met veel te veel en op het eind van de dag keren ze naar huis terug, vloekend dat ze met zo veel zijn. De hel, dat zijn de anderen: zij veroorzaken die file op zondagavond.

Een Vlaamse minister citeerde uit een rapport van de Staatsveiligheid, dat ze blijkbaar niet gelezen had. Of niet goed genoeg. Of niet helemaal begrepen. Of die mannen die onze veiligheid moeten garanderen hadden weer eens te veel woordjes uit cryptogrammen opgevist om hun boodschap over te brengen. Lekker geheimzinnig. "Wij hebben dat zo niet bedoeld" werd in haar interpretatie "Ik heb dat zo gelezen". Achteraf volgt dan geen mea culpa en al zeker geen "Ik heb het verkeerd begrepen", o nee. Dat deed ze ook al niet toen ze fout citeerde uit een rapport met armoedecijfers dat nog niet eens bij de drukker lag. Daarin verschillen de machtigste leider van de wereld en een minister in een regionale regering niet van elkaar. Niet toegeven, vooral: níet toegeven! Ook al staat het zwart op wit gedrukt: mensen vergeten dat heus wel. En de achterban pikt het. Vroeger zei men: een krant sterft elke dag. 's Avonds schil je er je patatten op. Vandaag sterft een mening elke dag. Het belangrijkste is: je moet je mening in de groep gooien. Altijd commentaar! Hoe meer meningen, hoe meer vreugd.

Spreken is zilver, zwijgen is goud, ach, vergeet het. Roepen is brons en daarmee mag je toch ook mee op het podium? Het doet deze oudere jongere terugdenken aan een cabaretlied van Frans Halsema uit 1969, Roept u maar! Dat ging zo: Halsema zong een strofe, waarna hij "Roept u maar!", euh, riep naar de zaal. "Ja, roept u maar." "Biafra". "Wat zegt u, Biafra? In Biafra, daar heerst honger, dat is een grote ramp / De vrouwen en de kindertjes, die barsten van de kramp / Ze sterven daar bij bosjes, iedereen heeft diarree / Maar, we zitten hier gezellig en we zitten hier oké". Roept u maar! "Negerprobleem!" "Negerprobleem. De negers in Amerika, dat valt daar ook niet mee / Die zitten d'r niet gezellig en die zitten d'r niet oké / Ik ben tegen discriminatie, dat heeft geen enkele zin / Ik slaap net zo lief met een blanke vrouw als met een negerin."

Roept u maar! Charlie Hebdo! Bataclan! Zaventem! Maalbeek! Nice! Chemische wapens! IS! Stockholm! Unia! Moskee dicht! U roept, wij volgen. De Homo Politicus van 2017 is als een cabaretier die iets oppikt uit het publiek en er vervolgens een rijmpje rond verzint. Klinkt het niet, dan botst het. Botst het, dan is dat maar zo.

***

"Ik ga u weer verlaten, het is weer mooi geweest / Ik moet nog even verder, ik moet nog naar een ander feest / Ondanks alle ellende, viel het allemaal wel mee / Want, we zitten hier gezellig en we zitten hier oké!"

***

Mijn grootmoeder is gestorven. De bomma. 103-5-31. Op het eind worden we allemaal gereduceerd tot een getal, of een reeks getallen. 103 jaar, 5 maanden, 31 dagen. Maar verder: geen commentaar. Zwijgen is goud. En stilte is vaak het mooiste geluid.





  • Reacties(0)//maandans.frankvanlaeken.eu/#post766

Meningitis

CommunicatieGeplaatst door Frank Van Laeken di, november 24, 2015 11:56:06

Ik heb de tel niet bijgehouden. Het moet een veelvoud zijn van het aantal slachtoffers op vrijdag de dertiende in Parijs. Er zit geen lijn in, behalve deze: het is de schuld van de anderen. Altijd. Overal. Iedereen heeft er één, zelfs wie er geen heeft. Meningen. Ik zet het bewust in het meervoud, want wie vandaag a zegt, zegt morgen misschien b, of a', een kleine variante op de oorspronkelijke mening. Het is met meningen in crisissituaties een beetje als met muggen op een regenachtige zomeravond: je zit er niet op te wachten, ze zijn plots met veel, beginnen rond je hoofd te zoemen op zoek naar vers bloed en voor je 't goed en wel beseft begin je zelf wild om je heen te slaan.

Vandaag niet, dus, wat mij betreft. (Ja, dit is een mening.)



  • Reacties(0)//maandans.frankvanlaeken.eu/#post685

Ja, ik blijf nog even

CommunicatieGeplaatst door Frank Van Laeken vr, maart 27, 2015 11:10:43

Ik hou van Twitter. Ik haat Twitter.

Ik hou van Facebook. Ik haat Facebook.

Ik hou van Instagram. Ik haat Instagram.

Drie jaar geleden lachte ik de sociale media nog weg, noemde hen 'asociaal', vond dat ik daar op mijn leeftijd niet meer mee moest beginnen. Ook al omdat ik van mezelf weet dat ik niet tegen minder dan honderd per uur kan leven. In de sociale media duiken zou dus betekenen: er met mijn volle gewicht in duiken. Acht verdwenen kilo's later doe ik dat nog altijd, maar die ietwat schizofrene aanvangshouding is niet echt verdwenen.

Foto's op Instagram zetten, ach, hoe narcistisch wordt het hier eigenlijk? Heel narcistisch, zo blijkt, en ik doe vrolijk mee. Schoorvoetend, nog altijd letterlijk naar het juiste kader zoekend, maar mezelf toch af en toe een heel klein beetje blootgevend. (Figuurlijk, dames, figuurlijk!) Tussen alle rotzooi en 'Zie mij eens geweldig wezen'-poses door zie je er wel eens hele mooie, verfijnde, doordachte, kunstzinnige foto's verschijnen. Kleine pareltjes die een kortstondige glimlach op mijn gegroefde gelaat toveren. Daar doe ik het voor. Ja, ik blijf nog even.

Tussen de schier eindeloze revue van katten, honden, perfecte kinderen, onveranderlijk uitstekende rapporten en 'Zie mij eens geweldig wezen'-tekstjes ontwaar ik op Facebook - het sociale medium waar de meeste platitudes passeren - af en toe een mooi motto van iemand die mij dierbaar is, ik blijf in contact met verre vrienden of kennissen uit lang vervlogen tijden, en ik zie lekker sarcastische opmerkingen verschijnen. Die maken de rotzooi een beetje goed. Ja, ik blijf nog even.

Ik tel inmiddels ruim drieduizend driehonderd volgers meer dan die ene van Nazareth bijna tweeduizend jaar geleden, wat mij soms het valse gevoel geeft dat ik over water kan lopen, maar Twitter bezorgt mij bijwijlen ook een opstoot van energie, een soort Red Bull van de sociale media. Het is prettig dat er mensen die mix van diepe ernst, pogingen tot diepzinnigheid en baarlijke nonsens voldoende te pruimen vinden om er hun kostbare tijd aan te spenderen. Welkom, ga zitten, neem plaats, excuus voor de harde stoelen.

In het beste geval is Twitter een interessant medium om op de hoogte te blijven, zowel van de strikte actualiteit als van waar mensen die ik volg mee bezig zijn. Dank zij Twitter heb ik al heel wat boeiende, interessante mensen mogen ontmoeten, iets wat in het Echte Leven nooit zou gebeurd zijn, omdat ik die mensen voordien van haar noch pluim kende en waarom zou ik ook? Dat is het mooie ervan: je doet ontdekkingen, je komt in contact met soulmates, je raakt bevriend, niet de kunstmatige 'vriendschap' van Facebook, maar échte vriendschap. (Enfin, dat hoop ik toch, slag om de arm houden!) Op zulke momenten overstijgt Twitter zijn eigen doel. Ja, het wordt zowaar een sociaal medium, stelt u zich dat maar even voor.

Maar in het slechtste geval is Twitter een praatbarak waar de decibels ongegeneerd tegen de muren spatten, een cafétoog waar dronken lawaaimakers elkaar verdringen voor een rij verschaalde halfvolle pilsglazen, een speelplaats waar volop gepest, gevochten en nagetrapt wordt, een half ingestorte tempel van het Grote Gelijk waar tegengestelde meningen geofferd worden op het altaar van ieders eigen afgod, een bevreemdend schouwspel dat het midden houdt tussen een Griekse tragedie en een drama van Shakespeare maar dan met minder bevlogen teksten en amateuristische en slecht voorbereide acteurs die 'Zie mij eens geweldig wezen' uitstralen. Op zulke momenten is Twitter een oord om zo snel mogelijk te verlaten. En het ergste is dat zelfs iemand die zich beroept op genuanceerd en met een open geest denken zich soms laat verleiden om mee te beginnen schelden en tieren. Niet slim, Van Laeken, niet slim.

Twitter brengt het mooiste en het lelijkste van de mens samen en dan nog liefst vlak na elkaar, zonder tussenpauze, zonder tijd om op adem te komen. Het lijkt het Echte Leven wel, maar dan verpakt in korte boodschappen van maximaal 140 tekens, alsof je in een gewoon gesprek van abrupt standpunt naar abrupt standpunt zou hakkelen, ondertussen de medeklinkers inslikkend. Gelukkig is er de negeer-knop. En voor de ergste gevallen: de blokkeerknop. Zoals ik precies een jaar geleden al schreef: 'Waarom zou ik dat soort figuren welkom blijven heten? Ik wil nog zelf kunnen kiezen met wie ik op virtueel café ga en in welk etablissement ik dat doe, dankjewel. Ik ben geen skinhead die een robbertje wil gaan vechten aan een punkcafé. Helaas zijn vele anderen dat wel. Als een moderne versie van de middeleeuwse struikrovers liggen ze op de loer, wachtend op hun prooi, om dan genadeloos toe te slaan.'

Er valt veel negatiefs te zeggen op Twitter, maar voorlopig weegt het positieve toch nog behoorlijk door. Ja, ik blijf nog even.



  • Reacties(0)//maandans.frankvanlaeken.eu/#post612

Graag gedaan!

CommunicatieGeplaatst door Frank Van Laeken zo, oktober 19, 2014 12:54:15

"Graag gedaan!". De kans is groot dat het de meest gebruikte frase op radio en televisie is. Op het einde van elk interview, van het meest bitse tot het meest onderdanige, zegt de interviewer (m/v) vriendelijk "Dankuwel voor dit gesprek" tegen zijn interviewee en die repliceert in 99,9% van de gevallen even welgemeend: "Graag gedaan!"

Taalarmoede, beste programmamakers en praatgasten! Doe daar iets aan. Wissel al eens af. Berg die "Graag gedaan!" op en gebruik eens een andere formulering. "Tot uw dienst", bijvoorbeeld, wat is daar mis mee? "Tot genoegen", tja, dan belanden we al snel in oud-Vlaams en wie wil daar nu mee geassocieerd worden, dus liever niet. "Met plezier", ja, dat kan dan weer wel. "Geen dank", ook niets mis mee.

Maar waarom niet nog origineler uit de hoek komen op het einde van een vraaggesprek? Hier volgen een aantal concrete tips.

***

"Is 't al gedaan?"

"Goh, ik dacht dat gij een kritische interviewer waart, maar dat viel nogal tegen."

"Haal die grijns nu maar van uw gezicht, meneer Pauwels!"

"Ge moogt gerust weten dat het dik tegen mijn goesting was!"

"En uw naam was Cornelis? Ha, Ornelis, salut en de kost hé!"

"Hoeveel moet ik u?"

"En u was geslaagd voor het journalistenexamen, meneer Schols?"

"Allee, dan ga ik nu iets interessants doen."

"Eindelijk, nu kan ik mijn kleren aantrekken, want dat begon hier fris te worden."

"Komaan, Wauters, één vraagje nog!"

"Op tv lijkt die studio veel groter."

"Wanneer gaat ge met pensioen, meneer Verstraeten, want gij zijt al lang bezig hé. Ik bedoel daar niks mee, hoor."

"Goed gedaan, jongen!"

"En u gaat dit tot uw 67ste volhouden, ja?"

"Hoe laat is het, want mijn horloge is stilgevallen van al dat geleuter?"

"Jullie hebben mijn bankrekeningnummer toch hé?"

"Amai, nu snap ik waarom z'u De Cobra noemen, madame Cools!"

"Is dat alles dat er is?"

"'Van harte bedankt'? Eerst mij aan de tafel spijkeren en dan 'Van harte bedankt' zeggen? Je meent het niet, Verstraete!"

"Wat zei u?"

"Wat denk je, gaan we samen nog iets drinken, mevrouw Beck?"

***

Tot daar, beste studio- en praatgasten, enkele bruikbare tips om het leven van de kijkers en luisteraars taalkundig te verrijken. Ik reken op u. (Graag gedaan!)



  • Reacties(0)//maandans.frankvanlaeken.eu/#post522

"Geen service"

CommunicatieGeplaatst door Frank Van Laeken za, oktober 18, 2014 12:46:50

Als ik ooit een persoonlijke Wikipediapagina krijg en als daar ooit een overzicht van de hoogte- en dieptepunten van mijn privé- en professionele leven op zou verschijnen, dan zal de datum 17 oktober 2014 een aparte vermelding krijgen. De dag dat het zonlicht volop scheen. De dag dat Theo Francken verder ging met het scherpstellen van het Belgisch record 'Hoe blijf ik ongewild in het oog van de storm staan?'. De dag dat mijn iPhone plots 'Geen service' aangaf en dit ook consequent volhield.

Ik zat in een godvergeten gat in West-Vlaanderen, in the middle of nowhere, het bordje Beschaving voorbij en dan nog een kilometer of vijf, 'Teutereweutere' of zoiets, had net een interview achter de rug en zat in de auto te wachten op een BV die me stipt om twaalf uur ging bellen. 'Geen service'. Waarom heet zo'n ding smartphone? Als hij niet meer werkt is hij geen 'phone' meer en dus allesbehalve 'smart'. Gewoon een rechthoekig spul waar je niets meer mee kunt aanvangen. Brol.

Ik weet niet wat u op zulke momenten doet, maar ik word dan opstandig. Boos. Radeloze consument. Ik vloek en ik tier en ik aanroep veelvuldig een denkbeeldig opperwezen, waar ik verder niets mee heb, maar altijd handig als je iemand de volle laag wil geven en je weet niet direct wie. Een ramp was mij overkomen. Ik was onbereikbaar voor de wereld. On-be-reik-baar. Proef die woorden. Ik bevond me niet in een eindeloze woestijn, noch zat ik in een gevangenenkamp van IS, evenmin liep ik rond op een verre planeet. Egem, als u het echt wil weten, daar zat ik in mijn isolatiecel genaamd auto.

Ik dacht: vlug hiervandaan, weg van deze negorij waar geen connectie is met de moderne beschaving. De iPhone werd af- en opgezet. Af en op. Af en op. Een keer of tien, met telkens een langere tussenpauze. 'Zoeken...'. Een halve minuut later: 'Geen service'. De helse rit naar huis - waar de gewone telefoon wachtte en de pc en wifi en dat soort hypermoderne snufjes - duurde gevoelsmatig forever en nog een paar tellen.

On-be-reik-baar. Ik waande me terug in 1996, het jaar dat ik mijn eerste gsm kocht en vanaf dan on the road mensen kon lastig vallen (en zij mij). Een ongewenste verjongingskuur van achttien jaar. Neen, ik wilde niet per se terug 37 zijn, maar dat tot daaraan toe: ik wilde vooral niet terug naar een tijdperk waarin je mensen niet kon bereiken als je niet toevallig in de buurt van een ouderwetse telefoon stond. Ik wilde dat die bevallige BV mij wel degelijk had kunnen bereiken op dat afgesproken tijdstip. Ik wilde mij geen oude zak voelen.

Enfin, 'Geen service' ging thuis na het uitproberen van de sim-kaart in de iPhone van een vriendin over in 'Geen simkaart'. Niet echt een geruststelling, maar wel een duidelijke diagnose. De hele avond lag dat hebbeding binnen handbereik: je weet maar nooit dat dat plots, out of the blue, weer begint te werken en ik mijn zelfbedachte slimmigheidjes op Twitter kon formuleren of mijn Facebook-status checken of iets posten op Instagram (helaas geen selfies gemaakt van de Boze Ik in Teutereweutere!). Niets van dat alles. Braafjes tv kijken, op zijn 1996's. Passief en al.

Ik ben opgegroeid zonder gsm, zonder internet, zonder mail, een tijdje zonder kleurentelevisie zelfs: je zou denken dat ik dan bestand ben tegen zo'n tegenslagje en dat ik onbereikbaarheid zou kunnen relativeren. Neen, dus. Ik ben een éénentwintigste-eeuwse krijger geworden en ik was in "I'm mad as hell and I'm not going to take this anymore"-modus. Een verwend jochie dat heel even afgesloten was van de virtuele wereld, lost in Cyberspace, met dat enge gevoel dat je belangrijke gebeurtenissen aan het missen bent. Vroeger had ik dat wel eens als ik op café zat en altijd tot de laatste man op een krukje bleef zitten om toch maar niets te hoeven missen. Er gebeurde zelden iets interessants, maar hé, ik had toch maar lekker niets gemist van dat Niets. Een iPhone die dienst weigert, dat kwam voor mij overeen met buitengesloten worden uit dat café van weleer. Een regelrechte ramp. On-be-reik-baar. Niet op de hoogte.

Zo, en nu even terug naar 1996. Tot ik een nieuwe simkaart heb. Als ik dan nog altijd 'Geen service' op mijn schermpje te lezen krijg, sta ik niet in voor de gevolgen. Misschien rij ik dan wel naar Teutereweutere, om af te koelen. Of om deel te nemen aan het WK Smartphonewerpen.



  • Reacties(0)//maandans.frankvanlaeken.eu/#post521
Volgende »